Contactisolatie bij BRMO-bacteriën: Hygiënemaatregelen en preventie in woning- en zorgomgeving

Inleiding

Bijzonder Resistente Micro-organismen (BRMO) zoals ESBL-producterende bacteriën, vancomycine-resistente Enterococcus faecium (VRE) en carbapenemresistente Pseudomonas stellen een groeiend risico in de zorg- en woningsector. In de context van woningbouw en renovatie kan het begrip van contactisolatie en hygiënemaatregelen van uitzonderlijk belang zijn, vooral in woonomgevingen waar zorgverlening of tijdelijk verblijf van BRMO-dragers plaatsvindt. Dit artikel biedt een gedetailleerde uitleg over de implementatie van contactisolatie-protocollen, aandachtspunten bij de bouw of renovatie van woningen en ruimtes, en mogelijke preventieve maatregelen op basis van richtlijnen van relevante zorgorganisaties.

Wat zijn BRMO en waarom is contactisolatie belangrijk?

Bijzonder Resistent Micro-organisme (BRMO) is een verzamelnaam voor bacteriën die resistent zijn tegen meerdere antibiotica. Dit maakt BRMO's lastiger te behandelen en verhoogt het risico op verspreiding, vooral in zorginstellingen of tijdelijke woonomgevingen. Onder de genoemde BRMO’s vallen:

  • ESBL-producterende Enterobacterales (zoals Escherichia coli en Klebsiella pneumoniae)
  • Carbapenemresistente Pseudomonas aeruginosa
  • Vancomycine-resistente Enterococcus faecium (VRE)

De verspreiding van BRMO’s vindt meestal via direct contact met de handen, kleding of oppervlakken. Daarom is contactisolatie een essentieel hygiënebeleid om de verspreiding te voorkomen. Het is een maatregel die zowel van toepassing is in ziekenhuizen, verpleeghuizen, vluchtelingenopvang, als in tijdelijke woonruimtes waar mensen met BRMO’s terechtkomen.

Wanneer contactisolatie van toepassing is

Volgens de richtlijnen van de Landelijke Coördinatie Infectieziektebestrijding (LCI) en de Stichting Werkgroep Antibioticabeleid (SWAB) moeten contactisolatiemaatregelen worden genomen bij:

  • De lichamelijke verzorging van de cliënt (zoals baden, verpleging, medicatiegebruik)
  • Het opmaken van de badkamer, toilet of bed van een BRMO-drager

Specifieke BRMO’s die onder contactisolatie vallen zijn:

  • ESBL-producterende bacteriën
  • Resistente Enterobacterales (behalve CPE en KPC)
  • Resistente Pseudomonas
  • Resistente Stenotrophomonas

Het protocol geldt zolang er sprake is van dragerschap of een verdenking van dragerschap. Het doel van contactisolatie is om zowel directe als indirecte verspreiding via handen, kleding, oppervlakken en materialen te voorkomen.

Hygiënemaatregelen in de praktijk

Voor patiënten of tijdelijke bewoners

Wanneer een persoon in een woning of woonruimte met BRMO’s terechtkomt, zijn er een aantal regels die worden gevolgd om verspreiding te beperken:

  • Geen verlaat van de kamer zonder begeleiding. Als er onderzoek of behandeling plaatsvindt, moet de persoon schone kleding dragen en handalcohol gebruiken.
  • Geen gebruik van gemeenschappelijke ruimtes, zoals eetkamer of huiskamer.
  • Geen lichamelijk contact met anderen in de woning of bij kamergenoten.
  • Geen uitlenen of lenen van spullen.
  • Gebruik van eigen toilet en doucheruimte (indien mogelijk). In gevallen waar dit niet mogelijk is, moet de BRMO-drager de doucheruimte als laatste gebruiken.

Voor medewerkers

Mensen die de BRMO-drager verzorgen of behandelen, moeten de volgende hygiënemaatregelen volgen:

  • Schorten tijdens lichamelijk contact of behandeling.
  • Handschoenen bij elke interactie.
  • Handhygiëne na elke aanraking of contact.

Voor bezoekers

Bezoek is mogelijk aan BRMO-dragers, ook voor zwangere personen. Het is echter belangrijk dat bezoekers zich melden bij de verpleging. Als er twijfel is over de gezondheidstoestand van de bezoeker, kan dit worden besproken met de behandelende arts of verpleging.

Contactisolatie in woon- en bouwprojecten

Bouw- en renovatieaandachtspunten

In de context van woningbouw of renovatie kunnen BRMO’s in tijdelijke woonruimtes, vluchtelingenopvang of zorgwoningen voorkomen. Het is daarom belangrijk om in de bouw- of renovatiefase rekening te houden met hygiëne- en isolatiebeleid. Aandachtspunten zijn:

  1. Sanitaire voorzieningen: De voorziening van aparte toiletten en doucheruimtes voor BRMO-dragers kan het risico op verspreiding verminderen.
  2. Ruimtelijke isolatie: Het ontwerp van woonruimtes kan zodanig zijn dat BRMO-dragers afgeschermd kunnen worden van andere bewoners.
  3. Toegankelijkheid en bewegingsvrijheid: De ruimtes moeten toegankelijk zijn voor medewerkers en hulpmiddelen, zoals schorten, handschoenen en desinfecterende middelen.
  4. Veiligheid en isolatie: Het gebruik van isolatiemateriaal en het ontwerp van de ruimte moet zowel hygiëne als privacy bevorderen.

