Cementeren van ondergronds metselwerk: Techniek, toepassing en doeleinden
Bij de bouw of renovatie van een woning speelt het ondergronds metselwerk een fundamentele rol in de stabiliteit en duurzaamheid van het gebouw. Ondergronds metselwerk, ook wel funderingsmetselwerk genoemd, omvat het opbouwen van ondergrondse muren, zoals funderingsmuren, kelder- of kruipruimten. Eén van de belangrijkste technieken om het metselwerk te beschermen en te verfraaien is cementeren. Cementeren van ondergronds metselwerk is een bewezen methode om de structuur en duurzaamheid van muren te verbeteren, terwijl de natuurlijke uitstraling van het metselwerk behouden blijft.
In dit artikel wordt uitgebreid ingegaan op de techniek van cementeren, haar doeleinden, uitvoering en toepassing bij ondergronds metselwerk. Daarbij worden ook praktische overwegingen en adviezen besproken voor zowel bouwprofessionals als woningeigenaren die zelf aan de slag willen.
Wat is cementeren?
Cementeren, ook wel slempwerk genoemd, is een techniek waarbij een dunne laag cement-zandmengsel wordt aangebracht op een metselwerkoppervlak. Deze laag verleent aan de stenen en voegen een egale kleur – meestal grijs – terwijl de structuur van het metselwerk zichtbaar blijft. Het cementeren geschiedt door het mengsel met een borstel aan te brengen, waarbij het mengsel in een vloeibare, iets slijmerige vorm is, vergelijkbaar met een slem.
Volgens Joost de Vree (3) is cementeren een techniek die al sinds de 18e en 19e eeuw gebruikt wordt, vooral bij verbouwde boerderijen. Hierbij werd gecementeerd om meerdere kleuren stenen te verenigen tot een harmonieus geheel. De techniek werd ook toegepast bij de gebouwen van de Bossche School en is in recente jaren opnieuw in opkomst, onder andere vanwege de mogelijke kleurvariaties.
Het cementeren van metselwerk heeft meerdere doeleinden. Enerzijds biedt het een extra laag bescherming tegen vochtinvloeden en vorstschade, anderzijds verleent het de gevel of binnenmuur een esthetisch afgestimmdes uitstraling. De cementlaag ademt, wat betekent dat het natuurlijke vochttransport door het metselwerk niet wordt verstoord.
Cementeren versus schilderen
In tegenstelling tot schilderen, dat een afsluitende laag vormt en het metselwerk dus volledig afsluit, laat cementeren de poriën in de stenen en voegen open. Dit zorgt ervoor dat de muren ademend blijven, wat gunstig is voor de luchtvochtigheid en het voorkomen van schimmelvorming. De gecementeerde muur vereist minder onderhoud dan een verfde muur, aangezien het cement niet periodiek opnieuw aangebracht hoeft te worden. Een verfde muur moet regelmatig worden vernieuwd, terwijl een gecementeerde muur gedurende 15 jaar of langer vrijwel geen onderhoud nodig heeft.
Volgens een artikel op Cementeerbedrijf.nl (5), is cementeren bovendien geschikt voor zowel binnen- als buitenmuren. Voor buitenmuren wordt aanbevolen om de onderkant van de muur – circa 50 cm hoog – aan te vullen met een watervaste blanke verf, om opspattend regenwater en groene aanslag tegen te gaan.
Toepassing bij ondergronds metselwerk
Bij het opbouwen van ondergronds metselwerk – zoals funderingsmuren of een kruipruimte – speelt cementeren een belangrijke rol in de bescherming tegen vocht. Ondergronds metselwerk wordt namelijk blootgesteld aan natte bouwgrond, grondwater en andere vochtbronnen die kunnen leiden tot schade. Cementeren vormt daarom een essentieel onderdeel van de bouwproces.
