Hoeveel voegmortel is nodig voor metselwerk? Een gedetailleerde gids voor nauwkeurende berekening
Bij het uitvoeren van metselwerk is het nauwkeurig berekenen van de benodigde hoeveelheid voegmortel essentieel voor het voorkomen van te veel of te weinig materiaal. Zowel voor professionals als voor particuliere eigenaren is het begrip van de factoren die het verbruik bepalen van groot belang. Deze gids geeft een overzicht van de relevante informatie, formules en richtlijnen die uit de beschikbare data zijn afgeleid, met name hoeveel voegmortel nodig is per m² metselwerk.
Inleiding
Voegmortel speelt een cruciale rol in het metselwerk. Het bindt de stenen bij elkaar, zorgt voor stabiliteit en draagt bij aan het uiterlijk van de muur of gevel. De benodigde hoeveelheid voegmortel varieert sterk afhankelijk van factoren zoals het steenformaat, de voegdikte, de werkwijze en het type metselwerk. In dit artikel worden de meest relevante berekeningmethoden en verbruiksrichtlijnen besproken, met aandacht voor praktische voorbeelden en toepassing.
Wat is voegmortel?
Voegmortel is een mengsel van cement, zand en water dat gebruikt wordt om stenen of tegels met elkaar te verbinden. Het kan gemaakt worden volgens standaard verhoudingen, zoals 1 deel cement op 4 delen zand en een bepaalde hoeveelheid water. Voor specifieke toepassingen, zoals wit metselwerk, wordt vaak een mengsel met wit cement gebruikt om een blekere kleur te verkrijgen. De samenstelling en verhouding van de componenten bepalen niet alleen de sterkte van de mortel, maar ook de duurzaamheid van het metselwerk.
Factoren die het verbruik bepalen
Het verbruik van voegmortel hangt af van een aantal belangrijke factoren:
1. Steenformaat
Het formaat van de stenen beïnvloedt het aantal voegen per oppervlakte en daarmee ook de hoeveelheid mortel die nodig is. Grotere stenen hebben minder voegen per m², terwijl kleinere stenen meer voegen vereisen. Hieronder een overzicht van enkele gangbare formaten en het verwachte verbruik aan voegmortel:
Steenformaat | Afmetingen (mm) | Aantal stenen per m² | Verbruik voegmortel per m² (12 mm voegdikte) |
---|---|---|---|
Dikformaat | 210 x 100 x 65 | ca. 59 stukken | ± 7 kg |
Module 50 | 190 x 90 x 50 | ca. 73 stukken | ± 7,5 kg |
Module 90 | 190 x 90 x 90 | ca. 59 stukken | ± 5,5 kg |
Vechtformaat | 210 x 100 x 40 | ca. 87 stukken | ± 8,5 kg |
Waalformaat | 210 x 100 x 50 | ca. 73 stukken | ± 8 kg |
Deze gegevens zijn gebaseerd op standaard voegdikten van 10 of 12 mm. Bij het gebruik van holle of gedeelten met "frogs" (kamers in de steen) is er meestal 30% extra mortel nodig, omdat deze gedeelten extra vullen.
2. Voegdikte
De dikte van de voegen bepaalt ook het verbruik van mortel. De standaard voegdikte ligt tussen 10 en 12 mm. Hoe dikker de voegen, hoe meer mortel er nodig is. Hieronder een voorbeeld van hoe het verbruik verandert bij een voegbreedte van 10 mm:
Steenformaat | Verbruik voegmortel per m² (10 mm voegdikte) |
---|---|
Module 50 | ± 6,5 kg |
Dikformaat | ± 5,5 kg |
3. Wijze van metselen
De methode waarop de mortel wordt aangebracht beïnvloedt ook het verbruik. Er zijn verschillende technieken:
- Traditioneel metselen: Hierbij wordt de mortel volledig tussen de stenen aangebracht. Het verbruik is het hoogst.