Aanpassing van woningen

Bij het aanpassen van woningen voor BRMO-dragers of tijdelijke woonruimtes moet rekening worden gehouden met de volgende aspecten:

  • Bouwmaterialen: Het gebruik van eenvoudig te reinigen materialen (zoals kunststof, gietteer of glas) in ruimtes waar BRMO-dragers verblijven.
  • Ventilatie: Goede ventilatie is essentieel om bacteriële luchtvervuiling te beperken.
  • Bereikbaarheid: De ruimte moet toegankelijk zijn voor medische hulpmiddelen en persoonlijke hygiëneproducten.
  • Signaalsystemen: Installatie van signaleringssystemen voor medewerkers om te reageren op noodsignalen of contact.

Kenmerken van BRMO’s en transmissie

Transmissiepaden

De verspreiding van BRMO’s gebeurt voornamelijk via direct contact met de handen of kleding van de drager. Echter, BRMO’s kunnen ook via oppervlakken en materialen worden overgedragen. In sommige gevallen kan transmissie via water of voedsel plaatsvinden, bijvoorbeeld wanneer BRMO’s in oppervlaktewater of op groenten terechtkomen. Dit onderstreept de noodzaak van een omvattende hygiëne- en isolatiestrategie.

Overleving buiten het lichaam

BRMO’s kunnen op sommige oppervlakken langdurig overleven. Dit maakt het belangrijk om regelmatig oppervlakken te desinfecteren en contactonderzoek te doen. De exacte duur van overleving kan variëren per bacterie. Inrichting van woningen of woonruimtes met ruimtes die makkelijk te reinigen zijn, helpt bij het beheersen van dit risico.

Contact- en brononderzoek

Wat is contactonderzoek?

Contactonderzoek wordt uitgevoerd om aan te tonen of andere personen besmet of geïnfecteerd zijn door een BRMO-drager. De uitkomsten van het onderzoek bepalen of aanvullende isolatiemaatregelen nodig zijn. Het onderzoek kan omvatten:

  • Bekwaamheidstesten van contactpersonen
  • Lichaamssamplingen
  • Observatie van symptomen

Het doel is om dragers te identificeren en zo nodig in quarantaine te nemen of isolatiemaatregelen toe te passen.

Brononderzoek

Brononderzoek richt zich op het identificeren van de oorsprong van de BRMO-infectie. Dit helpt bij het opstellen van preventieve maatregelen. Het onderzoek kan bijvoorbeeld gericht zijn op:

  • Voorgeschiedenis van de patiënt
  • Vorige verblijven of reizen
  • Expozities in de omgeving

De exacte methoden en duur van het onderzoek kunnen variëren per BRMO. Er zijn kennislacunes rondom het optimaal omgaan met contact- en brononderzoek, zoals de duur van testen of het aantal kweken dat nodig is voor een betrouwbare uitslag.

Beëindiging van isolatie

De beëindiging van isolatie en infectiepreventiemaatregelen wordt bepaald door het aantal negatieve tests en de tijd die verstreken is sinds de laatste blootstelling aan de bacterie. Echter, er zijn nog open vragen over het juiste aantal kweken en de tijd tussen de kweken. De exacte criteria voor beëindiging van de isolatie zijn daardoor niet volledig duidelijk.

Aanbevelingen voor woningbouw en renovatie

Bouw- en inrichtingsrichtlijnen

  1. Sanitaire isolatie: Ruimtes voor BRMO-dragers moeten zoveel mogelijk gescheiden zijn van andere bewoners of gebruikers.
  2. Materialen: Kies voor materialen die makkelijk te reinigen zijn en waarin bacteriën minder makkelijk kunnen blijven leven.
  3. Ventilatie: Zorg voor adequate ventilatie om de luchtverversing te garanderen.
  4. Toegankelijkheid: Ruimtes moeten toegankelijk zijn voor medische hulpverlening en voorzien van hygiëneproducten.
  5. Aanpassing voor isolatie: Bouw of renovatieprojecten moeten ruimtes kunnen aanpassen voor isolatiebeleid bij BRMO’s.

Communicatie en training

Zowel bouwers als woonruimtebeheerders moeten getraind worden in het herkennen van BRMO’s en het toepassen van isolatiemaatregelen. Dit is vooral belangrijk in woonomgevingen met tijdelijke bewoners of zorgverlening.

Conclusie

Contactisolatie bij BRMO’s is een essentieel onderdeel van hygiëne- en infectiepreventiebeleid. Deze maatregelen zijn van toepassing in zorginstellingen, vluchtelingenopvang, en tijdelijke woonruimtes. In de context van woningbouw en renovatie is het belangrijk om rekening te houden met de bouw- en inrichtingsaspecten die bijdragen aan hygiëne en isolatiebeleid. Door materialen, ruimteontwerp en communicatie te optimaliseren, kan het risico op verspreiding van BRMO’s worden beperkt. De implementatie van richtlijnen van LCI en SWAB helpt bij het garanderen van een veilige woon- en zorgomgeving.

Bronnen

  1. Contactisolatie bij BRMO (o.a. ESBL)
  2. Contact isolatie
  3. SRI-richtlijnen BRMO
  4. Richtlijnen BRMO LCI

Gerelateerde berichten