Maatregelen voor Druppelisolatie in Ziekenhuizen: Protocollen voor Patiënten en Bezoekers

Inleiding

In de zorgomgeving, met name in ziekenhuizen, vormen infectiepreventie een hoeksteen van de veiligheid voor patiënten, bezoekers en zorgpersoneel. Het instellen van de juiste isolatiemaatregelen is essentieel om de verspreiding van besmettelijke bacteriën en virussen te voorkomen. Een specifieke vorm van isolatie die vaak wordt toegepast, is druppelisolatie. Deze maatregelen zijn gericht op het tegengaan van overdracht via respiratoire druppels, die ontstaan bij hoesten, niezen of praten. Hoewel de term 'isolatie' vaak associaties oproept van strikte beperkingen, is het doel voornamelijk het waarborgen van de hygiëne en het beperken van besmettingsrisico's binnen de ziekenhuisomgeving.

De informatie in dit artikel is gebaseerd op richtlijnen en patiëntenvoorlichting van verschillende Nederlandse medische centra, waaronder Tergooi, Isala, het LUMC en het Radboudumc, evenals algemene infectiepreventierichtlijnen. Deze bronnen bieden een gedetailleerd beeld van de procedures die zowel voor opgenomen patiënten als voor bezoekers gelden wanneer druppelisolatie is ingesteld. In dit artikel worden de protocolen uiteengezet, de verantwoordelijkheden van verschillende partijen schetsend en de praktische implicaties voor het verblijf in een ziekenhuis beschrijvend.

Wat betekent Druppelisolatie?

Druppelisolatie is een specifieke vorm van isolatie die wordt toegepast bij patiënten die een infectie hebben die wordt overgedragen via druppeltjes in de ademlucht. De maatregelen zijn erop gericht om deze druppeltjes, die een beperkte afstand afleggen, niet bij andere personen te laten komen.

Doel en Toepassing

Het primaire doel van druppelisolatie is het voorkomen van overdracht van infecties naar andere patiënten, bezoekers of medewerkers. Verschillende infectieziekten vereisen deze maatregel. Uit de beschikbare gegevens blijkt dat druppelisolatie onder andere wordt toegepast bij: - Bof - Kinkhoest - Influenza (A of B) - Roodvonk - Meningokokkeninfecties - RSV-infecties (Respiratoir Syncytieel Virus)

De duur van de isolatie verschilt per aandoening. Voor kinkhoest geldt bijvoorbeeld een isolatieduur tot drie weken na de eerste manifestatie of tot vijf dagen na start van de therapie. Bij de bof duurt de isolatie tot negen dagen na het begin van de zwelling van de speekselklieren.

De Praktische Uitvoering

Wanneer druppelisolatie wordt ingesteld, vindt er een gesprek plaats tussen de verpleegkundige en de patiënt. Hierin worden de volgende punten besproken: - De reden van de isolatie. - De verwachte duur van de isolatie. - De maatregelen die door zorgmedewerkers moeten worden genomen. - De maatregelen die door bezoekers moeten worden genomen. - De momenten waarop de verpleging de kamer betreedt. - De voorwaarden waaronder de isolatie beëindigd kan worden.

Voor de patiënt is het van belang om te weten dat deze maatregelen tijdelijk zijn en dienen ter bescherming van de omgeving.

Maatregelen voor Patiënten

Voor een patiënt die opgenomen is en druppelisolatie nodig heeft, gelden specifieke regels. Deze zijn erop gericht de verspreiding van ziekteverwekkers te minimaliseren.

Verblijf en Verplaatsingen

De patiënt verblijft standaard op een eenpersoonskamer. Aan de deur wordt een blauwe kaart geplaatst met de te nemen maatregelen, zodat iedereen die de kamer betreedt direct op de hoogte is. In sommige ziekenhuizen mag de deur van de kamer open blijven, terwijl in andere protocollen de kamer strikt beperkt wordt betreden.

Verplaatsingen buiten de kamer zijn sterk beperkt. Patiënten mogen de kamer alleen verlaten na overleg met de verpleging, en uitsluitend als dit noodzakelijk is voor onderzoek of therapie. Wanneer de kamer wel verlaten moet worden, gelden extra maatregelen: - Er moet sprake zijn van schone kleding. - De handen moeten worden gewassen met water en zeep of gedesinfecteerd met handalcohol. - Er moet een mondneusmasker worden gedragen. - Gemeenschappelijke ruimtes, zoals de huiskamer of het restaurant, mogen in de regel niet worden bezocht.

Hygiëne

Persoonlijke hygiëne is een pijler van de isolatie. Patiënten wordt geadviseerd de handen te wassen na elk toiletbezoek. Ook is het belangrijk om lichamelijk contact met andere patiënten te vermijden.

Maatregelen voor Bezoekers

Bezoek spelen een cruciale rol in het herstel van patiënten, maar vormen ook een potentieel risico voor verspreiding van infecties. Daarom gelden er duidelijke instructies voor bezoekers.

Meldplicht en Instructies

Voordat bezoek wordt gebracht, moeten bezoekers zich melden bij de verpleging. Hier ontvangen zij instructies over de specifieke maatregelen die gelden. Dit kan per situatie en per ziekenhuis enigszins afwijken, maar over het algemeen geldt het volgende: - Bezoekers dragen bij binnenkomst van de kamer een mondneusmasker. - Na het verlaten van de kamer wassen bezoekers de handen met water en zeep of desinfecteren zij deze met handalcohol. - Bezoekers mogen het Radboudumc verlaten na hun bezoek en mogen geen andere patiënten of plekken in het ziekenhuis bezoeken na het bezoek aan hun naaste.

