Getrokken steen metselwerk: Techniek, materiaalkeuze en uitvoering
Inleiding
Getrokken steen metselwerk is een essentieel onderdeel van bouw- en renovatieprojecten, waarbij nauwkeurigheid, materialen en techniek van het grootste belang zijn voor de duurzaamheid en esthetiek van het eindresultaat. In dit artikel worden de kernaspecten van getrokken steen metselwerk behandeld aan de hand van gegevens uit betrouwbare bronnen, waaronder richtlijnen van bouwbedrijven, erfgoedinstituten en cementleveranciers. Het artikel richt zich op zowel de techniek van het metselen als de materialen die daarbij worden gebruikt, inclusief tips voor het verkrijgen van een duurzame en esthetisch aantrekkelijke uitslag.
Het metselen van getrokken stenen vereist niet alleen kennis van het juiste mengsel van metselspecie, maar ook van de correcte uitvoering van technieken zoals het testen van de hechtinrichting, het hakken van stenen op maat en het gebruik van de juiste metseltechnieken. Daarnaast is het belangrijk om rekening te houden met de historische en hygrische eigenschappen van het metselwerk, vooral bij restauratieprojecten van erfgoed.
Techniek van het metselen van getrokken stenen
Het metselen van getrokken stenen vereist een reeks specifieke technieken om zowel de functionele als esthetische kwaliteit van het metselwerk te waarborgen. Hieronder worden enkele van de belangrijkste technieken toegelicht, zoals het testen van de speciekwaliteit, het hakken van stenen op maat en het juist aanbrengen van metselmortel.
Testen van de speciekwaliteit
Voor het uitvoeren van metselwerk is het van essentieel belang dat de metselspecie goed hecht aan de stenen. De hechtinrichting van de mortel kan worden getest door een specielaag aan te brengen op een platte kant van een steen. Vervolgens wordt met een troffel de specie naar voren bewogen en een tweede steen op de specielaag gelegd. Na één minuut worden beide stenen rechtstandig van elkaar getrokken, zorgvuldig zonder schuiven. Als de specie zich niet gelijkmatig over beide stenen verspreid, is de hechtinrichting onvoldoende. Deze test is een essentieel onderdeel van het proces om te controleren of de metselmortel geschikt is voor de toepassing op de gebruikte steensoort.
Hakkentechnieken voor stenen op maat
Het verwerken van getrokken stenen vereist vaak aanpassingen om het metselwerk goed in balans te brengen. Een steen kan worden gehakt met behulp van een sabel of een kaphamer, afhankelijk van de gewenste precisie en het type steen.
Sabelhakken: Bij deze methode wordt de steen tussen de bovenbenen geklemd, terwijl de sabel in de linkerhand wordt gehouden. De scherpe kant van de sabel wordt op het gewenste breukpunt gezet en met een kaphamer worden een paar stevige tikken gegeven. Na enkele tikken zal de steen op de gewenste plek breken. Deze methode levert meestal een recht breukvlak op.
Hakken met kaphamer: Wanneer een sabel niet beschikbaar is, kan een steen ook met een kaphamer worden gehakt. Deze methode is echter minder nauwkeurig en vereist vaak aanvullende bewerkingen om het breukvlak te verbeteren.
Hakken met troffel: Voor zachte stenen en bij ‘vuil metselwerk’ is het ook mogelijk om met de ronde zijde van de troffel te hakken. Het gebruik van de rechte kant van de troffel moet echter worden vermeden, omdat dit leidt tot slijtage en het afstrijken van de mortel bemoeilijkt.
Aanbrengen van metselmortel
Het juiste aanbrengen van metselmortel is cruciaal voor de duurzaamheid van het metselwerk. Het aanbrengen moet zorgvuldig worden gedaan om zowel de hechtinrichting als de hygrische eigenschappen van het metselwerk te waarborgen. De metselmortel moet vol en zat worden aangebracht, waarbij eventuele overtollige mortel verwijderd moet worden. Daarnaast is het belangrijk dat de metselspecie binnen twee uur verwerkt wordt, omdat de verwerkbaarheid beperkt is.
Materialen voor getrokken steen metselwerk
De keuze van de juiste materialen is van groot belang voor het succes van een metselproject, met name wanneer historische stenen of monumentale muren worden hersteld. De mortel moet afgestemd zijn op de specifieke eigenschappen van de stenen, zoals hardheid, hygrische eigenschappen en kleur.
