Ankers in metselwerk correct inboren in de voeg: richtlijnen, toepassing en materialen

Bij de bevestiging van structurele elementen of het herstellen van beschadigd metselwerk is het juist inboren van ankers in de voeg van groot belang. Het metselwerk is een complexe en fragile structuur, waarin het gebruik van ankers moet worden afgestemd op de eigenschappen van de materialen en de belastingen. In dit artikel worden de richtlijnen, aanbevelingen en technische details behandeld voor het correct inboren van ankers in de voeg van metselwerk. De nadruk ligt op het volgen van fabrikantsgespecificeerde richtlijnen, het gebruik van geschikte materialen en het voorkomen van schade aan de structuur.

Inleiding

Ankers in metselwerk worden gebruikt voor een breed spectrum van toepassingen, zoals het bevestigen van luifels, brandtrappen, gevelconstructies, of het herstellen van scheuren in historische of monumentale gebouwen. Het juiste gebruik van ankers is essentieel voor de stabiliteit, duurzaamheid en veiligheid van de constructie. Het inboren van ankers in de voeg van metselwerk vereist zorgvuldige voorbereiding, aandacht voor de afstanden tot randen en tussen ankers, en het gebruik van geschikte mortels of injectiematerialen.

De beschikbare informatie uit betrouwbare bronnen geeft aan dat het inboren van ankers in de voeg moet geschieden met aandacht voor technische kenmerken zoals de diameter van het anker, de dikte van de voeg, en de juiste verwerking van het mortel of injectiemateriaal. Bovendien zijn er specifieke richtlijnen voor het gebruik van spiraalankers, renovatieankers en mortels die een vormvaste bevestiging bieden in metselwerk.

Richtlijnen voor het inboren van ankers in de voeg

Het inboren van ankers in de voeg van metselwerk moet geschieden conform de aanbevelingen van de ankerfabrikant. Deze richtlijnen zijn vaak afhankelijk van het type anker, de belastingen en de materialen waarin het wordt aangebracht. Volgende richtlijnen zijn afgeleid uit betrouwbare bronnen:

Afstand tot randen en onderlinge afstand

  • Minimale afstand tot randen: Bij het inboren van ankers dichtbij randen moet de fabrikantsgespecificeerde afstand worden nageleefd. In het geval van metselwerk moet het anker zich minstens één metseleenheid van de rand bevinden. Dit komt overeen met minstens 300 mm.
  • Onderlinge afstand: Als ankers in paren of groepen worden gebruikt, moet de onderlinge afstand zodanig worden gekozen dat de ankers in twee naast elkaar liggende metselstenen worden gemonteerd. Hiermee wordt vermeden dat twee ankers in dezelfde steen zitten, wat de belastingverdeling negatief kan beïnvloeden.

Boorgat in metselwerk

  • Plaatsing in vaste delen van de steen: Bij het boren in metselwerk moet het anker in het vaste gedeelte van de steen worden aangebracht, dus niet in de voeg. Dit voorkomt dat het anker wordt uitgezet door het mortel in de voeg.
  • Bepaling van steenstructuur: Als het metselwerk is bepleisterd, moet de locatie van de metselstenen worden bepaald door het pleisterwerk te verwijderen of door testgaten te boren. Dit is essentieel om het anker op de juiste plaats te kunnen plaatsen.

Aanbevelingen bij het gebruik van ankers in voegen

  • Diameter van het anker: Als het anker niet in de metselsteen zelf kan worden aangebracht, bijvoorbeeld vanwege de eisen van de opdrachtgever, kan er gekozen worden voor een anker met een diameter die minstens de breedte van de metselvoegen bedraagt.
  • Horizontale voegen: Het anker kan in horizontale voegen worden aangebracht, mits dit is goedgekeurd door de verantwoordelijke bouwkundige en de fabrikant.

