In het kader van de verduurzamingsdoelstellingen in de woningbouwsector zijn subsidies voor energiebesparende isolatiemaatregelen een centraal instrument om woningen energiezuiniger en duurzamer te maken. Deze subsidies worden vaak aangevraagd via nationale of lokale regelingen, waarbij de nadruk ligt op het verbeteren van de thermische isolatie van woningen. In dit artikel wordt een uitgebreid overzicht gegeven van kwalificerende activiteiten en toepassingsvoorwaarden op basis van de meest actuele informatie over isolatiesubsidies in Nederland.
Inleiding: Het Belang van Isolatie in de Woningbouw
Energiebesparing en verduurzaming zijn essentiële doelstellingen voor zowel woningeigenaren als regering. Het isoleren van woningen draagt aanzienlijk bij aan het verminderen van energieverbruik en CO2-uitstoot. In dit opzicht zijn subsidies voor isolatiemaatregelen een belangrijk instrument om de wijkhuisarts-mentaliteit van woningeigenaren te versterken, maar ook om de fiscale druk van hoge energierekeningen te verlichten.
Lokale subsidies zoals het Capels Isolatie Plan 2024 – 2030 en nationale programma’s zoals de ISDE (Investeringssubsidie Duurzame Energie) leggen uitgebreid uit welke maatregelen kwalificeren en welke voorwaarden gelden. In dit artikel worden deze subsidies nader belicht, met een focus op artikel 4 van relevante regelingen, die een kernrol speelt in het bepalen van wat wel en niet kwalificeert voor subsidie.
Wat zijn Kwalificerende Isolatiemaatregelen?
De bepaling van wat precies als een kwalificerende isolatiemaatregel wordt gezien, is van belang om subsidies aan te vragen. In de gegeven bronnen is duidelijk gesteld welke maatregelen in aanmerking komen voor subsidies. Het gaat hierbij vooral om maatregelen die voldoen aan minimale isolatiedoelen zoals Rc-waarden of Ug-waarden.
Energiebesparende Isolatiemaatregelen
Een energiebesparende isolatiemaatregel wordt gedefinieerd als een maatregel die voldoet aan de minimale isolatiedoelen zoals beschreven in de ISDE (Investeringssubsidie Duurzame Energie). Voor Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) en Gecontroleerde Verenigingen van Eigenaren (GVvE’s) gelden daarnaast de minimale isolatiewaarden en minimale m2-eisen zoals aangegeven in de SVVE (Subsidieverlening Verenigingen van Eigenaren).
Deze maatregelen kunnen onder andere gericht zijn op het isoleren van de volgende bouwdelen:
- Dak: Hellend of plat dak met een Rc-waarde ≤ 2,0 of minder dan 9 cm isolatiemateriaal aanwezig.
- Zolder- of vlieringvloer: Geen zolder- of vlieringvloerisolatie aanwezig, Rc-waarde ≤ 0,5.
- Gevel: Geen spouwmuurisolatie, voorzetwand of buitengevelisolatie aanwezig, Rc-waarde ≤ 1,1.
- Vloer- of bodemisolatie: Geen of slechte vloer- en bodemisolatie aanwezig, minder dan 5 cm isolatiemateriaal aanwezig, Rc-waarde ≤ 1,3.
- Glas: Enkel glas, oud dubbelglas of HR-glas met een Ug-waarde ≥ 1,6.
Deze bouwdelen worden uitgebreid genoemd in bijlage 1 van de regeling, waarin ook duidelijk is gesteld wat wordt gerekend als “niet of slecht geïsoleerd bouwdeel”. Deze informatie is essentieel voor het bepalen of een maatregel kwalificeert voor subsidie.
Energiezuinige Ventilatiemaatregelen
Naast isolatie kunnen ook ventilatiemaatregelen subsidiegevoelig zijn, mits ze voldoen aan de eisen die zijn vastgelegd in artikel 4.5.2. derde lid, onderdeel f. Een ventilatiemaatregel kan bijvoorbeeld gericht zijn op het installeren van een luchtfiltersysteem of het optimaliseren van luchtdoorstroming om energiebesparing te realiseren. Voor dergelijke maatregelen is een vaste subsidiebedrag van € 400 vastgesteld.
Biobased Isolatiematerialen
Sinds 2024 is er in de ISDE een bonus ingevoerd voor het gebruik van milieuvriendelijke biobased isolatiematerialen. Materialen zoals vlas en vezelhennep zijn vaak duurzaam geproduceerd, maar momenteel nog duurder dan conventionele isolatiematerialen. De milieukostenindicator (MKI) speelt hierbij een rol bij het bepalen van de milieu-impact van dergelijke materialen. De methode om de MKI te berekenen is aangepast, nu gebaseerd op 19 milieueffecten in plaats van 11, wat leidt tot een hogere totale score en dus een herijking van de eisen.
Subsidievoorwaarden en Kwalificatiecriteria
De voorwaarden en kwalificatiecriteria voor het aanvragen van subsidies zijn strikt geregeld in de relevante regelingen. Deze voorwaarden zijn niet alleen gericht op het type maatregel, maar ook op het wanneer en hoe deze maatregel moet worden uitgevoerd.
Tijdsperiode van Uitvoering
Een belangrijke voorwaarde is de tijdsperiode waarbinnen een maatregel moet worden uitgevoerd. Zo moet een energiebesparende isolatiemaatregel bijvoorbeeld pas kwalificeren indien deze is uitgevoerd vanaf 1 juni 2024. Dit is een recente aanpassing in de regeling om ervoor te zorgen dat subsidies worden gebruikt voor maatregelen die nog niet zijn uitgevoerd.
