Inleiding
De Energie-investeringsaftrek (EIA) is een belangrijke fiscale regeling in Nederland die bedrijven stimuleert te investeren in energiebesparende bedrijfsmiddelen. Het doel van de regeling is het versnellen van de marktintroductie van innovatieve middelen die energie-efficiënter zijn dan gangbare alternatieven. In 2017 onderging de EIA enkele significante wijzigingen die specifiek relevant zijn voor de bouw- en renovatiesector, met name op het gebied van isolatie en energieprestatieverbetering van bestaande bedrijfsgebouwen.
Uit evaluaties over de periode 2017-2021 blijkt dat de EIA een effectieve stimulans is geweest voor energiebesparing. De regeling heeft een gemiddelde bruto energiebesparing van 9,7 PJ per jaar gerealiseerd. Hoewel de netto besparing (gecorrigeerd voor 'freeriders') lager uitvalt (tussen 2,6 en 6,7 PJ per jaar), toont de doelmatigheid van de uitvoering aan dat de regeling efficiënt is ingericht. Dit artikel analyseert de specifieke voorwaarden en vereisten voor isolatie-investeringen onder de EIA in 2017, op basis van de beschikbare overheidsdocumenten en fiscale publicaties.
Veranderingen in het EIA-percentage en Budget
Voor het jaar 2017 is het budget voor de EIA verhoogd naar € 166 miljoen, een toename ten opzichte van € 161 miljoen in het voorgaande jaar. Ondanks deze budgetverhoging is het aftrekpercentage gewijzigd. Waar ondernemers in 2016 nog 58% van de investeringskosten konden aftrekken van de fiscale winst (bovenop de gebruikelijke afschrijving), werd dit percentage in 2017 vastgesteld op 55,5%.
Deze verlaging van het percentage werd gecompenseerd door een verruiming van de criteria. De minimale vereiste energiebesparing voor bedrijfsgebouwen, processen en transportmiddelen werd versoepeld. Deze verruiming had als doel om meer investeringen, waaronder projecten met een langere terugverdientijd, in aanmerking te laten komen voor de regeling. Hiermee sluit de EIA 2017 beter aan bij de doelstellingen van het Energieakkoord om energiebesparing verder aan te moedigen.
Isolatie en Energieprestatieverbetering in 2017
De gebouwde omgeving vormt een belangrijk speelveld voor de EIA. In 2017 werden specifieke wijzigingen doorgevoerd met betrekking tot energieprestatieverbetering van bestaande bedrijfsgebouwen. Deze wijzigingen zijn cruciaal voor bedrijven die plannen hebben voor renovatie of verbouwing waarbij isolatie een centrale rol speelt.
De Verplichting van Maatwerkadvies
Een belangrijke voorwaarde die in 2017 werd geïntroduceerd voor investeringen in de gebouwde omgeving, betreft de vereiste van een maatwerkadvies. Voordat een pakket van energie-investeringen (inclusief isolatie) voor de EIA kan worden gemeld, moet het maatwerkadvies, waarop dit pakket is gebaseerd, volledig gereed zijn.
Dit betekent dat bedrijven niet langer volstaan met een algemene inschatting. Het maatwerkadvies dient als fundament voor de investeringsbeslissing en de daaropvolgende EIA-aanvraag. Deze eis waarborgt dat de investeringen daadwerkelijk bijdragen aan een optimale energieprestatie van het bedrijfsgebouw en voorkomt dat investeringen worden gedaan die niet aansluiten bij de specifieke energetische behoeften van het pand.
Isolatie van Bestaande Procesinstallaties
Naast isolatie van gebouwdelen, biedt de EIA ook mogelijkheden voor de isolatie van procesinstallaties. Hoewel de bronnen in 2017 geen specifieke details geven over de exacte code voor isolatie van bestaande procesinstallaties, wordt duidelijk uit latere publicaties (zoals die van RVO) dat dit een specifieke categorie is binnen de EIA. Bedrijven die investeren in het isoleren van leidingen, ketels of andere procesinstallaties om energieverlies te beperken, kunnen in aanmerking komen voor de aftrek, mits voldaan wordt aan de technische eisen op de Energielijst.
LED-verlichting en Maximering
Hoewel LED-verlichting technisch gezien geen isolatie is, valt het onder energiebesparende maatregelen in de gebouwde omgeving. In 2017 werd voor investeringen in LED-verlichting het maximale bedrag dat in aanmerking komt voor de EIA gemaximeerd. Het doel van deze maximering was het vereenvoudigen van de afhandeling van aanvragen voor deze specifieke techniek. Dit toont aan dat de overheid streeft naar een efficiënte uitvoering van de regeling, zelfs als dit betekent dat de fiscale stimulans voor specifieke onderdelen wordt begrensd.
