Inleiding
Aërogene isolatie is een maatregel die in ziekenhuizen en medische omgevingen wordt toegepast om de verspreiding van bepaalde bacteriën en virussen te voorkomen. Deze isolatie wordt toegepast wanneer er sprake is van ziekten die zich via de lucht verspreiden, bijvoorbeeld via aerosolen die vrijkomen bij hoesten of niezen. In dit artikel worden de maatregelen die bij aërogene isolatie genomen worden, besproken, inclusief de rol van afstand bij het voorkomen van besmetting, specifieke voorzieningen in operatiekamers (OK-complexen), en instructies voor zowel patiënten als bezoekers. Alle informatie is gebaseerd op de richtlijnen en aanbevelingen van betrouwbare bronnen zoals de Centers for Disease Control and Prevention (CDC) en ziekenhuisrichtlijnen.
Wat is aërogene isolatie?
Aërogene isolatie wordt toegepast om de verspreiding van ziekteverwekkers via aerosolen te voorkomen. Deze kleine druppeltjes kunnen zich ver over grotere afstanden verspreiden via de lucht. Patiënten met bepaalde ziekten, zoals open tuberculose, worden in aërogene isolatie verpleegd om te voorkomen dat andere patiënten of ziekenhuismedewerkers besmet raken.
Toepassingsgebied en indicaties
Aërogene isolatie is meestal nodig bij patiënten die geïnfecteerd zijn met micro-organismen die zich via de lucht verspreiden. Dit omvat ziekten zoals tuberculose, maar ook andere virussen waarvan bekend is dat ze via aerosolen overdraagbaar zijn. In sommige gevallen wordt aërogene isolatie ook toegepast op basis van klachten van de patiënt, zoals verdenking op open tuberculose, zelfs als de ziekteverwekker nog niet definitief is geïdentificeerd.
Afstand en aërogene isolatie
Afstand speelt een cruciale rol bij het voorkomen van de verspreiding van ziekteverwekkers. Bij aërogene isolatie is het doel om de luchtverplaatsing van ziekteverwekkers te beperken. Hierbij zijn verschillende maatregelen van toepassing.
Ruimtelijke afstand en luchtstromen
Bij aërogene isolatie wordt gebruik gemaakt van een eenpersoonskamer met een sluis. Deze kamer is ontworpen om de verspreiding van aerosolen te beperken. In deze kamer heerst een onderdruk, wat betekent dat de luchtdruk binnen de kamer lager is dan de luchtdruk op de gang. Hierdoor wordt voorkomen dat ziekteverwekkers de kamer verlaten bij het openen van de deur.
De afstand tussen de patiënt en andere personen is hierbij slechts een ondersteunende factor. Aangezien aerosolen zich ver over grotere afstanden kunnen verspreiden, is het niet voldoende om alleen afstand te houden. De technische voorzieningen zoals de sluis en de onderdruk zijn essentieel om besmetting via de lucht te voorkomen.
Aanbevelingen voor medewerkers en bezoekers
Bezoekers en ziekenhuismedewerkers die de kamer van een patiënt in aërogene isolatie betreden, moeten een FFP2-mondneusmasker dragen. Dit masker beschermt tegen inademing van ziekteverwekkers die via aerosolen worden verspreid. Daarnaast moet de sluiscorrectie strikt worden nageleefd, wat betekent dat de deuren van de sluis niet tegelijk open mogen zijn.
Bezoekregels zijn duidelijk gedefinieerd. Kinderen jonger dan 12 jaar zijn bijvoorbeeld niet toegestaan om te bezoeken, tenzij er een uitzondering is gemaakt in overleg met de verantwoordelijke arts. Deze maatregel is genomen om jonge kinderen, die vaak geen FFP2-maskers kunnen dragen of die niet in staat zijn om veilig afstand te houden, te beschermen.
Aërogene isolatie in het operatiekamercomplex (OK-complex)
Het OK-complex is een gevoelige plek waar zowel zorgverleners als patiënten zich in een gecontroleerde omgeving bevinden. In het kader van aërogene isolatie zijn er specifieke richtlijnen voor het opereren van patiënten die in isolatie verkeren.
Aanbevelingen voor het OK-complex
De richtlijn Isolatie en richtlijn Tuberculose van de Centers for Disease Control and Prevention (CDC) zijn uitgangspunt voor de aanbevelingen in het OK-complex. Voor een patiënt in aërogene isolatie is het noodzakelijk dat de operatie in een isolatiekamer of in de operatiekamer zelf plaatsvindt. Hierbij moet ervoor worden gezorgd dat de operatiekamer aan de nodige luchthygiënemaatregelen voldoet.
Voor het OK-complex zijn de volgende aanbevelingen van toepassing:
- Het zorgvuldig afwegen van de noodzaak van de operatie totdat de isolatie-indicatie is vervallen.
- Voldoende voorbereiding en tijd inplannen bij operaties van geïsoleerde patiënten.
