Metselwerk en Boogconstructies in Bouwgeschiedenis en Restauratie

Metselwerk en boogconstructies vormen een essentieel onderdeel van de bouwgeschiedenis, zowel qua functionele stevigheid als qua esthetiek. In Nederland, waar baksteenmetselwerk vanaf de 12e eeuw al een grote rol speelde, zijn deze technieken diep geworteld in de architectuur. Het metselen van gewelven en het herstellen van historische boogconstructies vereisen niet alleen technische kennis, maar ook een diepe waardering voor de originele bouwmethoden en materialen.

In dit artikel zullen we een diepgaand overzicht geven van metselwerk en boogconstructies, met aandacht voor de historische context, het gebruik van materialen, de technieken in restauratie en de rol van metselwerk als onderdeel van bouwhistorie. We zullen onder andere belichten hoe metselwerk zich ontwikkelde in de loop van de eeuwen en hoe moderne restauratiemethoden de oude ambachtelijke werkwijzen weer tot leven brengen.

Wat is metselwerk?

Metselwerk bestaat uit stenen die met mortel aan elkaar worden verbonden. Na verharding van de mortel ontstaat er een versteend geheel. In Nederland zijn de meeste oude gebouwen en monumenten opgebouwd uit metselwerk van baksteen. Naast baksteen kan er ook worden gemetseld met natuursteen, kunststeen, betonsteen en kalkzandsteen. De manier waarop de stenen gestapeld worden, wordt het metselverband genoemd.

Historische ontwikkeling

De Romeinen waren meesters in het metselen met baksteen en natuursteen. Na de val van het Romeinse Rijk verdween het gebruik van baksteen in Nederland tot het midden van de 12e eeuw, waarin het bakken van baksteen opnieuw op gang kwam. In de loop der tijd zijn er veel veranderingen geweest in het metselwerk. Tegenwoordig zijn metselwerkwanden stijver dan vroeger, vooral door het gebruik van portlandcement sinds de tweede helft van de 19e eeuw. Vroeger werd er gemetseld met kalkmortels, die flexibeler zijn en beter vocht kunnen transporteren.

Kalk is een bindmiddel dat zich goed gedraagt in buitenmuren. Kalkmortels nemen eenvoudig vocht op en kunnen het ook snel weer afstaan, wat van belang is bij regen en woonvocht. Portlandcement daarentegen is stijver en minder flexibel. Hierdoor kunnen kalkvoegen zacht zijn in vergelijking met de omringende bakstenen, wat voordelig is bij buitenmuren.

Schoon en vuil werk

Metselwerk dat in het zicht is, wordt 'schoonmetselwerk' genoemd. Dit metselwerk moet recht gemetseld zijn, met rechte lintvoegen, en bestaat uit schone en goede kwaliteit metselstenen. Als het metselwerk niet in het zicht blijft, wordt het 'vuilwerk' genoemd. Vuilwerk mag wat minder recht gemetseld worden, omdat het later bedekt wordt met een afwerklaag, zoals pleisterwerk of schildering. Schoon metselwerk vormt de huid van vrijwel alle oude gebouwen en is daarom sterk bepalend voor het uiterlijk van het gebouw.

Boogconstructies en gewelven

Boogconstructies en gewelven zijn architectonische elementen die al sinds de oudheid worden gebruikt. Ze vormen een essentieel onderdeel van de constructie van kathedralen, kerken, bruggen en andere historische gebouwen. Het metselen van gewelven is een complexe en ambachtelijke taak die weinig regelmatig voorkomt.

De praktijk van gewelven metselen

Het metselen van gewelven vereist het gebruik van hulpconstructies, ook bekend als 'formelen'. Deze tijdelijke structuren ondersteunen het gewelf tijdens het metselen. Na het metselen laat men de formelen 2 tot 3 centimeter zakken, zodat het gewelf zich kan zetten. Het is van belang dat de vloer waarop de formelen worden geplaatst, sterk genoeg is om het gewicht van de constructie te dragen.

Het metselen van gewelven vereist niet alleen technische kennis, maar ook een diepe zoektocht naar historische bouwmethoden en materialen. In het boek Gewelven metselen, geschreven door Klaas Boeder en Willard van Reenen, wordt deze kennis gedetailleerd beschreven. Het boek is ontstaan uit de ervaringen bij de herbouw van de gewelven in de Urbanuskerk in Amstelveen, die volledig verwoest werden door een brand. Het metselen van deze gewelven bood metselaars de kans om hun ambacht opnieuw te ontdekken.