- Dunbedmetselen: Hierbij wordt een dunne laag mortel gebruikt, waardoor het verbruik met 30–35% lager ligt.
- Doorstrijkmethode: Hierbij wordt de mortel aangebracht en daarna doorgestreken. Dit resulteert in een verbruik dat 20% hoger is dan bij traditioneel metselen.
4. Type mortel en kalk
Bij het repareren van oude voegen kan kalkmortel gebruikt worden. Het verbruik hangt hierbij af van de diepte en breedte van de voegen. Een richtsnoer is dat 20 kg kalkmortel ongeveer genoeg is voor 3 tot 4 m² metselwerk, aangevuld met voegen van 8 mm breed en 16 mm diep. Bij het gebruik van kalk is het belangrijk om rekening te houden met de hardtijd en de omstandigheden tijdens het aanbrengen.
Berekening van het verbruik
Er zijn verschillende manieren om de benodigde hoeveelheid voegmortel te berekenen, afhankelijk van het type metselwerk en de afmetingen van de stenen.
1. Eenvoudige formule
Een eenvoudige manier om het verbruik te berekenen is met de volgende formule:
(Tegellengte + Tegelbreedte) x Voegdiepte x Voegbreedte x 1,7 = Verbruik in kg/m²
- 1,7 is de gemiddelde dichtheid van voegmortel in kg/liter.
- Alle afmetingen moeten in millimeter worden ingevuld.
Voorbeeldberekening:
Stel je werkt met een module 50-steen (190 x 90 x 50 mm) en een voegdikte van 12 mm:
- Tegellengte + Tegelbreedte = 190 + 90 = 280 mm
- Voegdiepte = 12 mm
- Voegbreedte = 12 mm
(280 x 12 x 12) x 1,7 = 68.544 x 1,7 = 116.525 g = ± 11,7 kg/m²
Dit betekent dat je per vierkante meter ongeveer 11,7 kg voegmortel nodig hebt.
2. Per 25 kg voegmortel
Een andere manier om te rekenen is om te kijken naar hoeveel m² je kunt voegen met 25 kg mortel. Uit de data blijkt dat 25 kg voegmortel ongeveel 12 liter mortel oplevert. Aan de hand van het verbruik per m² (bijvoorbeeld 7,5 kg/m²) kun je berekenen dat 25 kg ongeveer 3,3 m² voegwerk bedekt.
25 kg / 7,5 kg/m² = 3,3 m²
3. Per m² metselwerk
Als vuistregel voor een halfsteensmuur is ongeveer 30–35 liter voegmortel nodig per m². Voor een volledige steensmuur ligt het verbruik rond de 60–70 liter per m². Deze aanduiding is echter afhankelijk van de voegdikte en de werkwijze.
4. Per 1000 of 2000 stenen
Voor grotere projecten is het ook handig om te rekenen per 1000 of 2000 stenen. Bijvoorbeeld voor 2000 stenen in waalformaat (210 x 100 x 50 mm) is ongeveer 1 kuub metselzand en 12 zakken metselcement nodig.
Mengverhoudingen en bereidingswijze
Het maken van mortel is een eenvoudige, maar belangrijke taak. De verhoudingen en bereidingswijze verschillen afhankelijk van de toepassing:
1. Gewone mortel
- Cement : Zand : Water = 1 : 3 à 1 : 4
Dit is de standaard verhouding voor gewone mortel. - Voor gevelmetselwerk kan fijner zand gebruikt worden om de sterkte en esthetica te verbeteren.
2. Witte mortel
- Voor esthetisch metselwerk, zoals witte gevels, wordt vaak wit cement gebruikt.
- Verhouding: 1 deel wit cement op 4 delen fijne zand.
- Waterhoeveelheid: ca. 2,5 liter per 25 kg mortel.
3. Kalkmortel
- Voor het repareren van oude voegen wordt kalkmortel gebruikt.
