Historische en huidige ontwikkelingen in Asten: van bouwpraktijken tot duurzame verduurzaming
In de loop der eeuwen heeft Asten, een historisch rijke gemeente in Noord-Brabant, verschillende fasen doorlopen in bouwpraktijken, eigendomssystemen en infrastructuur. Van de 17e tot de 21e eeuw is duidelijk een evolutie te bespeuren in de manier waarop gebouwen en grond zijn beheerd, en hoe gemeenschappen omgaan met bouwen, wonen en energie. Deze evolutie zet zich nu voort in de huidige benadering van duurzame energieopwekking, zoals aangegeven in recente initiatieven en visies op energietransitie.
In dit artikel worden de historische bouwpraktijken en eigendomssystemen in Asten belicht, met een blik op hoe de gemeente zich vandaag de dag aanpast aan de uitdagingen van de energietransitie. Daarnaast wordt ingegaan op actuele benaderingen van energieopwekking in het buitengebied en de rol van gemeenschap en logistiek in de huidige bouw- en woningmarkt. De informatie is gebaseerd op historische documenten uit het Asten Rechterlijk Archief en op recente visies van lokale en nationale partijen.
Bouwpraktijken en eigendom in de 17e en 18e eeuw
Asten kent een rijke geschiedenis van landbouw, eigendom en bouwen. In de 17e en 18e eeuw werden landen en tienden systematisch verpacht, zoals blijkt uit documenten uit de periode rond 1731. Marten Cornelis van Berensteyn, Heer van Maurick, was een van de belangrijkste figuren in deze tijd. Hij verpacht clampentienden in Asten, wat betekent dat hij de rechten had om een deel van de oogst in te zamelen.
In 1731 werd bijvoorbeeld de helft van de tienden in Legendijck verpacht aan Jan Janssen van Dijck voor 33 vat rogge en f 19.06.00. In het Hoogdijck was Jan Verberne pachter van 64 vat rogge voor f 38.08.00. Dit systeem van tienden en clampen was karakteristiek voor de landbouwpraktijken in die tijd en gaf inzicht in de economische structuur van Asten. Deze praktijk had ook directe gevolgen voor de bouw en woningbouw, omdat landbouwproducten de basis vormden voor levensonderhoud, en dus ook voor de bouwactiviteiten in de gemeente.
Naast de verpacht landen en tienden, is er ook sprake van een vaste en roerende goederenverdeling. Jochem Cornelis en Maria Jansen van den Bergh bezaten vastgoed zoals land in Riethoven, Knegsel en Brasel. Roerende goederen omvatten onder andere beddengoed, keukengerei en landbouwgereedschappen. Dit toont aan dat het bezit van zowel vastgoed als beweegbare eigendommen essentieel was voor het dagelijks functioneren van boeren en bewoners in Asten.
De tienden zelf waren een belangrijk onderdeel van de economie. De klamptienden, zoals de Witveltse tiende, werden jaarlijks belast met een vaste hoeveelheid rogge. Deze belasting was niet alleen een bron van inkomsten voor de heer, maar ook een vorm van sociale verantwoordelijkheid. In 1748 werd bijvoorbeeld een tiende belast met 12 vat rogge per jaar aan de Kempenaar, wat aantoont dat er een systeem was waarin de landeigenaar verantwoordelijk was voor het welzijn van zijn boeren en bewoners.
Sociale en economische veranderingen in Asten
De overgang van een agrarische naar een meer industrieel en dienstverlenend maatschappij is ook zichtbaar in Asten. Rond de eeuwwisseling van de 19e naar de 20e eeuw nam het aantal arbeiders en arbeidsters toe, vooral door de toename van fabrieken in de gemeente. Met de komst van de tramlijn naar Helmond in de late 19e eeuw verschenen beroepen als machinist en tramconducteur, wat een eerste stap was naar een modernere infrastructuur en economie.
Naast het industriele aandeel, was de dienstverlenende sector ook sterk vertegenwoordigd. Er viel op dat het aantal dienstmeiden, dienstboden en dienstknechten groot was, maar dat dit aantal snel afnam in de loop van de 20e eeuw. Deze arbeiders kwamen vaak van buiten Asten en verblijven daar korte tijd, wat suggereert dat de gemeente zich in die tijd nog niet volledig had ontwikkeld tot een centrum van woon- en werkplekken.
Deze veranderingen hadden ook gevolgen voor bouwactiviteiten. De stijgende vraag naar woningen en industriële ruimte leidde waarschijnlijk tot een toename in bouwprojecten en de constructie van nieuwe woningen en bedrijven. Aan de andere kant kan ook worden aangenomen dat er in die tijd minder nadruk lag op duurzaamheid en energie-efficiëntie, gezien de huidige focus op energietransitie.