Het belang van origineel metselwerk

Origineel metselwerk en voegwerk zijn belangrijke historische getuigen van bouwpraktijken uit een bepaalde periode. Het is zogezegd 'gestolde geschiedenis' en een belangrijk bouwhistorisch gegeven. Het metselwerk bepaalt ook in hoge mate het karakter van een gebouw. Het is de huid van het gebouw. Het uiterlijk van een modern strengperssteen platvol en doorgestreken gevoegd verschilt sterk van dat van een handgevormd gevelklinkertje met een gesneden voeg.

Patina speelt ook een rol in de waarde van metselwerk. Door de tijd ontstaat er een zachte slijtage en een karakteristieke kleur op de stenen. Deze patina dient te worden bewaard, omdat het verouderingsproces versneld kan worden door het verwijderen van de bakhuid van de bakstenen. Bij gevelreiniging kan deze patina echter gemakkelijk worden beschadigd.

Het herstellen van metselwerk

Het herstellen van metselwerk vereist een duidelijke kennis van de oorspronkelijke materialen en technieken. Het mortelsamenstel moet worden afgestemd op het bestaande metselwerk. Zo hoort bij een zachte steen een zachte mortel met veel kalk en weinig of geen cement. Dit is vooral van toepassing op metselwerk vóór 1890.

Het gebruik van Portlandcement bij herstel is niet aan te raden, omdat het stijver is en minder flexibel werkt dan kalkmortel. Hierdoor kunnen zettingen en temperatuur-spanningen niet goed worden opgenomen, wat leidt tot scheurvorming en het verliezen van samenhang in het metselwerk.

Een vergelijking van oude en moderne mortels

Oude mortels (voor 1890) Moderne mortels (na 1890)
Gemetseld met zachte poreuze kalkmortels, versteent met koolzuur uit de lucht, mortel is elastisch. Gemetseld met harde weinig poreuze Portlandcement, versteent door chemische reactie met het aanwezige water.
Vervorming als gevolg van beperkte zettingen kunnen gemakkelijk worden opgenomen zonder dat de samenhang van het metselwerk verloren gaat. Zettingen kunnen niet zonder scheurvorming opgenomen worden, samenhang van het metselwerk gaat verloren.

Deze verschillen zijn belangrijk bij de keuze van mortel voor herstel- en restauratieprojecten. Het gebruik van een mortelsamenstelling die niet afgestemd is op het oude metselwerk, kan leiden tot structurele problemen en verlies van originele eigenschappen.

Technieken in metselverband

Het metselverband is de manier waarop de stenen worden gestapeld. Bekende verbanden zijn:

  • Klezorenverband: Een sierlijk verband waarin de strekken verspringen ten opzichte van elkaar met een klezoor.
  • Wildverband: Een verband dat in de tweede helft van de twintigste eeuw ontstond, waarbij de stenen niet langer werden geselecteerd. Wordt vaak gebruikt voor halfsteensmuren, zoals buitenspouwbladen.

Metselwerk kan ook worden gebruikt voor afwerkingen zoals rollagen, strekken of bogen. Deze afwerkingen komen bijvoorbeeld voor boven en onder kozijnen, als muurafdekking of als overgang tussen gevelstenen.

Conclusie

Metselwerk en boogconstructies zijn niet alleen functioneel belangrijk, maar ook essentieel voor de architectonische en historische waarde van gebouwen. Het herstellen en restaureren van metselwerk vereist een diepe kennis van de originele bouwmethoden en materialen. Kalkmortels zijn vaak beter geschikt dan Portlandcementmortels, vooral bij oude gebouwen. Het gebruik van hulpconstructies zoals formelen is essentieel bij het metselen van gewelven.

Het boek Gewelven metselen is een waardevolle bron voor restauratiemetselaars en professionals in de bouw. Het biedt een overzicht van de ambachtelijke werkwijzen die nodig zijn bij de reconstructie van historische gewelven. Het bewaren van origineel metselwerk en patina is van groot belang om de historische en esthetische waarde van gebouwen te behouden.

Bronnen

  1. Restauratiecentrum blog - Gewelven metselen herontdekt
  2. Agriwiki - Metselwerk
  3. Schildersvak - Verbindingen en constructies van steenachtige materialen

Related Posts