- Verhouding: 1 deel kalk op 4 delen zand.
- Waterhoeveelheid: ca. 2,5 liter per 25 kg mortel.
- Het is belangrijk om veiligheidsmaatregelen te nemen, omdat kalk bijtend is.
Werken met voegmortel
Het werken met voegmortel vereist niet alleen kennis van de berekening, maar ook aandacht voor technieken en omstandigheden:
- Verbranden van mortel: Bij hoge temperaturen kan de mortel verbranden. Zorg ervoor dat de stenen vochtig zijn en gebruik een nevelende waterslang om het werk na te bewerken.
- Vorstschade: Wanneer er vriest, dient het metselwerk afgedekt te worden om schade te voorkomen.
- Tijdens het harden: Bij het gebruik van luchtkalkmortel duurt het uithardingsproces tot een maand per millimeter dikte. Dit betekent dat mortel tot 20 mm dik ongeveer 20 maanden nodig heeft om volledig uit te harden.
Voorbeelden en toepassing
Hieronder volgt een aantal voorbeelden die laten zien hoe het verbruik van voegmortel kan worden berekend:
Voorbeeld 1: Halfsteensmuur
Je wilt een halfsteensmuur bouwen van 50 m² met module 50-steen (190 x 90 x 50 mm) en een voegdikte van 12 mm.
- Aantal stenen per m²: ca. 73
- Verbruik per m²: ± 7,5 kg
- Totaal verbruik: 50 m² x 7,5 kg = 375 kg
Je zult dus ongeveer 375 kg voegmortel nodig hebben voor dit project.
Voorbeeld 2: Reparatie van voegen met kalk
Je wilt de voegen van een oude muur met 8 mm breed en 16 mm diep repareren. De muur is 12 m² groot.
- Verbruik per m²: ± 5 kg
- Totaal verbruik: 12 m² x 5 kg = 60 kg
Je zult 60 kg kalkmortel nodig hebben voor deze reparatie.
Aanbevelingen en tips
- Maak altijd wat extra mortel aan. Rekening houden met verlies door morsen of onverwachte situaties is essentieel.
- Bereken het verbruik op basis van steenformaat en voegdikte. Gebruik de verbruikstabellen of een calculator zoals die van MBI.
- Hou rekening met het type metselwerk. Traditioneel metselen vereist meer mortel dan dunbedmetselen.
- Volg veiligheidsrichtlijnen. Bij het werken met kalk is het belangrijk om oogbescherming, handschoenen en beschermende kleding te dragen.
Conclusie
Het berekenen van het benodigde volume voegmortel is een essentieel onderdeel van elk metselproject. Het verbruik hangt af van factoren zoals het formaat van de stenen, de voegdikte, de werkwijze en het type mortel. Door het gebruik van standaardformules en verbruikstabellen kan men nauwkeurig bepalen hoeveel materiaal nodig is. Het is aan te raden om altijd wat extra te bereiden om onverwachte situaties te kunnen aanpakken. Voor grotere projecten is het verstandig om gebruik te maken van berekeningtools of hulp van een vakman.
Bronnen
Related Posts
-
M. Brouwers Metselwerken: Een overzicht van expertise, diensten en klantbeoordelingen
-
Luchtspouwen in metselwerk: functie, bouwmethoden en onderhoud
-
Los komend metselwerk: oorzaken, onderzoek en herstelopties
-
Loodvervanger in metselwerk: Duurzame alternatieven voor schoorsteen- en gevelrenovatie
-
Loodvervanger voor opgaand metselwerk: een moderne oplossing voor dakkapellen en schoorstenen
-
Lood Vervangen in Metselwerk: Belangrijke Stappen en Aanbevelingen voor Duurzame Resultaten
-
Loodvervangers en afdichting bij opgaand metselwerk: Duurzame en praktische oplossingen voor de bouw
-
Lintvoegen in metselwerk: functie, toepassing en uitvoering