Richtlijnen voor Isolatie in de Zorg: Praktische Handvatten voor Preventie en Beheersing

Inleiding

Infectiepreventie is een fundamenteel aspect binnen de langdurige zorg, waar kwetsbare cliënten extra gevoelig zijn voor ziekteverwekkers. De implementatie van effectieve isolatiemaatregelen is essentieel om de verspreiding van infecties te voorkomen en te beheersen. Onlangs is een nieuwe SRI-richtlijn gepubliceerd, 'Isolatie in de langdurige zorg', welke zorgprofessionals voorziet van praktische en duidelijke maatregelen. Deze richtlijn biedt concrete handvatten voor isolatiebeleid binnen verpleeghuizen, woonzorgcentra, thuiszorg (VVT) en woonlocaties voor mensen met een verstandelijke beperking (VG-sector). Het doel van dit artikel is om, op basis van de beschikbare bronnen, een gedetailleerd overzicht te geven van de isolatieprincipes, de verschillende isolatietypen, de benodigde infrastructuur en de specifieke leefregels voor geïsoleerde cliënten. Hoewel de focus van dit portaal vaak ligt op vastgoed, renovatie en bouw, zijn de inzichten in isolatievoorzieningen en luchtbeheersing relevant voor professionals die betrokken zijn bij de bouw of inrichting van zorgfaciliteiten.

Definities en Typen Isolatie

Om isolatiemaatregelen effectief toe te passen, is het van belang de juiste terminologie en definities te hanteren. De richtlijnen onderscheiden verschillende vormen van isolatie, afhankelijk van de wijze waarop micro-organismen (zoals bacteriën, virussen en schimmels) worden overgedragen.

Basisprincipes

Isolatiemaatregelen zijn extra hygiënemaatregelen bedoeld om de verspreiding van ziektekiemen te voorkomen. Hierbij worden altijd de basishygiënemaatregelen, zoals handhygiëne en het dragen van schone kleding, als uitgangspunt genomen. De keuze voor een specifieke isolatievorm hangt af van het micro-organisme en de manier waarop dit verspreid kan worden. Dit kan via contact met handen, grote of kleine druppels via hoesten of niezen, en/of via besmette oppervlakken.

Contactisolatie

Contactisolatie is gericht op het voorkomen van verspreiding via (in)direct contact met de cliënt of diens directe omgeving. Deze maatregelen zijn noodzakelijk wanneer een micro-organisme zich via deze weg verspreidt.

Druppelisolatie

Druppelisolatie voorkomt verspreiding via grote druppels die vrijkomen bij hoesten of niezen. Deze vorm van isolatie is vereist wanneer de overdracht via deze grotere deeltjes plaatsvindt.

Aerogene isolatie

Aerogene isolatie is specifiek gericht op het voorkomen van verspreiding via kleine druppeltjes, ook wel aerosolen genoemd, die in de lucht blijven hangen. Dit type isolatie stelt specifieke eisen aan de ruimte, met name wat betreft luchtbeheersing.

Combinatie-isolatie

Wanneer een micro-organisme op meerdere manieren kan worden overgedragen, kan een combinatie van de bovengenoemde isolatievormen noodzakelijk zijn.

Strikte isolatie en beschermende isolatie

In de huidige richtlijn vervalt de term 'strikte isolatie'. De 'beschermende isolatie' (omgekeerde isolatie), waarbij de cliënt met een slechte weerstand wordt beschermd tegen ziekteverwekkers van buitenaf (zoals na een stamceltransplantatie of chemotherapie), valt buiten de scope van de specifieke SRI-richtlijn voor infectiepreventie in de langdurige zorg.

Infrastructuur en Ruimtelijke Eisen

De inrichting van de behandelruimte is een kritieke factor in het succes van isolatiemaatregelen. De richtlijnen maken onderscheid tussen verschillende type kamers, afhankelijk van de benodigde luchtbeheersing.

Isolatiekamer

Een isolatiekamer wordt gedefinieerd als een eenpersoons patiëntenkamer met eigen sanitair, voorzien van een sluis en specifieke luchtbeheersing. Deze luchtbeheersing omvat ventilatie, drukhiërarchie en de positie van luchttoevoer- en luchtretourroosters. Een dergelijke kamer is geschikt voor het geïsoleerd verplegen van een patiënt die gekoloniseerd of besmet is met een micro-organisme dat aerogeen (via de lucht) wordt overgedragen.

De werking van de overdruk in een isolatiekamer is cruciaal. Door de overdruk wordt de lucht uit de kamer naar buiten toe gedrukt. Dit voorkomt dat bacteriën van buiten naar binnen kunnen komen, waardoor de lucht in de kamer zo schoon mogelijk blijft. Dit is met name van belang voor patiënten met een verzwakt immuunsysteem.

Eenpersoonskamer

Een eenpersoonskamer is een kamer met eigen sanitair (al dan niet met sluis), maar zonder additionele luchtbeheersing. Dit type kamer is geschikt voor het geïsoleerd verplegen van een patiënt die gekoloniseerd of besmet is met een micro-organisme dat via contact en/of druppels wordt overgedragen.

Sluis

Een sluis is een essentieel onderdeel van een isolatiekamer. De functionaliteit van de sluis vereist strikte naleving van protocollen. Er mag nooit meer dan één deur van de sluis tegelijk worden geopend, en er mogen geen bezoekers in de sluis blijven staan. De aanwezigheid van handalcohol in de sluis is vereist voor handdesinfectie bij het betreden en verlaten van de kamer.

