Kinkhoest: Preventie, Isolatie en Maatregelen in Woon- en Werksituaties

Kinkhoest, of pertussis, is een ernstige en zeer besmettelijke luchtweginfectie die wordt veroorzaakt door de bacterie Bordetella pertussis. Hoewel de ziekte in Nederland en Vlaanderen grotendeels onder controle wordt gehouden door het Rijksvaccinatieprogramma, komt kinkhoest nog steeds regelmatig voor, zowel bij kinderen als bij volwassenen. De impact van de ziekte kan aanzienlijk zijn, met name voor zuigelingen en volwassenen die niet (meer) volledig beschermd zijn. Begrip van de verspreidingswijze, de incubatietijd en de juiste isolatiemaatregelen is essentieel voor het voorkomen van uitbraken, zowel in de privésfeer als in professionele omgevingen zoals de bouw en renovatiesector. Dit artikel biedt een gedetailleerd overzicht van kinkhoest, gebaseerd op de meest actuele richtlijnen en beschikbare informatie.

Wat is Kinkhoest?

Kinkhoest is een bacteriële infectie die wordt gekenmerkt door hevige, oncontroleerbare hoestbuien. De medische benaming is pertussis, en de bijnaam "100-dagen-hoest" verwijst naar het feit dat de hoest vaak maandenlang kan aanhouden. De ziekte is uiterst besmettelijk en verspreidt zich via druppeltjes in de lucht die vrijkomen bij hoesten en niezen. Hoewel de prognose voor oudere kinderen over het algemeen goed is, kan kinkhoest bij zuigelingen leiden tot ernstige complicaties, zoals longontsteking, hersenschade en in zeer extreme gevallen overlijden.

De bacterie en transmissie

De veroorzaker, Bordetella pertussis, is een bacterie die de luchtwegen aantast. Transmissie vindt plaats door het inademen van druppeltjes uit de keelholte van een besmette persoon. Een besmet persoon is besmettelijk vanaf ongeveer 7 tot 10 dagen na het ontstaan van de klachten, tot maximaal 21 dagen na het begin van de ziekte. Wanneer er antibioticatherapie wordt gestart, wordt de besmettelijkheid teruggebracht tot 5 tot 7 dagen na aanvang van de behandeling.

Symptomen en verloop

De ziekte begint vaak met verkoudheidsachtige verschijnselen, zoals lichte koorts en een loopneus. Na enkele dagen ontwikkelt zich het typische, krampachtige hoesten. Tijdens een hoestaanval kan de patiënt moeite hebben met ademhalen, wat soms gepaard gaat met een gierend ademhalingsgeluid. Bij baby's kan de ziekte zeer ernstig verlopen; zij kunnen stoppen met ademhalen of zodanig benauwd raken dat ziekenhuisopname noodzakelijk is.

Bescherming en Vaccinatie

Immuniteit tegen kinkhoest is geen levenslange garantie. Zowel vaccinatie als het doormaken van de infectie zelf biedt geen permanente bescherming. De beschermingsduur van het vaccin wordt geschat op 4 tot 12 jaar. Hierdoor kan iedereen die niet (meer) beschermd is, de ziekte opnieuw krijgen.

Het Rijksvaccinatieprogramma en Vlaamse maatregelen

In Nederland maken kinderen deel uit van het Rijksvaccinatieprogramma, waarbij zij gevaccineerd worden met onder andere het DKTP-Hib-HepB-vaccin (inclusief kinkhoestcomponent). In Vlaanderen maakt kinkhoestvaccinatie deel uit van het basisvaccinatieschema voor zuigelingen, en de Vlaamse Overheid stelt gratis vaccins beschikbaar.

Een specifieke maatregel is de "22 wekenprik" (kinkhoestprik voor zwangeren). Deze wordt toegediend tijdens de zwangerschap om de pasgeborene directe bescherming te bieden via antistoffen van de moeder. Dit is cruciaal omdat baby's voor de volledige vaccinatieserie kwetsbaar zijn. Baby's worden vaak besmet door ouders of broertjes en zusjes in het gezin. Als een zwangere vrouw rond de bevalling kinkhoest krijgt en niet gevaccineerd is, kan zij de baby direct na de geboorte besmetten.

Isolatie- en Preventiemaatregelen

De preventie van kinkhoest berust op een combinatie van vaccinatie en strikte hygiënemaatregelen. Wanneer er een geval van kinkhoest wordt vastgesteld, is het van belang om verspreiding te voorkomen door isolatie en profylaxe.

Algemene hygiëne (Hoest- en nieshygiëne)

Een goede hoest- en nieshygiëne is de eerste verdedigingslinie. Dit omvat: - Hoesten of niezen in de elleboog of in een papieren zakdoekje. - Regelmatig handen wassen na hoesten of niezen. - Het gebruik van wegwerpzakdoekjes. - In sommige situaties kan het dragen van een mondmasker nuttig zijn.

Postexpositieprofylaxe en antibiotica

Bij blootstelling aan kinkhoest is het noodzakelijk om na te denken over profylaxe, vooral binnen gezinnen met kwetsbare personen. De maatregelen zijn met name geïndiceerd als er in het gezin sprake is van niet- of onvolledig beschermde zuigelingen of zwangere vrouwen zonder maternale kinkhoestvaccinatie in de laatste weken van de zwangerschap.