Technische specificaties en toepassing van mortels

Ankermortel

Bij het herstellen van scheuren in metselwerk wordt vaak gebruikgemaakt van een speciale ankermortel. Deze mortel vormt een optimale verbinding tussen delen van het metselwerk en zorgt voor een vormvaste bevestiging in het boorgat.

Werkwijze

  • Aanbrengen van Ankermortel: De Ankermortel moet zoveel mogelijk diep in de scheur worden aangebracht, met een dikte van ongeveer 1 cm.
  • Plaatsing van het anker: Het anker (bijvoorbeeld een spiraalanker) wordt in de voeg geduwd en in de Ankermortel geplaatst. Indien nodig kunnen Ankerclips worden gebruikt om het anker op zijn plaats te houden.
  • Tweede laag Ankermortel: Daarna wordt een tweede laag Ankermortel aangebracht en aangedrukt. Het anker moet minstens 15 mm dekking hebben van de Ankermortel en volledig worden omhuld.
  • Uithardingsperiode: De Ankermortel moet 1 tot 2 dagen uitharden voordat de voeg kan worden afgerond met mortelvoegspecie in de gewenste kleur.

Injectiemortel en injectiehulzen

Bij het bevestigen van zware constructies zoals luifels of brandtrappen wordt gebruikgemaakt van injectiemortel en injectiehulzen. Deze methode biedt een stevige en betrouwbare bevestiging in het metselwerk.

Werkwijze

  • Boorgat en schoonmaken: Eerst wordt een gat geboord in de buitenmuur, dat wordt schoongemaakt en voorzien van een zeefhuls.
  • Injectie van mortel: De injectiemortel wordt gespoten in het boorgat met behulp van een accu-mortelspuit. De mortel dringt door de zeefhuls het metselwerk in en hecht de ankerstang aan het metselwerk.
  • Bevestiging van anker: Daarna worden de muurankers bevestigd met schroeven. Na de uithardingstijd kunnen de onderdelen van de bevestigingsconstructie aan de uiteinden van de pluggen worden gemonteerd.

Specifieke toepassing: spiraalankers in metselwerk

Spiraalankers worden vaak gebruikt bij renovatieprojecten, vooral bij beschermde of monumentale gebouwen. Deze ankers worden gebruikt om scheuren in metselwerk te stabiliseren en een optimale verbinding te creëren tussen verschillende delen van het metselwerk.

Aanbevelingen

  • Dikte van voeg en diameter van anker: Voor een voeghoogte van 6–8 mm wordt een wapening met een diameter van 4.5 mm aanbevolen. Voor voegen van 8–10 mm wordt 6 mm diameter aanbevolen, voor 11–14 mm wordt 8 mm diameter aanbevolen, en voor 14–16 mm wordt 10 mm diameter aanbevolen.
  • Roestvrij staal: De spiraalankers zijn gemaakt van roestvast staal, waardoor roestvorming wordt uitgesloten.
  • Gebruik van Ankermortel: Het anker moet volledig worden omhuld door Ankermortel en minstens 15 mm dekking hebben. De uithardingsperiode moet worden nageleefd.

Voordelen

  • Geen sloop- en herstelwerk: De bestaande stenen kunnen blijven zitten.
  • Restauratie met kleurcorrectie: Beschadigde stenen kunnen met restauratiemortel in de juiste kleur worden gerepareerd.
  • Duurzame oplossing: Het gebruik van spiraalankers en Ankermortel zorgt voor een duurzaam en stevig resultaat.

Specifieke toepassing: renovatieankers voor spouwmuren

Bij de renovatie van spouwmuren, zoals bij gevelherstellingen, worden renovatieankers gebruikt om de structuur te stabiliseren en schade te voorkomen.