Leefregels en Hygiënemaatregelen voor Bezoekers

Voor bezoekers van geïsoleerde cliënten gelden strikte regels om de veiligheid van de patiënt, andere bezoekers en het zorgpersoneel te waarborgen. Deze maatregelen zijn onderdeel van het isolatiebeleid.

Kleding en Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM)

Bij het betreden van de kamer dient de bezoeker de jas op te hangen aan de kapstok naast de kamer. Vervolgens dient de bezoeker een gele schort te dragen, die in de sluis gereedligt. Dit beschermt de eigen kleding en voorkomt dat micro-organismen worden overgedragen. Indien de bezoeker zelf een infectie heeft, zoals een verkoudheid, is het verplicht een mondmasker te dragen.

Verboden Items en Consumpties

Om besmetting te voorkomen, zijn bepaalde items verboden binnen de isolatieruimte: - Bloemen en planten: Deze zijn verboden omdat ze een reservoir kunnen vormen voor micro-organismen of schimmels. - Consumpties: Het is niet toegestaan om consumpties van thuis (eigen gemaakt) mee de kamer op te nemen. Verpakt eten, snoep en koek in portieverpakkingen kunnen worden toegestaan mits de verpakking aan de buitenkant goed kan worden schoongemaakt. - Overige items: Alles wat mee naar binnen gaat, moet schoongemaakt kunnen worden.

Bezoek van Kinderen

Kleine kinderen mogen op bezoek komen, mits zij geen kinderziekte hebben. Tijdens het bezoek mogen kinderen niet op de kamer van de patiënt verschoond worden. Overleg over bezoek van kinderen dient altijd te worden gepleegd met de verpleegkundige.

Post

Post die de kamer in gaat, dient in een envelop te worden aangeboden. Dit maakt het mogelijk de buitenkant van de envelop te desinfecteren of te controleren alvorens deze de kamer in gaat.

Ramen

De ramen in de isolatieruimte moeten gesloten blijven. Het openen van ramen kan de luchtstroom en drukhiërarchie in de kamer verstoren, waardoor de effectiviteit van de isolatie (met name bij aerogene isolatie) wordt aangetast.

Persoonlijke Beschermingsmiddelen (PBM) voor Zorgverleners

Zorgverleners die werkzaam zijn in een isolatieomgeving moeten beschikken over de juiste kennis van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) en de correcte manier van aan- en uittrekken.

Types PBM

De volgende PBM kunnen worden ingezet afhankelijk van het type isolatie: - Onsteriele handschoenen: Voor bescherming bij contactisolatie. - Halterschort of isolatieschort: Ter bescherming van de (dienst)kleding en armen. - Mondneusmasker (type IIR): Beschermt de drager tegen besmetting via druppels. - Ademhalingsbeschermingsmasker of FFP2 masker: Beschermt de drager tegen kleine druppeltjes (aerosolen) in de lucht, zoals vereist bij aerogene isolatie.

Handhygiëne en Procedure

Handhygiëne is een standaardmaatregel die vóór en na contact met een geïsoleerde cliënt moet worden uitgevoerd. Het correct aantrekken en afzetten van PBM is van cruciaal belang om kruisbesmetting en zelfbesmetting te voorkomen. Onjuist handelen kan leiden tot besmetting van de zorgverlener.

Evaluatie en Kwaliteitsborging

Om de kwaliteit van de isolatiezorg te waarborgen, zijn er checklists beschikbaar voor zelfevaluatie. Deze helpen zorgverleners om na te gaan of zij de juiste maatregelen treffen. Belangrijke controlepunten zijn: - Wordt de juiste isolatievorm toegepast op basis van het micro-organisme en het protocol? - Worden de juiste persoonlijke beschermingsmiddelen gebruikt en correct aan- en uitgetrokken? - Worden de cliënt en diens naasten duidelijk geïnformeerd over de isolatiemaatregelen? - Wordt handhygiëne uitgevoerd vóór en na contact met een cliënt in isolatie?

Conclusie

De implementatie van isolatiemaatregelen in de langdurige zorg vereist een zorgvuldige afweging van het type micro-organisme, de overdrachtsroute en de beschikbare infrastructuur. De SRI-richtlijn biedt hiervoor een gestructureerd kader. Centraal staan het onderscheid tussen contact-, druppel- en aerogene isolatie, en de specifieke eisen aan kamers (met name luchtbeheersing en drukhiërarchie) en sluisruimtes. Naast technische voorzieningen zijn de leefregels voor bezoekers en de inzet van persoonlijke beschermingsmiddelen voor zorgverleners essentieel om verspreiding te voorkomen. Door strikte naleving van deze protocollen kan de veiligheid van kwetsbare cliënten worden gegarandeerd. Hoewel dit artikel is geschreven vanuit het perspectief van infectiepreventie, tonen de technische eisen voor isolatiekamers aan dat bouwkundige aspecten, zoals ventilatiesystemen en ruimtelijke indeling, integraal onderdeel uitmaken van de zorgkwaliteit.

Bronnen

  1. Skilz.nu - Nieuwe SRI-richtlijn Isolatie in de langdurige zorg
  2. Amphia - Infectiepreventie Isolatieverpleging
  3. Zorgnetwerken Amr - Omgang met isolatiemaatregelen
  4. Richtlijnendatabase - Isolatie SRI Richtlijn

Gerelateerde berichten