Isolatietests voor Elektromotoren: Methoden, Procedures en Toepassingen voor Preventief Onderhoud

Inleiding

In de bouw- en renovatiesector vormen elektromotoren een cruciaal onderdeel van diverse installaties, variërend van liften en pompen tot ventilatiesystemen en persen. De betrouwbaarheid van deze motoren is essentieel voor de bedrijfsvoering. Een plotselinge motorstoring leidt tot aanzienlijke financiële schade en productieverlies. Preventief onderhoud is dan ook de aangewezen strategie, maar helaas wachten veel faciliteiten tot een defect optreedt voordat actie wordt ondernomen. In dergelijke noodsituaties, of bij gepland onderhoud, bieden isolatietests een effectieve methode om de staat van de motor te beoordelen.

Een isolatieweerstandstest, vaak uitgevoerd met een toestel dat in de volksmond een "Megger" wordt genoemd, meet de weerstand van de isolatie in elektrische installaties, kabels en motoren. Deze test helpt bij het opsporen van slijtage, vervuiling, lekken en mogelijke storingen die tot gevaarlijke situaties of uitval kunnen leiden. De resultaten bieden onderhoudsmonteurs de nodige data om te bepalen of een motor veilig kan worden herstart of dat reparatie noodzakelijk is. Dit artikel behandelt de fundamentele procedures, veiligheidsmaatregelen en geavanceerde meetmethoden voor het testen van de isolatie van elektromotoren, met specifieke aandacht voor de interpretatie van meetwaarden.

Veiligheidsprocedures en Basisvoorbereiding

Voordat er enige isolatieweerstandstest wordt uitgevoerd, is het van cruciaal belang dat alle elektronische regelingen en andere gevoelige apparaten worden gescheiden van de te testen stroomkring. Isolatietestspanningen kunnen ernstige schade toebrengen aan deze componenten. Een onderhoudsmonteur dient allereerst de scheidingsschakelaar van de starter uit te schakelen en deze te labelen om onbedoelde bekrachtiging te voorkomen.

Fluke-isolatietesters bieden hierbij ondersteuning; ze waarschuwen de gebruiker indien er nog verbinding is met een spanningvoerende stroomkring. Indien een spanningvoerende stroomkring wordt gedetecteerd, zal de tester geen stroom opzetten. Bovendien beschikken deze testers over een functie voor veilig ontladen nadat de test is afgerond, wat essentieel is voor de veiligheid van het personeel.

Een checklist voor het opsporen van storingen bij een defecte motor omvat de volgende stappen: - Probeer de motor niet direct opnieuw te starten; dit kan ernstige schade veroorzaken. - Voer een visuele inspectie uit op rook of vreemde geuren. - Verzamel basisgegevens van de motor via het typeplaatje. - Voer metingen uit met een digitale multimeter om spanning, zekeringen en aardingen te controleren.

Uitvoering van de Isolatieweerstandstest

Nadat de veiligheidsmaatregelen zijn getroffen, kan de eigenlijke meting worden opgezet. De tester moet worden ingesteld op de juiste testspanning. De testspanning dient hoger te zijn dan de normale bedrijfsspanning van het te testen apparaat. Vervolgens worden de weerstanden bepaald tussen de netspanningszijde van de starter naar de aarde en de belastingzijde van de starter naar de aarde.

Voor een goed resultaat moeten zowel de net- als belastingscircuits een hoge weerstand vertonen. Over het algemeen gelden de volgende minimumwaarden voor veilige werking: - AC-apparaten: minimaal 2 meg-ohm naar aarde. - DC-apparaten: minimaal 1 meg-ohm naar aarde.

Als de weerstandswaarden aan de belastingszijde acceptabel zijn, kan worden doorgegaan naar de volgende test. Indien dit niet het geval is, moet het probleem verder worden gelokaliseerd. De vraag is dan: bevindt de beschadigde isolatie zich in de belastingszijde van de startmotor, de kabels of de motor zelf? Een specifieke test bestaat uit het meten van de isolatieweerstand van de wikkelweerstand naar fase en fase naar aarde. Deze test biedt uitsluitend een momentmeting en geen opslag of trendregistratie.