Ondergronds metselwerk bestaat uit het opbouwen van funderingsmuren, binnenmuren en eventueel een kruipruimte, kelder of ondergrondse garage. De bescherming tegen vocht wordt hier bereikt door het gebruik van vochtwerend cement of een teerlaag. Cementeren is een aanvullende maatregel die extra bescherming biedt en de duurzaamheid van het metselwerk verhoogt.
Volgens een discussie op Bouwinfo.be (4), is er vaak discussie over het gebruik van volle of holle betonblokken bij ondergronds metselwerk. Het gebruik van volle blokken kan een betere vochtbescherming bieden, maar het is belangrijk dat het metselwerk goed wordt cementeren om eventuele vochtproblemen te voorkomen. De structuur van het metselwerk blijft zichtbaar, zodat kleine beschadigingen of ongelijkheden in het metselwerk weggewerkt worden.
Uitvoering van het cementeren
De uitvoering van cementeren hangt af van meerdere factoren, zoals de toestand van het metselwerk, de weersomstandigheden en de gewenste esthetica. Het is belangrijk dat het metselwerk droog en schoon is voorafgaand aan het cementeren. Weersomstandigheden spelen een grote rol, aangezien cementeren niet uitgevoerd moet worden bij droog weer of regen, zoals vermeld op Betonlexicon.nl (2).
De voorbereiding bestaat uit het mengen van een cement-zandmengsel. Een typische verhouding is 1 deel hoogovencement gecombineerd met 1 deel zilverzand. Daarnaast wordt er vaak een verdunder, zoals Flevopol, toegevoegd in een verhouding van 1 : 5. Het mengsel moet worden gestampt totdat het een smeuïge substantie vormt. Dit mengsel wordt met een borstel of blokkwast aangebracht, van boven naar beneden, per gevelvlak. Het is belangrijk dat geen patroon of structuur wordt aangebracht, zodat de natuurlijke structuur van het metselwerk zichtbaar blijft.
Voordelen van cementeren
De voordelen van cementeren zijn zowel functioneel als esthetisch. De belangrijkste voordelen zijn:
- Bescherming tegen vochtinvloeden: Het cementeren vormt een extra laag bescherming die vochtinsijpeling en -absorptie vermindert.
- Structuur blijft zichtbaar: De cementlaag is dun en ademend, waardoor de natuurlijke structuur van het metselwerk zichtbaar blijft.
- Vermindert onderhoudskosten: In tegenstelling tot schilderen, vereist cementeren geen periodiek vernieuwen. De gecementeerde muur kan gedurende 15 jaar of langer vrijwel geen onderhoud nodig hebben.
- Verborgen kleurverschillen: Cementeren kan worden gebruikt om kleurverschillen tussen verschillende delen van het metselwerk of tussen oorspronkelijke en aanbouwde delen wegwerken.
- Bescherming tegen schade: Cementeren kan kleine beschadigingen in het metselwerk weggewerkt, zoals gaten of oneffenheden in de voegen.
Toepassing in de praktijk
In de praktijk is cementeren vaak een keuze die wordt gemaakt op basis van esthetische overwegingen, maar ook functioneel. Het is bijvoorbeeld gebruikelijk om cementeren toe te passen op buitenmuren die blootstaan aan regen, wind of vorst. Ook in vochtige ruimten, zoals badkamers of kelders, kan cementeren een waardevolle toevoeging zijn aan de bouwproces.
Bij een kruipruimte of kelder is het cementeren van de muren een aanbevolen maatregel, vooral in gebieden met hoge grondwaterstand of natte bouwgrond. Het cementeren helpt hierbij om de structuur van de muren te versterken en vochtproblemen te voorkomen. Het is echter belangrijk om te weten dat cementeren geen volledige waterdichtheid biedt. Daarvoor zijn aanvullende maatregelen nodig, zoals het aansluiten van een riool of het plaatsen van een waterdichte laag.