- Niet-benodigde apparatuur uit de operatiekamer verwijderen of nadien grondig reinigen en desinfecteren.
- De patiënt in aërogene isolatie moet perioperatief blijven verblijven in een isolatiekamer of in de operatiekamer.
- Voor patiënten in druppelisolatie is het noodzakelijk dat er een afstand van 1,5 meter tot andere patiënten wordt geborgd.
Aanvullende infectiepreventiemaatregelen
Naast de maatregelen die specifiek zijn voor aërogene isolatie, zijn er ook algemene richtlijnen voor infectiepreventie. Deze richtlijnen zijn opgenomen in de richtlijnen voor Isolatie, MRSA (Meticilline resistente Staphylococcus aureus) en bijzonder resistente micro-organismen (BRMO). Deze richtlijnen zijn van toepassing op het gehele OK-complex en moeten zorgvuldig worden gevolgd.
Implementatie en haalbaarheid
De implementatie van aërogene isolatie in medische omgevingen vereist niet alleen de juiste technische voorzieningen, maar ook een duidelijke communicatie met patiënten, medewerkers en bezoekers. De richtlijnen zijn ontworpen om zowel de veiligheid van de patiënt als de medische medewerkers te waarborgen.
Overwegingen voor patiënten
Isolatie kan een negatieve impact hebben op het welzijn van de patiënt. Daarom is het belangrijk dat patiënten worden geïnformeerd over de redenen achter de isolatiemaatregelen. Het is ook essentieel om de proportionaliteit van de maatregelen in overweging te nemen. De richtlijnen benadrukken dat isolatie niet altijd nodig is en dat het belangrijk is om de balans te vinden tussen infectiepreventie en het welzijn van de patiënt.
Kosten en middelen
De aanbevelingen voor aërogene isolatie hebben weinig tot geen invloed op de kosten vergeleken met de huidige praktijk. De richtlijnen zijn gebaseerd op bestaande protocollen en benutten de huidige infrastructuur zoveel mogelijk. De implementatie van aërogene isolatie vereist dus geen aanzienlijke extra middelen.
Bezoekregels en instructies voor bezoekers
Bezoekers spelen een belangrijke rol in het zorgproces van een patiënt. Bij aërogene isolatie zijn er echter duidelijke regels voor het bezoeken van patiënten. Deze regels zijn bedoeld om de verspreiding van ziekteverwekkers te voorkomen en zowel de patiënt als de bezoeker te beschermen.
Voor bezoekers
- FFP2-mondneusmasker: Bezoekers moeten een FFP2-mondneusmasker dragen bij het bezoeken van patiënten in aërogene isolatie.
- Sluisregels: De sluisregels moeten strikt worden nageleefd. De deuren van de sluis mogen niet tegelijk open zijn.
- Afstand houden: Hoewel de afstand bij aërogene isolatie niet het hoofddoel is, is het wenselijk om zoveel mogelijk lichamelijk contact te vermijden.
- Bezoekersminderjarigen: Kinderen jonger dan 12 jaar zijn in principe niet toegestaan, tenzij er een uitzondering is gemaakt in overleg met de verantwoordelijke arts.
Voor patiënten
Patiënten in aërogene isolatie mogen in overleg met de verpleegkundige eventueel hun kamer verlaten voor revalidatie. In dat geval moeten ze een mondneusmasker dragen. Na het ontslag uit het ziekenhuis zijn er geen isolatiemaatregelen meer nodig in de thuissituatie. Als de patiënt naar een verpleeg- of verzorgingshuis gaat, of thuiszorg ontvangt, worden de zorgverleners daar geïnformeerd over de juiste maatregelen.
Maatregelen na ontslag
Na het verlaten van het ziekenhuis is de aërogene isolatie meestal niet langer nodig. In de thuissituatie zijn er geen extra voorzichtigheden nodig, tenzij de patiënt een verpleeg- of verzorgingshuis bezoekt. In dat geval worden de zorgverleners daar geïnformeerd over de juiste maatregelen.
Conclusie
Aërogene isolatie is een essentiële maatregel in medische omgevingen om de verspreiding van ziekteverwekkers te voorkomen. Het is vooral van toepassing bij ziekten die zich via de lucht verspreiden, zoals tuberculose. De toepassing van aërogene isolatie vereist niet alleen technische voorzieningen zoals een eenpersoonskamer met sluis, maar ook een strikte naleving van hygiënemaatregelen door zowel medewerkers als bezoekers. Afstand speelt een rol, maar is niet het hoofddoel; technische maatregelen zoals onderdruk en FFP2-maskers zijn essentieel. In het operatiekamercomplex zijn er aanvullende richtlijnen om te zorgen voor zowel infectiepreventie als veilige zorgverlening. De implementatie van aërogene isolatie moet altijd evenwichtig worden afgewogen tegen het welzijn van de patiënt. De richtlijnen zijn gebaseerd op de meest recente bewijsvoering en richtlijnen van betrouwbare instanties zoals de CDC.