Druppelcontactisolatie: maatregelen, toepassing en betekenis in ziekenhuisomgevingen

In het kader van infectiepreventie in ziekenhuisomgevingen wordt druppelcontactisolatie toegepast om de verspreiding van besmettelijke ziekten te voorkomen. Deze vorm van isolatie richt zich op de preventie van zowel contact- als druppeloverdracht van bacteriën of virussen. Het doel van deze artikel is om de toepassing, maatregelen en betekenis van druppelcontactisolatie in detail uit te leggen, op basis van relevante informatie uit zorgverlenende instellingen in Nederland.

Druppelcontactisolatie is een van de vele vormen van isolatie die worden gebruikt in medische praktijk. Het betreft een combinatie van contact- en druppelisolatie, wat inhoudt dat de ziekteverwekker zowel via direct contact als via druppels, bijvoorbeeld bij hoesten of niezen, kan worden overgedragen. In dit artikel worden de maatregelen voor zowel patiënten als bezoekers besproken, evenals de technische en hygiënische aspecten van het isolatieproces.


Wat is druppelcontactisolatie?

Druppelcontactisolatie is een maatregel die wordt toegepast in ziekenhuizen om de verspreiding van besmettelijke ziekten te beperken. Deze vorm van isolatie wordt gebruikt wanneer een patiënt een ziekteverwekker heeft die zowel via direct contact als via druppels kan worden overgedragen. Druppels kunnen bijvoorbeeld vrijkomen bij hoesten of niezen en kunnen op voorwerpen terechtkomen, waaruit een infectie kan ontstaan bij anderen.

De isolatie betekent dat de patiënt op een eenpersoonskamer verblijft. De deur van de kamer blijft meestal gesloten om eventuele verspreiding van de ziekteverwekker te voorkomen. Daarnaast hangt er vaak een oranje kaart op de deur om medewerkers en bezoekers op de hoogte te brengen van de isolatiemaatregelen.

Deze vorm van isolatie is van toepassing bij ziekten die veroorzaakt worden door zowel bacteriën als virussen. In sommige gevallen kan het ook nodig zijn bij patiënten met een verlaagde weerstand, omdat zij meer gevoelig zijn voor infecties.


Maatregelen voor zorgverleners

Zorgverleners die contact hebben met een patiënt in druppelcontactisolatie moeten zich aan een aantal voorzorgsmaatregelen houden. Deze maatregelen zijn bedoeld om zowel de patiënt als de zorgverlener te beschermen tegen eventuele besmetting. De belangrijkste maatregelen zijn:

  • Gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM): Zorgverleners moeten een FFP2- of FFP3-mondneusmasker, handschoenen en een schort dragen bij het verzorgen van de patiënt. Deze uitrusting helpt bij het voorkomen van zowel contact- als druppeloverdracht.
  • Handhygiëne: Voordat en na het contact met de patiënt moeten zorgverleners hun handen desinfecteren met handalcohol of wassen met water en zeep. Dit is van groot belang om eventuele ziekteverwekkers te verwijderen.
  • Afsluiten van de kamer: De kamer waarin de patiënt verblijft moet zoveel mogelijk afgesloten blijven. Dit beperkt de kans op verspreiding van de ziekteverwekker naar andere delen van het ziekenhuis.
  • Specifieke voorzorgsmaatregelen bij hoesten en niezen: Patiënten worden uitgenodigd om te hoesten in de binnenkant van hun elleboog of in papieren zakdoeken, om druppels te minimaliseren.

De medische verantwoordelijke, zoals arts of verpleegkundige, informeert patiënten over de reden van de isolatie en de maatregelen die genomen worden. In sommige gevallen is extra uitleg nodig om te voorkomen dat patiënten zich ongemakkelijk voelen of zich sluiten af van de verzorging.


Maatregelen voor bezoekers

Bezoekers die een patiënt in druppelcontactisolatie willen bezoeken, moeten zich aan een aantal regels houden. Deze maatregelen zijn van belang om de verspreiding van ziekteverwekkers te voorkomen, niet alleen voor de patiënt in isolatie, maar ook voor andere patiënten in het ziekenhuis. De belangrijkste maatregelen voor bezoekers zijn:

  • Melden bij de verpleging: Voorafgaand aan het bezoek moet de bezoeker zich aanmelden bij de verpleging van de afdeling. Hierbij kan worden bepaald of extra beschermende maatregelen nodig zijn.
  • Gebruik van mondneusmasker: Bezoekers moeten een mondneusmasker dragen tijdens het bezoek. Dit masker wordt afgedragen in de sluis of wachtkamer van de afdeling, na het bezoek.
  • Handhygiëne: Na het bezoek moet de bezoeker zijn handen desinfecteren met handalcohol of wassen met water en zeep. Dit is van belang om eventueel opgelopen ziekteverwekkers te verwijderen.
  • Verlaten van het ziekenhuis: Na het bezoek wordt aangeraden om het ziekenhuis direct te verlaten om de kans op verspreiding van ziekteverwekkers te beperken.
  • Bijzondere aandacht bij zwangere bezoekers: Zwangere vrouwen kunnen op bezoek komen, maar moeten zich melden bij de verpleging om eventuele risico’s in overweging te nemen.

Daarnaast is het belangrijk dat bezoekers die ziek zijn, zoals bij koorts of verkoudheid, zich niet op bezoek melden. Dit dient om de verspreiding van eventuele infecties te voorkomen.