Kiezen van de juiste metselmortel
Voor metselwerk is het aanbevolen om ENCI metselcement (MC 12,5) te gebruiken. Dit cement is een mengsel van portlandcementklinker, kalksteenmeel en luchtbelvormer. Het voordelige van dit cement is dat het alleen metselzand en leidingwater vereist om een verwerkbare metselspecie te verkrijgen. Bovendien hecht de mortel goed aan de stenen zodra deze is verhard.
Bij het kiezen van cement is het belangrijk om rekening te houden met de temperatuur tijdens het verwerken. Voorbeelden van geschikte cementsoorten zijn:
Cementsoort | Temperatuur < 10°C | Temperatuur 10–20°C | Temperatuur > 20°C |
---|---|---|---|
Portlandcement CEM I 42,5 N | ** | ** | ** |
Snel portlandcement CEM I 52,5 R | ** | * | - |
Hoogovencement CEM III/B 42,5 N | * | ** | ** |
Metselcement MC 12,5 | * | * | * |
Let op: Werken bij temperaturen boven 30°C of bij vorst is niet aan te raden.
Hygrische eigenschappen van stenen
Bij restauratieprojecten is het van groot belang om de hygrische eigenschappen van de stenen en mortel in overeenstemming te brengen. De hygrische eigenschappen verwijzen naar de vochthuishouding van het materiaal, zoals vochtopname, vochttransport en droging. Het gebruik van een stijfere of harder materiaal kan leiden tot vochtopeenhoping, wat schade kan veroorzaken aan het metselwerk.
In het kader van restauraties is het gebruik van kalkmortel vaak het uitgangspunt, omdat dit materiaal de hygrische eigenschappen van oude metselwerken beter aansluit. Het is belangrijk dat de nieuwe stenen qua type, kleur en maat goed aansluiten op het bestaande werk. Daarnaast moet de mechanische sterkte van de nieuwe stenen niet hoger zijn dan die van de aanwezige stenen om schade te voorkomen.
Voorbeeld: Metselen met natuursteen
Natuursteen is vaak gebruikt in monumentale gebouwen en vereist een aangepaste aanpak bij het metselen. In een casus zoals de Koepoort is het metselwerk uitgevoerd met verschillende soorten zandsteen, zoals Bentheimer en Obernkirchener. Tijdens deelvervanging zijn onbekende soorten natuursteen toegepast, maar deze zijn visueel goed samengevoegd door de donkere, natuurlijke beschermlagen van het originele metselwerk.
Het metselen van natuursteen vereist een zorgvuldige afweging van het metselverband, de voegdikte en de hygrische eigenschappen. In dit geval is het metselwerk achter de Koepoort minder fors uitgevoerd dan aan de voorzijde, wat leidde tot het gebruik van smeedijzer als verankering. Dit toont aan dat het metselwerk niet alleen technisch, maar ook esthetisch en functioneel afgestemd moet worden.
Uitvoering van metselwerk
De uitvoering van metselwerk moet nauwkeurig worden gepland en uitgevoerd om schade en visuele discrepanties te voorkomen. Hieronder worden enkele belangrijke stappen en technieken besproken die van toepassing zijn op het metselen van getrokken stenen.
Bevochtigen van stenen
Voor het metselen is het van groot belang dat de stenen correct worden bevochtigd. Een steen die te droog is, neemt teveel water op uit de mortel, wat kan leiden tot een slechte hechtinrichting. Aan de andere kant moet een te natte steen worden vermeden, omdat deze op de mortel kan "drijven", wat ook leidt tot onvolledige hechting. Het ideale vochtgehalte ligt rond de 5 tot 8 massaprocenten. Voor droog weer of bij verpakte materialen is het aan te raden om de stenen een dag van tevoren overvloedig met leidingwater te bevochtigen.
Overlap en metselverband
Het metselverband speelt een grote rol in de stabiliteit en esthetiek van het metselwerk. De overlap moet minimaal 0,4 maal de hoogte van de steen of het blok zijn. Bijvoorbeeld een metselblok M 100/240 moet een overlap van 96 mm (0,4 x 240 mm) hebben.
Historische metselverbanden zoals het kruisverband, Vlaams verband of staand verband kunnen worden hersteld of gevolgd bij restauraties. Deze verbanden zijn niet alleen esthetisch belangrijk, maar ook technisch betrouwbaar, vooral in combinatie met de juiste stenen en mortel.