Historische bouwtechnieken en materialen
De beschikbare informatie over historische bouwtechnieken in Asten is beperkt. Uit de bronnen blijkt echter dat de bouwpraktijken sterk verbonden waren met de agrarische economie. Gebouwen werden waarschijnlijk gemaakt van lokale materialen zoals hout en leem, aangezien er geen meldingen zijn van het gebruik van steen of beton. Dit is typisch voor de bouwpraktijken in de 17e en 18e eeuw in veel delen van Noord-Brabant en Limburg.
De vermelding van de tienden en clampen suggereert dat er ook gebouwen waren die specifiek werden gebruikt voor de opslag en verwerking van landbouwproducten. Dit betekent dat er waarschijnlijk silos, schuren en andere landbouwgebouwen waren die essentieel waren voor de economie van de tijd.
Er is ook sprake van een bepaalde bouw- en woningbouwpraktijk in de vorm van tienden en clampen. Deze structuren konden leiden tot het opbouwen van een vaste woningbeheerstructuur, waarin de heer of landeigenaar een rol had in het beheer van de eigendommen van zijn boeren. Het is mogelijk dat deze structuur ook invloed had op de bouw en sloop van woningen, aangezien er sprake was van een vaste verdeling van grond en opbrengsten.
Huidige ontwikkelingen in energie en duurzame bouw
In tegenstelling tot de historische bouwpraktijken, is de huidige benadering van bouwen en energieopwekking sterk gericht op duurzaamheid en efficiëntie. In het kader van de energietransitie speelt Asten een rol in het opwekken van duurzame energie, zoals verduurzaming in het buitengebied. Dit is onder andere te zien in initiatieven van lokale partijen die samenwerken met nationale programma’s.
Een voorbeeld hiervan is het programma dat Gerrie Fenten bij NPRES benadrukt, waarin de nadruk ligt op het combineren van opgaven in het kader van energieopwekking. In het landelijk gebied, zoals Asten, is er sprake van beperkte ruimte, wat leidt tot de vraag hoe duurzame energieopwekking kan worden gecombineerd met bestaande activiteiten zoals melkveehouderij.
Een van de oplossingen die wordt overwogen is verticaal geplaatste zonnepanelen, in plaats van de klassieke horizontale opstelling. Deze aanpak zou minder vruchtbare grond in beslag nemen en dus geschikter zijn voor landelijke gebieden. Daarnaast wordt er onderzoek gedaan naar het businessmodel dat hierbij hoort, zodat deze aanpak niet alleen technisch haalbaar is, maar ook economisch rendabel.
Rob Meulendijks, een commercieel manager met ervaring in de afvalwereld, benadrukt in zijn visie dat de realisatie van duurzame projecten tijdrovend en complex is. Hij stelt dat het beter is om meer tijd te steken in projecten die breed bijdragen aan de verduurzaming, dan in projecten die snel meer stroom kunnen opwekken. Deze visie benadrukt de balans tussen technologische innovatie en maatschappelijke draagkracht.
De rol van logistiek en infrastructuur in de huidige bouwsector
Naast energieopwekking speelt ook de logistiek een belangrijke rol in de huidige bouwsector. Rob Meulendijks benadrukt dat het belangrijk is om klanten te bezoeken en hun afvalstromen in kaart te brengen. Deze aanpak helpt om kosten te minimaliseren en opbrengsten te maximaliseren, wat ook van toepassing kan zijn op duurzame bouwprojecten.
In de context van Asten betekent dit dat er een sterke focus is op de logistiek en de aanwezigheid van personeel in het straatbeeld. Uniform geklede medewerkers en professioneel uitziende voertuigen vormen een visitekaartje en draagen bij aan herkenbaarheid. Deze aanpak kan ook van toepassing zijn op bouwbedrijven en woningbouwmaatschappijen die werken in Asten, aangezien het draagt bij aan vertrouwen en professionaliteit.
Bij het bouwen van nieuwe woningen of het renoveren van bestaande gebouwen is logistiek een cruciale factor. Het transporteren van bouwmaterialen, het beheer van afvalstromen en het coördineren van diverse partijen vereist een goed functionerend logistiek systeem. In Asten, waar de infrastructuur historisch gezien is ontwikkeld, kan dit systeem worden verbeterd door moderne technieken en benaderingen te gebruiken.
Duurzame renovatie en energie-efficiëntie
De nadruk op energie-efficiëntie en duurzame renovatie is ook zichtbaar in de huidige bouwsector. In het kader van de energietransitie zijn er verschillende initiatieven die gericht zijn op het verbeteren van de energieprestatie van bestaande woningen. In Asten kan dit bijvoorbeeld gaan over het isoleren van muren, het vervangen van ramen en het installeren van duurzame warmteproductie zoals zonnepanelen of warmtepompen.
De beschikbare informatie over historische bouwpraktijken suggereert dat de energieprestatie van oude gebouwen in Asten waarschijnlijk laag was, gezien de gebruikte materialen en bouwtechnieken. Dit betekent dat er ruimte is voor verbetering, zowel qua isolatie als qua energieopwekking. In combinatie met de actuele benadering van energieopwekking in het buitengebied kan Asten een rol spelen in de verduurzaming van zowel nieuw gebouwde woningen als gerenoveerde bestaande woningen.
