Inleiding
Isolatie, een term die in de context van het gevangeniswezen vaak associeert met straf en eenzame opsluiting, staat op een kantelpunt. Binnen de Dienst Justitiële Inrichtingen (DJI) vindt een fundamentele heroriëntatie plaats op het gebruik van isolatie als maatregel voor gedetineerden. De traditionele toepassing, waarbij gedetineerden tot veertien dagen in volledige afzondering kunnen worden geplaatst, komt steeds meer onder druk te staan door nieuwe inzichten en internationaal onderzoek. Dit onderzoek toont aan dat langdurige isolatie aanzienlijke psychische en lichamelijke schade kan toebrengen, wat haaks staat op de kerntaak van DJI: het voorbereiden van gedetineerden op een succesvolle re-integratie in de samenleving.
De huidige discussie wordt verder verrijkt door parallelle ontwikkelingen in de zorgsector, met name in de langdurige zorg. Hier spelen richtlijnen, zoals de SRI Richtlijn Isolatie in de langdurige zorg, een cruciale rol in het bepalen van de technische eisen en procedures rondom isolatiekamers. Hoewel de context verschilt – de zorgsector richt zich op medische isolatie ter voorkoming van infectieoverdracht – bieden de technische specificaties en beleidsmatige overwegingen binnen deze richtlijnen een interessant perspectief op de bredere vraag: hoe kunnen we isolatie toepassen op een manier die zowel veilig als humaan is?
Dit artikel onderzoekt de verschuiving binnen het gevangeniswezen naar een nieuwe visie op isoleren, waarin het streven naar kortere en minder schadelijke afzondering centraal staat. We bekijken de alternatieven die worden geïntroduceerd, de rol van het personeel in deze transitie, en de technische en ethische afwegingen die hierbij komen kijken. Daarbij wordt een brug geslagen naar de bouwkundige en technische aspecten van isolatievoorzieningen, een relevant thema voor professionals in de bouw en renovatie die betrokken zijn bij de inrichting van justitiële inrichtingen of zorgfaciliteiten.
De Schaduwzijde van Langdurige Isolatie
De geschiedenis van het gevangeniswezen kent een lange traditie van het isoleren van gedetineerden. Dit instrument wordt ingezet wanneer gedetineerden zich misdragen of een gevaar vormen voor zichzelf of anderen. Volgens de wetgeving is het mogelijk om gedetineerden tot veertien dagen in complete afzondering onder te brengen. Echter, de perceptie van de effectiviteit en ethische rechtvaardiging van deze praktijk verandert.
Recent internationaal onderzoek heeft een ontnuchterend beeld geschetst van de gevolgen van langdurige isolatie. De psychische impact is vaak verwoestend. Mieke Breij, GZ-psycholoog en landelijk coördinator van de psychische zorg in het Gevangeniswezen, benadrukt de noodzaak van verandering. Zij stelt dat isolatie kan leiden tot ernstige psychische en lichamelijke schade, wat contraproductief is voor het doel van resocialisatie. In ernstige gevallen hebben gedetineerden na een periode van isolatie traumazorg nodig gehad vanwege paniekaanvallen en slaapstoornissen.
Een interessant neurologisch feit dat in de discussie wordt genoemd, is dat de gemiddelde mens maximaal vier uur in complete afzondering kan doorbrengen zonder hevige stress te ervaren. De gedachte dat gedetineerden deze periode met een factor tientallen kunnen verlengen – tot aan veertien dagen – plaatst de huidige praktijk in een scherp daglicht. De schade die hieruit voortvloeit, belemmert niet alleen het welzijn van de gedetineerde, maar ondermijnt ook de bredere missie van DJI om positief gedrag te stimuleren en recidive te verminderen.
Een Nieuwe Visie: Alternatieven en Humaanere Benaderingen
Als reactie op deze bevindingen is binnen DJI een expertisegroep opgericht, bestaande uit directeuren en zorgprofessionals, met als doel een nieuwe visie op isoleren te ontwikkelen. De kernboodschap van deze nieuwe visie is glashelder: isolatie is een ultimum remedium, een maatregel die alleen wordt toegepast als het echt niet anders kan, en dan zo kort en humaan mogelijk.
De implementatie van deze visie vertaalt zich in concrete, praktische veranderingen binnen verschillende penitentiaire inrichtingen. In PI Roermond is reeds een nieuwe werkwijze geïntroduceerd. Hier bekijkt het management bij iedere afzondering of het ook korter kan en of het anders kan, terwijl het straffende en herstellende karakter behouden blijft. De resultaten zijn veelbelovend: deze aanpak heeft al geleid tot een afname van de isolatietijd met 45 procent.
Een ander voorbeeld van deze innovatieve aanpak is te vinden in PI Nieuwegein, waar binnenkort isoleercellen worden geopend die zijn uitgerust met een tv-scherm. Dit scherm biedt gedetineerden de mogelijkheid om spelletjes te spelen of programma's te kijken. Hoewel dit initiatief op weerstand kan stuiten bij het personeel – vooral wanneer isolatie het gevolg is van bedreiging – past het in de bredere strategie om de schadelijke effecten van isolatie te mitigeren. De weerstand wordt begrepen, maar de focus verschuift naar de lange termijn effecten van isolatie versus de korte termijn geruststelling.
Deze veranderingen vereisen ook een cultuuromslag bij het personeel. Vier jaar geleden was een dialoog tussen vestigingsdirecteuren en zorgexperts over dit onderwerp nog ondenkbaar; er heerste vaak een strijd tussen de veiligheids- en zorgkant van DJI. Nu is er sprake van samenwerking en de wil om te veranderen, mede gevoed door rapporten zoals die van Shalev. Het doel is om handelingsverlegenheid bij het personeel te doorbreken door blijvende aandacht en scholing.