Uitvoering en Administratieve Verplichtingen
De aanvraag voor de EIA dient te worden ingediend bij de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland (RVO.nl). De publicatie van de Energielijst 2017 was bepalend voor wat precies mogelijk was onder de regeling. Het was essentieel om de juiste codes uit deze lijst te gebruiken bij de aanvraag.
Voor de isolatie van bestaande procesinstallaties (code 220409) zijn in latere jaren specifieke formulieren voor aanvullende informatie vereist. Hoewel de bronnen voor 2017 niet expliciet dit specifieke formulier noemen, benadrukken ze de noodzaak van zorgvuldige documentatie. De eis dat het maatwerkadvies gereed moet zijn voordat het pakket wordt gemeld, is hier een duidelijk voorbeeld van. Deze administratieve discipline is essentieel om aanspraak te maken op de fiscale aftrek.
Evaluatie: Doeltreffendheid en Doelmatigheid
Om de impact van de EIA 2017 goed te kunnen plaatsen, is het relevant om te kijken naar de evaluatie over de periode 2017-2021. Deze evaluatie, uitgevoerd in opdracht van het ministerie van Economische Zaken en Klimaat, biedt inzicht in de effectiviteit van de regeling.
Bruto versus Netto Energiebesparing
De evaluatie onderscheidt bruto en netto energiebesparing. * Bruto energiebesparing: De totale hoeveelheid energie die wordt bespaard door alle projecten die via de EIA zijn gerealiseerd. Dit bedroeg gemiddeld 9,7 PJ per jaar. * Netto energiebesparing: De besparing die overblijft na correctie voor het aandeel 'freeriders'. Freeriders zijn bedrijven die de investering toch al hadden gedaan, zonder de fiscale stimulans. De netto besparing wordt geschat op 2,6 tot 6,7 PJ per jaar.
De variatie in de netto schatting geeft de complexiteit van het meten van additionele effecten weer. Desondanks wijst de evaluatie op een positieve bijdrage aan de Nederlandse energiedoelstellingen.
Doelmatigheid van Uitvoering
De evaluatie concludeert dat de uitvoering van de EIA doelmatig is geweest. Dit duidt op een efficiënt proces voor aanvragen, beoordelingen en uitbetalingen bij de RVO. Voor ondernemers betekent dit dat de regeling, ondanks de administratieve verplichtingen zoals het maatwerkadvies, goed te navigeren is.
Doeltreffendheid
Waar de uitvoering doelmatig is, kan de doeltreffendheid volgens de evaluatie verbeterd worden. Dit hangt samen met de vraag of de regeling er daadwerkelijk toe leidt dat bedrijven investeren die ze anders niet hadden gedaan (de additionaliteit). De forse bruto besparing toont aan dat er veel investeringen worden gedaan, maar de lagere netto cijfers wijzen op een significante groep bedrijven die al van plan was te investeren. De verruiming van de voorwaarden in 2017, zoals het verlagen van de minimumeis voor energiebesparing, was erop gericht deze doeltreffendheid te verhogen door de drempel voor nieuwe investeringen te verlagen.
Conclusie
De Energie-investeringsaftrek (EIA) 2017 bood een gestructureerd kader voor bedrijven om te investeren in energiebesparende maatregelen, waaronder isolatie. Hoewel het aftrekpercentage daalde naar 55,5%, zorgde een verruiming van de criteria en een verhoging van het budget voor een breder toepassingsgebied.
Voor de praktijk van isolatie in bestaande bedrijfsgebouwen was de invoering van de verplichting voor een maatwerkadvies de meest in het oog springende wijziging. Deze maatregel verankert de investering in een wetenschappelijk onderbouwd plan, waardoor de kwaliteit en effectiviteit van de energiebesparing worden gewaarborgd. Hoewel de regeling in de periode 2017-2021 geconfronteerd werd met een aanzienlijk aandeel freeriders, bleek de uitvoering efficiënt en leverde de regeling een significante bijdrage aan de totale energiebesparing in Nederland. Voor ondernemers die in 2017 investeerden in isolatie, betekende dit dat naast het technische aspect, ook het administratieve traject van maatwerkadvies en tijdige melding bij RVO cruciaal was voor succes.