In een discussie op Bouwinfo.be (4) wordt ook gesteld of het beter is om volle of holle betonblokken te gebruiken bij ondergronds metselwerk. Volgens sommige experts is het gebruik van volle blokken gunstiger voor de waterdichtheid, terwijl holle blokken een betere stabiliteit bieden. Het is echter belangrijk om te weten dat het cementeren van de muren een aanvullende maatregel is die kan helpen bij de vochtbescherming, ongeacht het gebruik van volle of holle blokken.
Cementeren van ondergronds metselwerk in de bouwpraktijk
Het cementeren van ondergronds metselwerk is een techniek die vaak wordt uitgevoerd door vakmensen, zoals metseren of gevelbehandelaren. Het is echter ook mogelijk dat woningeigenaren of bouwheer zelf het cementeren uitvoeren, zolang zij de juiste materialen, gereedschappen en kennis tot hun beschikking hebben.
Het is belangrijk om te weten dat cementeren een techniek is die niet geschikt is voor iedereen. De uitvoering vereist zorgvuldig mengen van het cement-zandmengsel, het juiste tijdstip (droog, zonder regen) en een goed voorbereid oppervlak. Het is aan te raden om het cementeren uit te voeren vóór de metser begint met het opbouwen van het metselwerk. Dit voorkomt het risico op natte of beschadigde muren die niet geschikt zijn voor cementeren.
In een discussie op Bouwinfo.be (6) wordt bijvoorbeeld gevraagd of het cementeren kan worden uitgesteld tot na het opbouwen van het metselwerk. De auteur is bang dat de muren door aanhoudende regen niet droog genoeg zijn voor cementeren. De meeste experts raden aan om het cementeren eerder uit te voeren, zodat de metser zijn werk kan doen zonder het risico op natte of beschadigde muren.
Cementeren als thermochemische oppervlaktebehandeling
Naast de toepassing op metselwerk wordt cementeren ook gebruikt als thermochemische oppervlaktebehandeling. Deze techniek, ook wel carboneren genoemd, wordt vooral gebruikt in de machinebouw of industriële productie. Het proces bestaat uit het inbrengen van koolstof in het oppervlak van een metaal, gevolgd door het afschrikken. Hierdoor ontstaat een harder oppervlak dat bestand is tegen slijtage en corrosie.
Hoewel dit toepassing afwijkt van het cementeren van metselwerk, is de term cementeren ook in deze context gebruikt. In de bouwsector is de term echter uitsluitend gericht op het aanbrengen van een cementlaag op metselwerk.
Cementeren versus andere technieken
Cementeren is niet de enige techniek die gebruikt kan worden voor de bescherming of verfraaiing van metselwerk. Andere technieken zijn:
- Schilderen: Een afsluitende laag verf die het metselwerk volledig afsluit. Schilderen vereist meer onderhoud, aangezien de verf periodiek vernieuwd moet worden.
- Leien: Een techniek waarbij het metselwerk wordt behandeld met een mengsel van kalk en zand. Leien is geschikt voor zowel binnen- als buitenmuren en biedt extra ademendheid.
- Gevelbekleding: Het aanbrengen van een extra laag, zoals vezelcement sidings of houten gevelbekleding, die het metselwerk beschermt en een esthetisch afgestimmdes uitstraling geeft.
Cementeren staat hier tussenin: het biedt extra bescherming, maar de structuur van het metselwerk blijft zichtbaar. Het is dus een goede keuze voor wie de natuurlijke uitstraling van het metselwerk wil behouden, maar toch een extra laag bescherming wil.
Cementeren in de renovatiepraktijk
Cementeren is ook vaak toegepast bij renovatieprojecten. Wanneer oude muren worden gerestaureerd of verbouwd, kan cementeren gebruikt worden om de structuur te versterken en het metselwerk te verfraaien. Het is bijvoorbeeld gebruikelijk om cementeren toe te passen bij het verbouwen van een kelder of kruipruimte.
