Het uitharden van metselwerk: Belangrijke aandachtspunten en technieken
Het uitharden van metselwerk is een cruciale fase in de constructie of restauratie van gebouwen. Tijdens deze periode vindt de chemische reactie van het bindmiddel plaats, wat leidt tot de vorming van een stevige structuur. Dit proces bepaalt niet alleen de sterkte van het metselwerk, maar ook de duurzaamheid en esthetiek ervan. Bij het uitharden moeten verschillende factoren worden meegenomen, zoals de samenstelling van de mortel, de omgevingstemperatuur, vochtgehalte en de mogelijke invloed van zouten of sulfaten.
In dit artikel worden de belangrijkste aspecten van het uitharden van metselwerk besproken. We kijken naar de invloed van het type bindmiddel, de rol van temperatuur en vocht, en de maatregelen die genomen kunnen worden om schade te voorkomen. Daarnaast wordt ingegaan op de praktijk van het metselen onder koude of regenachtige omstandigheden en de stappen die genomen moeten worden om een duurzame en stevige constructie te verkrijgen.
De samenstelling van mortel en de invloed op het uitharden
De samenstelling van de mortel speelt een belangrijke rol in het uithardenproces. De keuze voor een luchtkalkmortel, een hydraulische mortel of een bastaardmortel heeft gevolgen voor de hardingsnelheid, de sterkte en de stabiliteit van het metselwerk.
Luchtkalkmortel
Luchtkalkmortel is geschikt voor metselwerk dat zich meestal droog bevindt, zoals binnenmuurwerk of gewelven. Dit type mortel uithardt door oxidatie in de lucht en heeft geen direct contact met water nodig. Het is een zachte mortel die goed kan meewerkzaam zijn met de vervormingen van het metselwerk. Dit is belangrijk om schade te voorkomen in oude of gevoelige constructies. Luchtkalkmortel is vaak het keuzebindmiddel bij de restauratie van monumenten, omdat het de eigenschappen van historische mortels het beste nabootst.
Hydraulische mortel
Hydraulische mortel uithardt ook in water en is dus geschikt voor constructies die continu in contact staan met water, zoals funderingen, kademuren of trasramen. Hydraulische mortels bevatten bindmiddelen die harden door chemische reactie met water. Deze mortels zijn sterker en hebben een grotere hechting dan luchtkalkmortels, wat gunstig is voor zwaar belaste metselwerken.
Een hydraulische mortel kan gemaakt worden uit hydraulische kalk, cement of een combinatie van kalk en cement (bastaardmortel). Traskalkmortels zijn een vorm van hydraulische mortels waarbij tras (puzzolaan) wordt toegevoegd aan de kalk. Dit zorgt voor een betere hechting en vermindert de porositeit van de mortel. De verhouding tussen tras en kalk is belangrijk: het volume tras mag niet groter zijn dan het volume luchtkalk, en het volume zand mag niet groter zijn dan drie keer het volume kalk plus tras.
Invloed van zouten en sulfaten
Een cruciale factor bij de keuze van het bindmiddel is de aanwezigheid van bouwschadelijke zouten, zoals sulfaten. Deze zouten kunnen reageren met componenten uit hydraulische bindmiddelen en leiden tot zwellende verbindingen zoals ettringiet en thaumasiet. Deze reacties veroorzaken expansie in de mortel, wat leidt tot scheuren en losse voegen.
Sulfaten zijn vaak aanwezig in de grond of worden afkomstig uit het zand dat wordt gebruikt in de mortel. Bij de restauratie van monumenten is het daarom belangrijk om mortels te kiezen die resistent zijn tegen sulfatenaanval, zoals hoogovencement, portlandcement met laag C3A-gehalte of luchtkalk. Het gebruik van deze bindmiddelen zorgt voor een langere levensduur van het metselwerk en voorkomt schade.
Invloed van temperatuur op het uitharden
Temperatuur is een belangrijke factor in het uithardenproces van mortel. Het uitharden is een chemische reactie die afhankelijk is van de temperatuur: hoe hoger de temperatuur, hoe sneller de reactie verloopt. Echter, extreem hoge of lage temperaturen kunnen het proces negatief beïnvloeden.
Werk bij koude temperaturen
Bij temperaturen onder 0 °C kan het "vers" metselwerk bevriezen. Dit leidt tot schade aan de structuur van de mortel en kan het uitharden volledig verstoren. Wienerberger adviseert om bij luchttemperaturen lager dan 0 °C beschermende maatregelen te nemen bij de verwerking van bakstenen. Dit betekent dat het metselwerk moet worden beschermd tegen directe invloeden van vorst. De mortel moet voldoende tijd krijgen om te uitharden voordat deze wordt blootgesteld aan vorst of vocht.
Ook bij temperaturen boven 0 °C, maar onder 5 °C, is het metselen niet aan te raden. Deze temperaturen vertragen het uithardenproces aanzienlijk en kunnen leiden tot een onvoldoende hardheid van de mortel. In zo’n geval is het beter om de klus uit te stellen tot er gunstigere omstandigheden zijn.
Het metselen bij regenachtig of vochtig weer
Het metselen bij regenachtig of vochtig weer is ook niet aan te raden. Regen kan de mortel verdunnen en de samenstelling veranderen, wat leidt tot een minder stevige uitharding. Bovendien kan vocht het uithardenproces vertragen. Het is daarom belangrijk om de klus uit te voeren bij droog weer, waarbij de mortel kan uitharden zonder hinder van regen of vocht.