Uitvoering van druppelcontactisolatie

De uitvoering van druppelcontactisolatie houdt verschillende stappen in, zowel voor de patiënt als voor de zorgverleners. Deze stappen zijn gericht op het beperken van ziekteverwekkers in de omgeving van de patiënt. De belangrijkste aspecten zijn:

  • Plaatsing op een één-persoonskamer: De patiënt wordt opgenomen in een aparte kamer om contact met andere patiënten te beperken.
  • Gebruik van persoonlijke hygiëneartikelen: Patiënten worden uitgenodigd om schone kleding te dragen en hun handen regelmatig te wassen met water en zeep of te desinfecteren met handalcohol.
  • Beperken van beweging: De patiënt mag de kamer alleen verlaten wanneer dat echt nodig is en in overleg met de verpleging. Bij het verlaten van de kamer moet hij of zij schone kleding dragen, een mondneusmasker gebruiken en zijn of haar handen desinfecteren.
  • Informatie en communicatie: De verpleegkundige bespreekt de reden van de isolatie, de duur, de maatregelen voor zorgverleners en bezoekers, en de voorwaarden waaronder de isolatie beëindigd kan worden.

De kamer waarin de patiënt verblijft is meestal goed afgeschermd, zodat de verspreiding van ziekteverwekkers naar andere delen van het ziekenhuis beperkt blijft. In sommige gevallen wordt een zogenaamde “eilandverpleging” toegepast, waarin patiënten met verschillende isolatie-indicaties op eenzelfde afdeling kunnen liggen. In dit geval worden persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt per patiënt.


Maatregelen na ontslag

Na het ontslag van een patiënt in druppelcontactisolatie zijn er in de meeste gevallen geen isolatiemaatregelen meer nodig. In de thuissituatie is het niet nodig om bijvoorbeeld beschermende maatregelen te nemen, tenzij er bijzondere risico’s zijn. In sommige gevallen, bijvoorbeeld wanneer de patiënt na ontslag naar een verpleeg- of verzorgingshuis gaat of thuiszorg ontvangt, worden de betrokken zorgverleners geïnformeerd over de juiste maatregelen.

Een belangrijk aspect na ontslag is de communicatie met de huisarts of andere betrokken zorgverleners. Zij kunnen bepalen of er extra voorzorgsmaatregelen nodig zijn, afhankelijk van de aard van de ziekte en de risico’s die er op lange termijn kunnen zijn.


Technische en hygiënische aspecten van isolatiekamers

De technische uitvoering van druppelcontactisolatie houdt ook hygiënische en bouwkundige aspecten in. De kamer waarin de patiënt verblijft moet voldoen aan bepaalde eisen, zowel qua ventilatie als qua bescherming tegen ziekteverwekkers. De belangrijkste technische aspecten zijn:

  • Ventilatie: De ventilatie in de kamer moet voldoen aan de eisen voor infectiepreventie. In sommige gevallen kan een hogere air changes per hour (ACH) nodig zijn om de verspreiding van ziekteverwekkers te beperken.
  • Drukverschil: Het drukverschil tussen de isolatiekamer en andere delen van het ziekenhuis is van belang om ervoor te zorgen dat lucht in de juiste richting stroomt. Dit voorkomt dat ziekteverwekkers uit de isolatiekamer naar andere delen van het ziekenhuis worden verspreid.
  • Luchtroosters: De positie van luchtroosters is ook belangrijk. Zorg moet worden genomen dat de lucht niet direct in contact komt met de patiënt of zorgverleners, maar via een veilig systeem wordt afgevoerd.
  • Materialen en oppervlakken: Oppervlakken in de kamer moeten makkelijk te reinigen zijn en resistent zijn tegen ziekteverwekkers. Het gebruik van ontsmetbare materialen en deugdelijke oppervlakken is van groot belang voor de hygiëne.

Bij het ontwerp van isolatiekamers is het belangrijk dat zowel de bouwkundige als de hygiënische aspecten worden meegenomen. In de praktijk wordt vaak een combinatie van technische en hygiënische maatregelen toegepast om de veiligheid van patiënten en zorgverleners te waarborgen.


Conclusie

Druppelcontactisolatie is een belangrijke maatregel in de medische praktijk om de verspreiding van besmettelijke ziekten te beperken. Het betreft een combinatie van contact- en druppelisolatie en wordt toegepast wanneer ziekteverwekkers via direct contact of via druppels kunnen worden overgedragen. Zowel zorgverleners als bezoekers moeten zich aan een aantal voorzorgsmaatregelen houden, zoals het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen en handhygiëne.

In de uitvoering van druppelcontactisolatie is het belangrijk dat patiënten op een één-persoonskamer worden opgenomen en dat de kamer goed is afgeschermd. Zorgverleners gebruiken schort, handschoenen en mondneusmaskers, terwijl bezoekers zich aanmelden bij de verpleging en een mondneusmasker dragen tijdens hun bezoek. De kamer moet voldoen aan hygiënische en bouwkundige eisen, zoals ventilatie, drukverschil en de positie van luchtroosters.

Na het ontslag zijn in de meeste gevallen geen isolatiemaatregelen meer nodig, maar in sommige gevallen zijn er extra voorzorgsmaatregelen nodig. De communicatie met zorgverleners en het huisartsenvereniging is van groot belang om eventuele risico’s te beheren.


Bronnen

  1. info.mumc.nl
  2. nwz.nl
  3. lumc.nl
  4. radboudumc.nl
  5. isala.nl
  6. sri-richtlijnen.nl

Gerelateerde berichten