Gastro-enteritis isolatie: Maatregelen en Protocollen in Zorgomgevingen

Gastro-enteritis, een ontsteking van het maag-darmkanaal, vormt een aanzienlijke uitdaging binnen zorgomgevingen vanwege het hoge besmettingsrisico. De bronnen beschrijven de noodzaak van specifieke isolatiemaatregelen om verspreiding van virussen en bacteriën te voorkomen. Hoewel de term primair betrekking heeft op de medische sector, bieden de beschreven protocollen inzicht in infectiepreventie die relevant is voor iedereen die zich bezighoudt met hygiëne en veiligheid in gebouwde omgevingen. Dit artikel analyseert de isolatieprocedures, de klinische behandeling van de aandoening en de epidemiologische context op basis van de beschikbare documentatie.

Definitie en Oorzaken van Gastro-enteritis

Gastro-enteritis wordt gedefinieerd als een ontsteking van het slijmvlies in het maag-darmkanaal. Deze aandoening komt veelvuldig voor en kan worden veroorzaakt door virussen of bacteriën. Volgens de informatie is de ontsteking meestal het gevolg van een virus, hoewel bacteriële oorzaken ook voorkomen. De verspreiding kan plaatsvinden via voedsel, drinkwater of onvoldoende hygiëne, en er kan sprake zijn van epidemieën.

De belangrijkste verschijnselen die worden genoemd, zijn diarree (soms met bloed en/of slijm), braken, koorts, buikpijn en buikkrampen. Een gevaarlijk aspect van de aandoening is het verlies van vocht en zouten door koorts, braken en diarree, wat kan leiden tot uitdroging. Significante signalen van uitdroging zijn onder andere geen urineproductie gedurende 12 uur of langer, minder alert reageren, droge slijmvliezen, huilen zonder tranen en een ingezonken fontanel bij zuigelingen.

Epidemiologie en Surveillance

In Nederland is er sprake van een aanzienlijke ziektelast als gevolg van gastro-enterale infecties. Naar schatting vinden er jaarlijks rond de 700.000 voedselgerelateerde infecties plaats. Het Centrum Epidemiologie en Surveillance van infectieziekten (GEZ) houdt zich bezig met het inzicht verkrijgen in de omvang van deze infecties, het identificeren van bronnen en risicofactoren, en het evalueren van interventies.

Surveillance vormt de basis voor de vroegtijdige signalering van verheffingen en uitbraken. Wekelijks worden OSIRIS-aangiften gemonitord voor diverse pathogenen, waaronder bacillaire dysentrie (Shigellose), buiktyfus, cholera, hepatitis A en voedselinfecties. Er vindt intensieve surveillance plaats voor meldingsplichtige pathogenen zoals Shigatoxine-producerende E. coli (STEC) en Listeria. Ook voor Campylobacter, hoewel niet meldingsplichtig, vindt surveillance plaats. De bronnen vermelden dat de surveillance voor Campylobacter vanaf 2020 wordt uitgevoerd op basis van ISIS-AMR. De surveillance omvat ook zoönotische infecties, met name teken-overdraagbare ziektes zoals de ziekte van Lyme.

Klinische Behandeling

De behandeling van gastro-enteritis richt zich primair op het voorkomen of herstellen van uitdroging. Medicamenteuze behandeling is vrijwel nooit nodig. De aanpak verschilt enigszins tussen volwassenen en kinderen, hoewel de principes vergelijkbaar zijn.

Behandeling bij kinderen

Bij kinderen bestaat de behandeling uit het toedienen van ORS (Oral Rehydration Solution), een oplossing van water met opgeloste suikers en zouten. Na iedere verschoning van een luier met diarree heeft een kind ongeveer 10 ml ORS per kilogram lichaamsgewicht nodig. Voor kinderen jonger dan een jaar is dit ongeveer een kopje, voor kinderen ouder dan een jaar een tot twee kopjes. Bij borstvoeding kan het kind vaker worden aangelegd, aangevuld met ORS in een flesje. Ook bij braken wordt ORS makkelijk opgenomen, mits het in zeer regelmatige, kleine beetjes wordt gegeven.