In een renovatieproject is het belangrijk om te weten dat cementeren niet geschikt is voor iedereen. Het vereist zorgvuldige voorbereiding en een droog oppervlak. Daarnaast moet rekening worden gehouden met de weersomstandigheden, aangezien cementeren niet uitgevoerd moet worden bij regen of droog weer.
In sommige gevallen kan het cementeren worden gecombineerd met andere technieken, zoals het aansluiten van een riool of het plaatsen van een waterdichte laag. Dit is vooral belangrijk in gebieden met hoge grondwaterstand of natte bouwgrond.
Cementeren en de duurzaamheid van gebouwen
Cementeren draagt bij aan de duurzaamheid van gebouwen. Omdat de gecementeerde muren minder onderhoud nodig hebben en langer meegaan, kan cementeren gezien worden als een duurzame keuze. Daarnaast helpt het cementeren om vochtproblemen te voorkomen, wat op lange termijn kan leiden tot minder bouwmaterialenverbruik en minder energie- en onderhoudskosten.
Cementeren is bovendien een ademende techniek, wat betekent dat het natuurlijke vochttransport door het metselwerk niet wordt verstoord. Dit is gunstig voor de kwaliteit van de lucht binnen het gebouw en het voorkomen van schimmelvorming.
Cementeren in de toekomst
Hoewel cementeren al sinds de 18e en 19e eeuw gebruikt wordt, is de techniek in recente jaren opnieuw in opkomst. Dit komt gedeeltelijk door het toenemende belang van duurzaamheid en het behoud van de esthetica van oude gebouwen. Daarnaast zijn er nu ook meer kleurkeuzes beschikbaar, waardoor cementeren niet alleen een functionele, maar ook een esthetische keuze is.
In de toekomst is te verwachten dat cementeren verder zal worden ontwikkeld, bijvoorbeeld met het gebruik van duurzamere materialen of technieken die de vochtbescherming verder verbeteren. Het is ook denkbaar dat cementeren steeds vaker wordt toegepast in combinatie met andere technieken, zoals gevelbekleding of isolatie.
Conclusie
Cementeren van ondergronds metselwerk is een bewezen techniek die zowel functionele als esthetische voordelen biedt. Het verleent aan metselwerk een egale kleur, bescherming tegen vochtinvloeden en een natuurlijke uitstraling. De techniek is geschikt voor zowel buiten- als binnenmuren en wordt vaak toegepast bij funderingsmuren, kelders of kruipruimten.
Bij het cementeren is het belangrijk om rekening te houden met de weersomstandigheden, de toestand van het metselwerk en de gewenste esthetica. Het cementeren vereist zorgvuldige voorbereiding en uitvoering, maar biedt op lange termijn een duurzame en onderhoudsarme oplossing.
Zowel bouwprofessionals als woningeigenaren kunnen profiteren van de voordelen van cementeren. Door de techniek correct toe te passen, kan het cementeren bijdragen aan de stabiliteit, duurzaamheid en esthetica van een gebouw.
Bronnen
Related Posts
-
Renovatie- en bouwwerkzaamheden: een overzicht van gevelrenovatie, isolatie en voegwerken
-
Wanneer en hoe metselwerk sterk is: Technieken, materialen en onderhoud voor duurzaam metselwerk
-
Faillissementen in de bouwnijverheid: een groeiend fenomeen en de risico’s voor investeerders en klanten
-
Duurzaam metselwerk: Traditionele technieken in combinatie met moderne innovatie
-
Duurzaam metselwerk: innovatie, ecologie en techniek op de voorgrond
-
Duin Metselwerken BV: Een Overzicht van Bedrijfsinformatie en Activiteiten in Volendam
-
Dubbel gearceerd metselwerk in de praktijk: uitvoering, richtlijnen en overwegingen
-
Drukweerstand van metselwerk: Testmethoden, normen en praktische toepassingen