Bij verder uitvoeringsaspecten geldt ook een beperkte termijn: een aanvraag voor subsidie dient binnen 24 maanden na installatie, aanbreng of aansluiting van de investering te worden ingediend. Dit betekent dat het belangrijk is om binnen deze periode een aanvraag te doen bij de relevante instantie.
Subsidieverlening en De-Minimisverordening
Subsidieverlening aan Verenigingen van Eigenaren (VvE’s) en Gecontroleerde Verenigingen van Eigenaren (GVvE’s) moet conform zijn met de de-minimisverordening (Verordening (EU) nr. 2023/2831). Deze verordening legt beperkingen op aan de totale hoeveelheid aan staatssteun die kan worden verstrekt aan één entiteit. In de regeling is verder opgenomen dat het niet voldoen aan de eisen van deze verordening een grond kan zijn voor weigering van subsidie of lagere vaststelling.
Een belangrijke vereiste voor subsidies aan VvE’s is het verplichte invullen van een de-minimisverklaring bij de aanvraag. Dit dient om te verifiëren dat het gebruik van staatssteun binnen de EU-richtlijnen blijft.
Financiële Beperkingen
Er zijn ook beperkingen op de totale subsidie die kan worden aangevraagd. Zo is er een limiet gesteld op het totaalbedrag dat per gemeente kan worden aangevraagd, gebaseerd op bijlagen die in de regeling zijn opgenomen. Dit betekent dat subsidies niet zomaar beschikbaar zijn en dat prioriteit moet worden gegeven aan maatregelen die het meest energiebesparend zijn.
Subsidieaanvraagproces
Het aanvraagproces voor isolatiesubsidies vereist zorgvuldige voorbereiding en het invullen van specifieke formulieren. Voor woningeigenaren is de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO) de belangrijkste aanspreekpunt voor de ISDE-subsidie. Dit betreft subsidies voor individuele woningen, zoals spouwmuurisolatie, dakisolatie, HR++glas of vloerisolatie.
Voor Verenigingen van Eigenaren is de RVO eveneens de aanspreekpunt voor subsidies gericht op het verduurzamen van appartementencomplexen. Deze subsidies kunnen bijvoorbeeld gebruikt worden voor het opstellen van een duurzaam jaarlijkse onthehoudingsplan (DMJOP), energieadvies, begeleiding bij meerdere renovaties of het installeren van duurzame verwarming.
Leningen voor Verduurzaming
Naast subsidies zijn er ook mogelijkheden om via leningen de kosten van verduurzamingsmaatregelen te dekken. Het Nationaal Warmtefonds biedt bijvoorbeeld de energiebespaarlening aan, waarbij woningeigenaren tegen een lage rente geld kunnen lenen voor verduurzamingsprojecten. Deze lening is bedoeld om subsidies aan te vullen en kan een waardevolle financieringsbron zijn.
Subsidiebeperkingen en Uitzonderingen
Niet alle maatregelen of situaties vallen onder het subsidiekader. Er zijn specifieke uitzonderingen en beperkingen die moeten worden overwogen bij het overwegen van een aanvraag.
Algemene Beperkingen
Subsidies zijn niet toegestaan voor maatregelen die al eerder zijn uitgevoerd. Dit betekent dat subsidies retroactief niet kunnen worden verstrekt voor maatregelen die al zijn uitgevoerd. Dit is bedoeld om subsidies te richten op toekomstige investeringen en niet op het belonen van verleden acties.
Daarnaast zijn subsidies niet toegestaan voor maatregelen die niet voldoen aan de minimale isolatiedoelen. Als bijvoorbeeld een woning al voldoet aan de minimale Rc-waarden, is er geen subsidie mogelijk voor verdere isolatie.
Uitzonderingen op de Beperkingen
Er zijn wel enkele uitzonderingen op deze beperkingen. Zo is er bijvoorbeeld een uitzondering op de 24-maandregel als er meer dan 24 maanden zijn verstreken tussen twee opeenvolgende maatregelen waarvoor subsidies zijn verstrekt. Dit betekent dat in sommige gevallen een aanvraag toch mogelijk is, mits de maatregel technisch gezien kwalificeert.
Conclusie
Subsidies voor energiebesparende isolatiemaatregelen vormen een belangrijk onderdeel van de inspanningen om de woningbouwsector duurzamer te maken. De regelgeving rond deze subsidies is complex en vereist een zorgvuldige aanpak. Het is belangrijk om zowel de kwalificerende maatregelen als de voorwaarden en beperkingen goed te begrijpen om een succesvolle aanvraag te doen.
De regelingen zoals de Subsidieregeling Capels Isolatie Plan 2024 – 2030 en de ISDE zijn duidelijk in hun aanduiding van wat kwalificeert en welke voorschriften gelden. Deze regelingen bieden een uitgebreid kader voor woningeigenaren, Verenigingen van Eigenaren en andere betrokken partijen om subsidies aan te vragen en verduurzamingsprojecten te realiseren.
Zowel individuele woningeigenaren als VvE’s kunnen profiteren van deze subsidies, mits de maatregelen voldoen aan de minimale eisen en binnen de gestelde tijdsperiode worden uitgevoerd. Daarnaast is het gebruik van milieuvriendelijke biobased isolatiematerialen een aantrekkelijke optie, mits de eisen aan de milieukostenindicator zijn voldaan.