Kinderen

Voor kinderen gelden vaak extra voorzieningen. Bij Tergooi worden kinderen jonger dan zes jaar alleen in overleg toegelaten. Bij Isala geldt dat kinderen jonger dan twaalf jaar alleen toegelaten worden na overleg met de arts. Zwangere bezoekers worden in het LUMC expliciet genoemd als toegestaan, mits zij zich melden en de maatregelen opvolgen.

Gezondheidstoestand van Bezoekers

Bezoekers die zelf klachten hebben, zoals verkoudheid of koorts, wordt dringend verzocht niet op bezoek te komen. Dit is een algemene maatregel binnen de infectiepreventie.

Maatregelen voor Zorgmedewerkers

Zorgmedewerkers zijn degenen die de patiënt direct verzorgen. Zij moeten tijdens binnenkomst in de kamer de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) dragen.

Persoonlijke Beschermingsmiddelen

De samenstelling van de PBM kan variëren, afhankelijk van de handeling die wordt verricht. De gegevens geven een beeld van de benodigdheden: - Mondneusmasker: Dit is vereist bij binnenkomst van de kamer door medisch, verpleegkundig en ondersteunend personeel. In het LUMC dragen medewerkers bij behandeling of verzorging ook een schort, handschoenen en een mondneusmasker. - Schort en Handschoenen: Deze worden gedragen bij behandeling of verzorging. - Spatbril: In sommige situaties (zoals vermeld in de context van Isala) kan een spatbril onderdeel uitmaken van de uitrusting, met name bij zorgcontacten op zaal.

De maatregelen zijn erop gericht dat medewerkers bij het verlaten van de kamer geen besmettingsrisico vormen voor andere afdelingen.

Infectiepreventie in de Context van Verschillende Ziekteverwekkers

De bronnen geven een overzicht van diverse infectieziekten en de bijbehorende isolatiemaatregelen. Hoewel de focus ligt op druppelisolatie, is het relevant om te zien hoe dit zich verhoudt tot andere maatregelen. Zo onderscheiden we: - Contactisolatie: Voor ziekten die via direct contact of via objecten (fomites) worden overgedragen (bijv. Norovirus, Clostridium difficile). - Druppelisolatie: Voor ziekten die via hoesten/niezen worden overgedragen (bijv. Kinkhoest, Influenza). - Aërogene isolatie: Voor ziekten die via kleine deeltjes in de lucht over een grotere afstand kunnen worden overgedragen (bijv. Mazelen, Tuberculose). - Strikte isolatie: Voor zeer ernstige, hoogpathogene infecties (bijv. Ebolakoorts, SARS).

Bij infecties zoals RS-virus is sprake van een combinatie van contact- en druppelisolatie. Het is essentieel dat het juiste type isolatie wordt gekozen op basis van de verwekker.

Voorbeelden van Isolatieduur

De duur van de isolatie is strikt gedefinieerd om verspreiding te voorkomen: - Kinkhoest: Tot 3 weken na eerste manifestatie of tot 5 dagen na start therapie. - Influenza: Tot genezing. - Bof: Tot 9 dagen na begin zwelling. - Roodvonk: Tot 24 uur na start therapie. - Meningokokken: Tot 24 uur na start therapie.

Deze tijdsduur is bindend en wordt bepaald door de behandelend arts of infectiepreventie.

Beëindiging van de Isolatie

De isolatie kan worden opgeheven wanneer aan bepaalde voorwaarden is voldaan. Dit is afhankelijk van het klinisch herstel, de duur van de therapie of specifieke laboratoriumuitslagen (zoals negatieve kweken). De verpleegkundige bespreekt de voorwaarden voor beëindiging met de patiënt.

Bij ontslag naar huis zijn isolatiemaatregelen in de thuissituatie vaak niet meer nodig. Echter, als de patiënt wordt overgeplaatst naar een verpleeg- of verzorgingshuis of thuiszorg ontvangt, wordt deze geïnformeerd over de juiste maatregelen die eventueel nog nodig zijn.

Conclusie

Druppelisolatie is een gestandaardiseerde en effectieve maatregel binnen de ziekenhuiszorg om de verspreiding van respiratoire infecties te voorkomen. De protocollen zijn erop gericht een balans te vinden tussen veiligheid en de behoefte aan zorg en contact. Voor patiënten betekent dit een tijdelijke beperking van hun bewegingsvrijheid binnen het ziekenhuis, ondersteund door specifieke hygiënemaatregelen. Bezoekers en zorgpersoneel spelen hierin een even cruciale als actieve rol door het dragen van beschermingsmiddelen en het strikt opvolgen van hygiëneprotocollen. De variatie in maatregelen per ziekteverwekker benadrukt het belang van accurate diagnose en professionele begeleiding door het zorgpersoneel. Alleen door nauwgezette naleving van deze isolatiemaatregelen kan de veiligheid in de ziekenhuisomgeving voor iedereen gewaarborgd blijven.

Bronnen

  1. Tergooi - Druppel isolatie
  2. Het Acute Boekje - Algemene infectieziekten
  3. LUMC - Contact - druppel isolatie
  4. Radboudumc - Isolatiemaatregelen
  5. Isala - Druppelisolatie

Gerelateerde berichten