Kruisproef
De kruisproef is een methode om te controleren of de stenen voldoende vochtig zijn. Deze test kan worden uitgevoerd door met de troffel een kruispatroon in de steen te trekken en te controleren of de mortel goed hecht. Een goed resultaat wordt gegeven wanneer de mortel gelijkmatig verspreid is over beide stenen.
Problemen en schadebeelden
Hoewel getrokken steen metselwerk technisch complex is, kunnen er schadebeelden optreden als de juiste technieken en materialen niet worden toegepast. Een bekend probleem is witte uitslag, wat vooral ontstaat wanneer water langs het metselwerk stroomt. Dit kan worden voorkomen door het zorgvuldig uitleggen van het metselwerk en het controleren van hemelwaterafvoeren.
In de praktijk is het belangrijk om te weten dat het gebruik van achterwerkers, ofwel stenen van mindere kwaliteit, aan het buitenoppervlak van het metselwerk kan leiden tot schade. Deze stenen zijn vaak niet bestand tegen vochtbelasting en kunnen sneller slijten.
Restauratie en herstel
Restauratieprojecten van getrokken steen metselwerk vereisen een zorgvuldige aanpak, met name wanneer het metselwerk deels is vervallen of schade heeft opgelopen. In het kader van herstel is het belangrijk om dezelfde soort stenen en mortel te gebruiken als in de oorspronkelijke situatie, tenzij deze juist de oorzaak van de schade waren.
De kleur van de nieuwe stenen moet goed aansluiten op het bestaande werk, zowel op de verouderde als op de gereinigde stenen. De mechanische eigenschappen, zoals hardheid en sterkte, moeten eveneens aansluiten op die van het bestaande werk. Het gebruik van stenen die sterker of harder zijn dan de oorspronkelijke, kan leiden tot verankeringsschade of vochtproblemen.
In restauraties is het vaak aan te raden om kalkmortel te gebruiken, omdat deze hygrisch compatibel is met de meeste oude metselwerken. Dit is ook belangrijk om vochttransport en droging te waarborgen.
Conclusie
Getrokken steen metselwerk vereist een combinatie van technische kennis, kwaliteit van materialen en zorgvuldige uitvoering. Het testen van de speciekwaliteit, het juiste gebruik van haktechnieken, het kiezen van de juiste mortel en het toepassen van geschikte metselverbanden zijn essentieel voor een succesvol project. Bovendien is het van belang om rekening te houden met de hygrische eigenschappen van zowel stenen als mortel, met name bij restauratieprojecten van monumentale gebouwen.
Het gebruik van ENCI metselcement (MC 12,5) wordt aangeraden voor een duurzame en sterke hechtinrichting. Het bevochtigen van stenen en het zorgvuldig uitvoeren van de kruisproef zijn belangrijke stappen om schade te voorkomen. Historische metselverbanden zoals het kruisverband of het Vlaams verband kunnen worden gevolgd om het oorspronkelijke karakter van het metselwerk te behouden.
Bij restauratieprojecten is het belangrijk om de hygrische eigenschappen en de mechanische sterkte van de stenen en mortel in overeenstemming te brengen. Het gebruik van kalkmortel is vaak het uitgangspunt, aangezien deze beter aansluit op oude metselwerken. Daarnaast dient men te vermijden het gebruik van minderwaardige stenen aan het buitenoppervlak, omdat deze sneller slijten en schade kunnen veroorzaken.
Zowel voor professionele metselaars als voor DIY-enthusiast zijn deze richtlijnen van groot belang om een duurzaam en visueel aantrekkelijk resultaat te bereiken.
Bronnen
Related Posts
-
M. Brouwers Metselwerken: Een overzicht van expertise, diensten en klantbeoordelingen
-
Luchtspouwen in metselwerk: functie, bouwmethoden en onderhoud
-
Los komend metselwerk: oorzaken, onderzoek en herstelopties
-
Loodvervanger in metselwerk: Duurzame alternatieven voor schoorsteen- en gevelrenovatie
-
Loodvervanger voor opgaand metselwerk: een moderne oplossing voor dakkapellen en schoorstenen
-
Lood Vervangen in Metselwerk: Belangrijke Stappen en Aanbevelingen voor Duurzame Resultaten
-
Loodvervangers en afdichting bij opgaand metselwerk: Duurzame en praktische oplossingen voor de bouw
-
Lintvoegen in metselwerk: functie, toepassing en uitvoering