Praktijk: Stappen bij het metselen van een pilaster of pilaar
Bij de constructie van een pilaster of pilaar zijn verschillende stappen belangrijk om ervoor te zorgen dat het metselwerk goed uithardt. Hieronder worden de belangrijkste stappen beschreven, gebaseerd op een praktijkvoorbeeld.
Uitgraven van een diep en voldoende ruim gat
Het uitgraven van de locatie waar de pilaster moet komen is de eerste stap. De fundering van de pilaster moet op de vorstgrens geplaatst worden, die zich op een diepte van ongeveer 60 centimeter bevindt. Als de grond onder een object bevriest en vervolgens ontdooit, kan dit leiden tot verplaatsing van de fundering en vervorming van het metselwerk. Het is daarom belangrijk om de fundering diep genoeg te maken.
Bekisting en bewapening
Voor de fundering is het nodig om bekisting te plaatsen en bewapening toe te voegen. De bekisting zorgt voor de juiste vorm van de fundering, terwijl de bewapening de treksterkte van het beton verhoogt. Deze maatregelen zijn essentieel om ervoor te zorgen dat de fundering de belasting van de pilaster kan dragen.
Storten van beton
Nadat de bekisting is geplaatst, wordt het beton gestort. Het beton moet homogeen zijn en voldoende sterk om de pilaster te ondersteunen. Het is belangrijk om de betonmassa goed te mengen en eventueel luchtbelletjes te verwijderen om lekkages en zwakke plekken te voorkomen.
Metselen van de pilaster
Zodra het beton volledig is uitgehard – meestal na ongeveer twee weken – kan het metselen van de pilaster beginnen. Het is belangrijk dat het weer gunstig is bij het metselen: geen kou of regen. Bij het metselen van pilasters is het gebruik van stelpilasters aan te raden, vooral bij minder ervaren metselaars. Deze hulpmiddelen zorgen voor rechte lijnen en een stabiele constructie.
Voegen en afwerken
Na het metselen volgt het voegen van de pilaster. Het voegwerk moet zorgvuldig uitgevoerd worden om ervoor te zorgen dat het visueel aantrekkelijk is en het metselwerk goed beschermd wordt. Het voegwerk moet voldoende tijd krijgen om te uitharden voordat het wordt beschermd tegen direct zonlicht, wind of regen. Het gebruik van jute doeken is aan te raden om het voegwerk te beschermden.
Elektriciteitsinstallatie en afwerking
Tijdens het metselen van de pilaster wordt de elektriciteitsinstallatie meegenomen. Het is belangrijk dat de kabels goed worden aangebracht en beschermd tegen schade. Na het metselen wordt de installatie afgekapt en wordt een paalafdekker geplaatst. Dit zorgt voor een nette afwerking en beschermt het metselwerk tegen vocht en schade.
Het afwerken van mortel en voegen
Na het metselen en voegen is het belangrijk om de mortel zorgvuldig af te werken. Dit is niet alleen belangrijk voor het visuele effect, maar ook voor de duurzaamheid van het metselwerk. De mortel moet zorgvuldig worden geborsteld, afgeveegd of beslaan om de gewenste textuur te verkrijgen. Deze stappen moeten uitgevoerd worden zodra de mortel stevig genoeg is om te vegen zonder te smetten, maar nog steeds vervormbaar genoeg is om te bewerken.
Bij voegwerk in buitengevels is het belangrijk om ervoor te zorgen dat de mortel niet uitdroogt. Het voegwerk moet regelmatig met schoon water worden besproeid om het uithardenproces te ondersteunen. Daarnaast moet het voegwerk beschermd worden tegen direct zonlicht en wind om scheuren te voorkomen.
In de winter is het extra belangrijk om het voegwerk te beschermden tegen vorst en regen. Het gebruik van jute doeken in zowel zomer- als winterkwaliteit is aan te raden. Deze doeken zorgen voor een constante vochtbalans en voorkomen dat het voegwerk uitdroogt of beschadigd raakt.
Conclusie
Het uitharden van metselwerk is een complex proces dat wordt beïnvloed door verschillende factoren, zoals de samenstelling van de mortel, de temperatuur, het vochtgehalte en de aanwezigheid van zouten. Het kiezen van het juiste bindmiddel en het uitharden onder gunstige omstandigheden zijn essentieel voor de duurzaamheid en sterkte van het metselwerk.
Bij de restauratie van oude gebouwen of de constructie van nieuwe constructies is het belangrijk om aandacht te besteden aan de eigenschappen van de mortel en de omgevingsfactoren tijdens het uitharden. Door de juiste stappen te volgen en de juiste maatregelen te nemen, kan men ervoor zorgen dat het metselwerk langdurig en stevig blijft.
Bronnen
Related Posts
-
Het verbruik van metselspecie per m² metselwerk: berekening, factoren en tips
-
Veranda met metselwerk: functie, esthetiek en realisatie
-
Ventilatieroosters in metselwerk: functie, typen en toepassing
-
Ventilatie in metselwerk: Belang, uitvoering en materialen
-
Van Dijk Metselwerken: Een overzicht van familiebedrijven en vakmanschap in de bouw
-
Uitzettingscoëfficiënt en Dilatatievoegen in Baksteenmetselwerk: Belangrijke Aandachtspunten voor Duurzame Constructies
-
Uitstekend Metselwerk: Belangrijke Factoren voor Kwaliteit en Duurzaamheid
-
Uitslag op metselwerk: oorzaken, vormen, voorkoming en verwijdering