FBS 8 Renovatieanker

Het fischer Renovatieanker VBS 8 is een gecertificeerd systeem dat speciaal is ontwikkeld voor gevelrenovatie in spouwmuren. Het bestaat uit:

  • Injectiemortel FIS V Plus
  • Injectiehuls van kunststof
  • Profieldraad van roostvast staal

Werkwijze

  • Doorsteekmontage: Het anker wordt door de voeg van het buitenspouwblad in het binnenblad geplaatst.
  • Injectieproces: De injectiehuls en injectiedraad worden ingestoken en verankerd met injectiemortel in zowel het binnen- als buitenspouwblad.
  • Spreiddrukvrije verankering: Deze methode voorkomt scheurvorming en is geschikt voor oud metselwerk.

Aanbevelingen voor het gebruik van keilbouten en inslagankers

De discussie in een bouwforum benadrukt de voor- en nadelen van verschillende bevestigingsmethoden in metselwerk. Hierbij wordt aandacht besteed aan:

Keilbouten

  • Risico op schade: Keilbouten kunnen in metselwerk schade veroorzaken, vooral in baksteen. De kracht die bij het aandraaien wordt uitgeoefend, kan leiden tot scheuren of zelfs het uiteenvallen van metselwerk.
  • Niet geschikt in voegen: Het plaatsen van keilbouten in voegen is gevaarlijk, aangezien de bouten onder druk kunnen zorgen dat het metselwerk uit elkaar wordt gewrikt. Dit is vooral een risico bij windbelastingen.

Inslagankers

  • Traditioneel gebruik: Inslagankers werden vroeger vaak gebruikt, met name in messing uitvoering. Deze zijn geschikt voor functiebehoud, maar niet voor situaties waar een plastic plug niet toegestaan is.
  • Alternatieven: Er zijn alternatieven beschikbaar, zoals FBS II stalen betonschroeven van Fischer, die in beton kunnen worden gebruikt zonder plug. Deze zijn geschikt voor functiebehoud en vereisen minder voorbereiding.

Proeven en controle

Het uitvoeren van proeven en steekproeven is essentieel om de juiste bevestiging en belastingverdeling te verifiëren. Bij het gebruik van ankers in metselwerk wordt aangeraden om:

  • Inleidende proeven uitvoeren: Deze proeven helpen om eventuele problemen in het vroege stadium te identificeren.
  • Steekproeven uitvoeren: Overeenkomstig de richtlijnen uit bron [1], moet 10% van het totale project worden getest. Deze testproeven helpen om de consistentie en kwaliteit van de bevestiging te garanderen.
  • Aandacht voor pleisterwerk: Bij het bepalen van de inbeddiepte moet de dikte van het pleisterwerk buiten beschouwing worden gelaten. De inbeddiepte moet onder het pleisterwerk volledig zijn.

Conclusie

Het correct inboren van ankers in de voeg van metselwerk vereist zorgvuldige voorbereiding, kennis van de materialen en naleving van de richtlijnen van de ankerfabrikant. Het gebruik van ankers moet worden afgestemd op de structuur van het metselwerk, de dikte van de voegen en de benodigde belastingverdeling. Het kiezen van geschikte materialen, zoals spiraalankers, renovatieankers of injectiemortels, is essentieel voor een duurzame en stevige oplossing.

Bij het herstellen van scheuren of het bevestigen van zware constructies, zoals luifels of gevels, is het gebruik van ankermortels of injectiemortels aan te raden. Deze technieken zorgen voor een vormvaste en betrouwbare bevestiging in het metselwerk.

Aansluitend op de richtlijnen, is het belangrijk om steekproeven en controlemaatregelen toe te passen om de kwaliteit van de bevestiging te garanderen. Dit helpt om eventuele problemen vroegtijdig te detecteren en het risico op schade aan de structuur te minimaliseren.

Bronnen

  1. Ankers dichtbij randen en onderlinge ankerafstand
  2. Spiraalanker
  3. Metselwerkankers voor zware lasten
  4. Ankerdiscussie in bouwforum
  5. Scheurherstel met spiraalankers
  6. Renovatieanker VBS 8

Related Posts