Creatieve Straffen en het Doorbreken van Patronen
De zoektocht naar alternatieven voor isolatie leidt tot creatieve oplossingen die het gedrag van gedetineerden positief proberen te beïnvloeden in plaats van hen enkel af te zonderen. Breij deelt een voorbeeld van een gedetineerde die eigenlijk geïsoleerd zou worden omdat hij zeer in zichzelf gekeerd en inactief was. In plaats van isolatie werd hem als straf opgelegd om iedere ochtend verplicht op de hometrainer te gaan. Dit bleek een effectievere manier om hem in beweging te krijgen en zijn gedrag te kantelen.
Dergelijke voorbeelden illustreren de verschuiving van 'straffen door uitsluiting' naar 'straffen door activering'. De vraag die centraal staat, is: waarmee doorbreek je patronen écht? Volgens experts stopt voortgezet crimineel handelen in detentie niet met een periode in de isoleercel. Het vereist een dieper inzicht in de behoeften van de gedetineerde en het aanbieden van passende, soms onconventionele, interventies.
Technische en Bouwkundige Overwegingen: De Parallel met de Zorgsector
Hoewel de focus van het artikel ligt op het gevangeniswezen, bieden de ontwikkelingen in de langdurige zorg (Bron 2 en 3) een waardevol perspectief op de technische aspecten van isolatie. De SRI Richtlijn Isolatie in de langdurige zorg, die in 2025 is uitgegeven, schetst een beeld van de complexiteit die komt kijken bij het inrichten van isolatievoorzieningen. Deze richtlijnen, ontwikkeld in samenwerking met V&VN VS Verpleeghuiszorg en V&VN Verstandelijk gehandicaptenzorg, richten zich op infectiepreventie, maar de technische eisen zijn relevant voor elke omgeving waar geïsoleerd wordt verbleven.
Uit de discussiedocumenten (Bron 3) blijkt dat isolatiekamers vaak tekortschieten in het bieden van een omgeving die geschikt is voor herstel. Patiënten (of in bredere zin, bewoners van isolatievoorzieningen) hebben vaak te kampen met een verminderde stemming, angst, depressie of PTSS, wat het algehele herstel vertraagt. Bovendien is het in een standaard isoleerkamer vaak onmogelijk om essentiële therapeutische principes toe te passen, zoals prikkelarme verpleging of het oefenen van dagelijkse vaardigheden zoals traplopen.
Hier komt de bouwkundige expertise om de hoek kijken. De vraag naar technische inrichtingseisen is een prominent aandachtspunt. Denk hierbij aan: * Luchtregeling en drukbeheersing: De keuze voor een systeem voor luchtregeling en de validatie hiervan zijn cruciaal. In de zorg is het bewaken van drukken in de isolatiekamer een punt van aandacht geweest voor toezichthouders. Wie is verantwoordelijk voor deze bewaking? Is dit op afstand of lokaal? * Ruimtelijke indeling: Isolatiekamers zijn vaak sober ingericht, wat het onderzoek naar ruimtelijke oriëntatie en planning bemoeilijkt. * Beschikbaarheid en expertise: In ziekenhuizen zijn isolatiekamers niet op alle afdelingen beschikbaar, waardoor de expertise van het verpleegkundig team voor de specifieke patiëntpopulatie niet benut kan worden. In het gevangeniswezen speelt een vergelijkbaar issue: is het personeel in de isoleercel getraind in de specifieke psychologische behoeften van de gedetineerde?
De discussie in de zorg over 'wie is verantwoordelijk' en de eisen aan de technische installatie (zoals luchtregeling) toont aan dat isolatie niet alleen een beleidsmatige of psychologische kwestie is, maar een multidisciplinaire uitdaging waarbij bouwkundigen, installatietechnici en zorgverleners moeten samenwerken.
Conclusie
De ontwikkelingen binnen de Dienst Justitiële Inrichtingen markeren een belangrijke verschuiving in de benadering van isolatie. De erkenning van de schadelijke gevolgen van langdurige afzondering, ondersteund door internationaal onderzoek, leidt tot een streven naar kortere en meer humane toepassingen. De resultaten in PI Roermond, met een reductie van 45% in isolatietijd, bewijzen dat alternatieven en een kritische blik op bestaande procedures effectief kunnen zijn.
De integratie van zorginzichten, zoals de noodzaak voor prikkelarme omgevingen en het voorkomen van psychische schade, benadrukt dat isolatie meer is dan het opsluiten van een persoon in een kamer. Het is een complexe interventie die zorgvuldig ontworpen en uitgevoerd moet worden. De technische specificaties die in de zorgsector aan de orde komen – met betrekking tot luchtregeling, drukbeheersing en ruimtelijke inrichting – bieden een waardevol kader voor de discussie in het gevangeniswezen.
Voor professionals in de bouw en renovatie is deze ontwikkeling relevant. De vraag naar expertise in het realiseren van veilige, functionele en humane isolatievoorzieningen – of dit nu in een zorginstelling of een justitiële inrichting is – zal naar verwachting toenemen. Het ontwerpen van ruimtes die zowel veiligheid garanderen als bijdragen aan het welzijn en herstel van de bewoner, is de nieuwe standaard. De tijd dat een isoleercel een kale, betonnen ruimte was, lijkt voorbij. De toekomst vraag om doordachte, technisch onderbouwde en psychologisch verantwoorde ontwerpen.