Interpretatie van Meetresultaten

De interpretatie van de testresultaten is bepalend voor het nemen van de juiste actie. Bij het testen van de wikkelweerstand naar fase en fase naar aarde worden de volgende criteria gehanteerd voor goede resultaten: - Symmetrische relatieve weerstandswaarden op alle drie statorfasen. - Hoge weerstandswaarden van fase naar aarde.

Problemen manifesteren zich als: - Ernstige fouten in de weerstand, zoals een kortsluiting van fase naar fase. - Elke onbalans van de weerstand van wikkeling naar wikkeling.

Als de meetwaarden meer dan enkele procenten afwijken, is het waarschijnlijk niet veilig om de motor te bekrachtigen. Het is belangrijk te beseffen dat een enkele positieve waarde niet garandeert dat er niets mis is, maar één slechte waarde wijst wel degelijk op een probleem.

Geavanceerde Meetmethoden: DAR en PI

Naast de basis isolatieweerstandsmeting bestaan er geavanceerdere methoden zoals de Polarisation Index (PI) en de Dielectric Absorption Ratio (DAR). Deze metingen analyseren het gedrag van de stroom gedurende gespecificeerde tijdsperioden.

De DAR-meting (Dielectric Absorption Ratio)

De DAR meet hoe snel de isolatieweerstand van een elektromotor zich herstelt na het aanleggen van een constante DC-spanning. Dit gebeurt over een korte periode, meestal 30 seconden tot 1 minuut. De verhouding wordt berekend als de isolatieweerstand na 60 seconden gedeeld door die na 30 seconden: - DAR = R(60s) / R(30s)

DAR-metingen zijn vooral nuttig bij isolaties die snel stabiliseren, zoals in kleinere motoren (laagspanning) of wanneer omgevingsinvloeden zoals vocht de isolatieweerstand beïnvloeden.

De PI-meting (Polarisation Index)

De PI is de verhouding tussen de 10-minuten-weerstandswaarde en de 1-minuut-weerstandswaarde. Sommige geavanceerde Fluke-isolatietesters, zoals de Fluke 1555, Fluke 1550c en Fluke 1587 FC, berekenen de PI en DAR automatisch.

Echter, bij zeer hoge weerstand (hoger dan 5 GΩ na 1 minuut) is de isolatie vaak zo goed dat verdere meting weinig diagnostische waarde toevoegt. Een dergelijk hoge weerstand wijst erop dat: - De isolatie in uitstekende conditie verkeert (geen significante lekstromen of absorptie-effecten). - Omgevingsinvloeden minimaal zijn (vocht of vervuiling hebben weinig effect). - De PI-meting tijdsverspilling is.

Vaak ziet men bij een PI-meting op laagspanningsmotoren dat bovenstaande situatie veel voorkomt. Daarom is een PI-meting op laagspanningsmotoren niet te adviseren; in dit geval is de DAR-meting de betere keuze.

Conclusie

Het testen van de isolatieweerstand van elektromotoren is een essentiële techniek voor zowel preventief onderhoud als het oplossen van acute storingen. Door het volgen van strikte veiligheidsprocedures, zoals het scheiden van elektronische regelingen en het controleren op spanning, kunnen risico's worden geminimaliseerd. De interpretatie van de meetwaarden vereist kennis van minimumnormen voor AC- en DC-apparaten en het herkennen van onbalans in fasen.

Voor een volledig beeld kunnen geavanceerde metingen zoals DAR en PI worden ingezet, waarbij de keuze voor de juiste methode afhankelijk is van het motortype en de omgevingscondities. Hoewel een hoge weerstandswaarde vaak wijst op een gezonde installatie, kunnen afwijkingen of onbalans duiden op slijtage of defecten die onmiddellijke aandacht vereisen. Het afgerond uitvoeren van deze testen zorgt voor een doortastende beoordeling van de 'go/no go'-status van de motor.

Bronnen

  1. Fluke - Troubleshoot failed motors with insulation resistance testing
  2. Ionio - Polarizatie indexmetingen vs DAR meting op elektromotoren
  3. Havé-Digitap - De resultaten van een Megger-test analyseren
  4. Flonchi - Hoe de isolatieweerstand te testen

Gerelateerde berichten