In sommige gevallen is opname in het ziekenhuis noodzakelijk. Dit is het geval als het kind de ORS niet voldoende zelf drinkt of blijft spugen. Dan kan een maagsonde worden ingebracht om de ORS toe te dienen. Bij ernstige uitdroging of aanhoudend braken is soms toediening van vocht via een infuus nodig.

Isolatiemaatregelen en Infectiepreventie

Om verspreiding van het virus of de bacterie binnen het ziekenhuis te voorkomen, worden patiënten verpleegd onder 'gastro-enteritis isolatie'. Deze maatregelen hebben gevolgen voor de patiënt, bezoekers en medewerkers. De isolatie is nodig om verspreiding naar andere patiënten, bezoekers en medewerkers te voorkomen.

Maatregelen voor de patiënt

De patiënt verblijft op een eenpersoonskamer, waarbij de deur open mag staan. Medewerkers die de patiënt verzorgen, dragen soms een schort, handschoenen en een mondneusmasker. Zij desinfecteren hun handen met handalcohol bij het binnenkomen en verlaten van de kamer, en ook tussendoor bij verpleegkundige en medische handelingen.

Voor de patiënt gelden specifieke gedragsregels: - Wassen van handen na elk toiletbezoek met water en zeep. - De kamer verlaten mag alleen na overleg met een verpleegkundige. - Bij verlaten van de kamer moet de patiënt de handen desinfecteren met handalcohol. - Bezoek ontvangen is gewoon mogelijk.

Maatregelen voor bezoekers

Bezoekers moeten zich houden aan de voorzorgsmaatregelen die op een bruine kaart naast de deur van de kamer staan. Dit omvat: - Desinfecteren van de handen met handalcohol voor en na het bezoek. - Bezoek aan andere patiënten moet plaatsvinden vóór het bezoek aan de gastro-enteritis patiënt.

Isolatieduur en Transmissieroutes

De isolatieduur is afhankelijk van de verwekker. De bronnen bieden een gedetailleerd overzicht van isolatie-indicaties per ziektebeeld en verwekker. Voor gastro-enteritis worden verschillende verwekkers en transmissieroutes genoemd.

Verwekker Transmissieroute Isolatiemaatregel Duur isolatie
Adenovirus infectie Druppel en contact Contact / Druppel en contact Tot einde diarree/braken
Astrovirus Druppel en contact Contact / Druppel en contact Module Isolatieduur norovirus
Escherichia coli, entero-hemorrhagisch (EHEC/STEC) Druppel en contact Contact / Druppel en contact Tot einde klachten
Onbekende verwekker Zie verwekker waarvoor wordt verdacht Contact / Druppel en contact Zie verwekker waarvoor wordt verdacht

Bij heftige diarree/braken geldt vaak ook een druppelroute. De isolatie wordt opgeheven op basis van negatieve diagnostiek of het verdwijnen van klachten. Voor norovirus geldt een isolatieduur tot minimaal 48 uur na de laatste klachten.

Conclusie

Gastro-enteritis is een besmettelijke aandoening die specifieke isolatiemaatregelen vereist in zorgomgevingen. De kern van de behandeling is het bestrijden van uitdroging, voornamelijk door het toedienen van ORS. De epidemiologie toont aan dat het om een frequent voorkomende aandoening gaat, waardoor surveillance essentieel is voor volksgezondheid. De isolatieprotocollen zijn strikt gereguleerd en variëren per verwekker, maar vereisen in alle gevallen strikte handhygiëne en het gebruik van persoonlijke beschermingsmiddelen door zorgverleners. Het naleven van deze maatregelen is cruciaal om verspreiding binnen faciliteiten te beperken.

Bronnen

  1. VieCuri - Gastro-enteritis isolatie
  2. Haga Ziekenhuis - Gastro-enteritis
  3. RIVM - Gastro-enteritis
  4. SRI Richtlijnen - Isolatie Indicatietabel

Gerelateerde berichten