In dergelijke gevallen kan de arts besluiten tot postexpositieprofylaxe, oftewel preventieve antibioticagebruik voor alle gezinsleden. Het doel is om de bacterie uit het gezin te elimineren. Dit geldt ook voor gezinsleden die in het verleden volledig gevaccineerd zijn, omdat vaccinatie het transmissierisico niet volledig wegneemt.

Als er sprake is van een verdenking op kinkhoest bij een van de gezinsleden en er geen cito PCR-diagnostiek mogelijk is, kan in afwachting van laboratoriumbevestiging al gestart worden met behandeling en profylaxe, vooral vanwege het risico voor zuigelingen.

Diagnostiek

Voordat er maatregelen buiten het gezin worden genomen, dient de diagnose bij de indexpatiënt door laboratoriumonderzoek bevestigd te zijn. De diagnose kan worden gesteld door: - Slijm af te nemen achter in de neus (PCR-test). - Bloedonderzoek (serologie). Let op: serologie is pas na enkele weken positief; in het begin van de infectie is PCR de voorkeursmethode.

Maatregelen in Specifieke Settings

De aanpak van kinkhoest verschilt per omgeving. Hierbij wordt onderscheid gemaakt tussen de thuissituatie, kinderopvang en werksituaties.

Gezinssituatie

Binnen het gezin is de focus op het elimineren van de bacterie. Maatregelen zijn geïndiceerd bij een kinkhoestpatiënt in een gezin met niet of onvolledig beschermde zuigelingen. Naast profylaxe is het belangrijk dat verkoudheidsklachten die ontstaan 7 tot 21 dagen na contact met de bron, worden gezien als een mogelijke kinkhoestinfectie. In dat geval is antibiotische profylaxe geïndiceerd, eventueel zonder microbiologische bevestiging (pragmatisch oogpunt).

Kinderopvang en Scholen

Bij melding van meerdere gevallen op school of kinderopvang is het raadzaam om ouders te informeren zodat zij alert kunnen zijn op verschijnselen. Wering van de patiënt zelf is in de kinderopvang vaak niet zinvol. Wel kan er overwogen worden om niet of niet volledig gevaccineerde kinderen te weren, afhankelijk van de situatie.

Werksituatie: Risicolopers en Risicovormers

Voor professionals in sectoren als bouw, renovatie en vastgoedonderhoud is kinkhoest een reëel risico, met name vanwege contact met bewoners of klanten. De arbeidsrelevante aanvullingen, geschreven voor en door bedrijfsartsen, bieden richtlijnen binnen het kader van de Arbowet, het Arbobesluit en de Europese Richtlijn 2000/54.

Risicolopers: Dit zijn medewerkers die door hun werkzaamheden in contact kunnen komen met kinkhoest. In umc's (universitaire medische centra) worden dit alle medewerkers genoemd die potentieel blootgesteld kunnen worden. Echter, het risico om kinkhoest op te lopen tijdens het werk wordt niet groter geacht dan buiten het werk. Preventieve maatregelen zijn: - Vaccinatie: Is over het algemeen niet geïndiceerd voor medewerkers. - Aanstellingsonderzoek: Is niet nodig. - Voorlichting: Informatie moet beschikbaar zijn via de bedrijfsarts of folders. - Algemene maatregelen: Volg de isolatievoorschriften opgesteld door de afdeling ziekenhuishygiëne.

Risicovormers (Wering van werk): Medewerkers die besmet zijn en in de besmettelijke fase verkeren, dienen als risicovormers beschouwd te worden. Wering van werk kan van toepassing zijn. Medewerkers met kinkhoest mogen niet werken met onbeschermde zuigelingen. Ook medewerkers die direct contact hebben met zuigelingen jonger dan 6 maanden vallen onder specifieke aandacht.

Blootstelling op het werk: Als medewerkers intensief en onbeschermd contact hebben gehad met een bewezen positieve patiënt (collega of huisgenoot), volgen specifieke instructies: - Bij verkoudheidsklachten die ontstaan 7-21 dagen na contact, is antibiotische profylaxe geïndiceerd. - Serologie is in de beginfase niet betrouwbaar; PCR-diagnostiek is vereist. - Uit voorzorg kan tijdelijk aangepast werk worden geboden (niet-patiëntgebonden).

Conclusie

Kinkhoest is een serieuze aandoening die, ondanks vaccinatieprogramma's, nog steeds een bedreiging vormt, vooral voor de allerkwetsbaarsten. Effectieve bestrijding berust op snelle diagnostiek, strikte isolatie van besmettelijke personen en preventieve maatregelen zoals antibiotische profylaxe binnen gezinnen en risicogroepen. In de werksituatie, waaronder de bouw en renovatie, is het essentieel om beleid te volgen dat is vastgelegd in de Arbowetgeving en arbeidsrelevante aanvullingen. Door het volgen van hygiëneprotocollen en het adequaat handelen bij verdenking of blootstelling, kan de verspreiding van kinkhoest effectief worden beperkt.

Bronnen

  1. Dokter Hoe - Kinkhoest
  2. Infonu - Kinkhoest bacteriële infectie met hoesten en ademnood
  3. LCI RIVM - Richtlijnen Kinkhoest
  4. Rijksvaccinatieprogramma - Kinkhoest
  5. Gezondheid en Wetenschap - Kinkhoest

Gerelateerde berichten