Een ander aspect van duurzame renovatie is de gebruikte materialen. In tegenstelling tot de historische bouwpraktijken, waarin lokale materialen werden gebruikt, zijn er vandaag de dag meer opties voor duurzame materialen, zoals gecertificeerd hout, isolatiematerialen met een laag CO2-voetafdruk en duurzame verf. Deze materialen kunnen worden ingezet bij renovaties in Asten om de energieprestatie van woningen te verbeteren en tegelijkertijd de duurzaamheid te bevorderen.
De rol van gemeenschap in bouw en woningbouw
De rol van de gemeenschap in de bouw- en woningbouwsector is ook een belangrijk thema. In de historische context was de gemeenschap sterk verbonden met de landbouw en de tienden, wat leidde tot een vorm van collectieve verantwoordelijkheid. In de huidige tijd is deze rol veranderd, maar blijft het belangrijk om de gemeenschap te betrekken bij bouwprojecten en energieinitiatieven.
In het kader van de energietransitie in Asten is het belangrijk dat er een bredere draagkracht is voor duurzame projecten. Rob Meulendijks benadrukt dat het beter is om projecten te realiseren die breed bijdragen aan de verduurzaming, in plaats van projecten die alleen gericht zijn op de opwekking van duurzame stroom. Deze visie benadrukt de noodzaak voor een collectieve benadering van energie- en bouwprojecten.
In Asten kan dit betekenen dat er samenwerking is tussen lokale partijen, zoals woningbouwmaatschappijen, gemeenten en particuliere ontwikkelaars. Deze samenwerking kan leiden tot innovatieve oplossingen die niet alleen technisch haalbaar zijn, maar ook maatschappelijk draagbaar. Door de gemeenschap te betrekken bij de besluitvorming en de implementatie van bouwprojecten, kan er worden gewerkt aan een duurzame toekomst voor Asten.
Toekomstvisies en uitdagingen
De toekomstvisies voor Asten zijn sterk gericht op duurzame energieopwekking en efficiënte bouwpraktijken. In het kader van de energietransitie is het belangrijk om zowel het binnen- als het buitenland in te zetten. In het buitengebied kan duurzame stroom worden opgewekt door zonnepanelen, windturbines of andere technieken, terwijl in het binnenstadsgedeelte gerenoveerde woningen en nieuwe bouwprojecten bijdragen aan een lagere CO2-uitstoot.
Een van de uitdagingen is echter de beperkte ruimte, zoals benadrukt door Gerrie Fenten. In het landelijk gebied is er weinig ruimte voor nieuwe energieopwekking, wat leidt tot de noodzaak van innovatieve oplossingen zoals verticaal geplaatste zonnepanelen. Deze oplossing is technisch haalbaar, maar vereist ook een nieuw businessmodel dat rendabel is en schaalbaar kan worden.
Daarnaast is er ook een uitdaging qua coördinatie. Het realiseren van duurzame projecten vereist samenwerking tussen verschillende partijen, zoals energiebedrijven, bouwbedrijven, woningbouwmaatschappijen en gemeenten. In Asten is het belangrijk om deze samenwerking te vergemakkelijken, zodat projecten efficiënt en op tijd worden gerealiseerd.
Conclusie
Asten heeft een rijke bouw- en woninggeschiedenis, met bouwpraktijken en eigendomssystemen die in de loop der eeuwen zijn veranderd. Van de tienden en clampen in de 17e eeuw tot de huidige benadering van duurzame energieopwekking in het buitengebied, is duidelijk een evolutie zichtbaar. Deze evolutie heeft geleid tot een sterke focus op energie-efficiëntie, duurzame materialen en logistiek in de huidige bouwsector.
In de toekomst is het belangrijk om deze ontwikkelingen verder te versterken, met een blik op zowel technologische innovatie als maatschappelijke draagkracht. Door de gemeenschap te betrekken, innovatieve oplossingen te implementeren en samenwerking te vergemakkelijken, kan Asten een rol spelen in de verduurzaming van de woningbouw en energieopwekking.
Bronnen
Related Posts
-
Vierkante hemelwaterafvoerbuisen in metselwerk: montage, materialen en praktische toepassingen
-
Witte uitslag op metselwerk: oorzaken, verwijdering en voorkoming
-
Verticaal metselwerk: techniek, toepassing en constructieve aandachtspunten
-
Verschillende soorten voegen in metselwerk: Uitleg, technieken en toepassingen
-
De juiste verhouding voor metselspecie in metselwerk
-
Effectieve methoden voor het verwijderen van verf van metselwerk
-
Het verbruik van voegmortel in metselwerk: berekening, factoren en richtlijnen
-
Het verbruik van metselspecie per m² metselwerk: berekening, factoren en tips