Juridische en Praktische Aspecten van Isolatie en Quarantaine in de Context van het Coronavirus

Inleiding

De verspreiding van het coronavirus (COVID-19) heeft geleid tot een uitgebreide set van maatregelen, waaronder isolatie en quarantaine, om de volksgezondheid te beschermen. Hoewel de meeste wettelijke verplichtingen in Nederland zijn vervallen, blijven de juridische en ethische implicaties van het niet naleven van isolatievoorschriften een relevant onderwerp, met name in gevallen waarin schade wordt veroorzaakt door besmetting. Het begrijpen van het onderscheid tussen quarantaine en isolatie, de juridische grondslagen zoals de Wet publieke gezondheid (Wpg), en de bewijsproblematiek rond besmetting is essentieel voor zowel burgers als professionals.

Dit artikel biedt een gedetailleerd overzicht van de ontwikkeling van het beleid, de juridische consequenties van het negeren van maatregelen en de praktische situaties zoals die zich voordeden in detentieomgevingen. De informatie is gebaseerd op juridische analyses en overheidsinformatie.

Het Onderscheid Tussen Quarantaine en Isolatie

Hoewel de termen vaak door elkaar worden gebruikt, hebben quarantaine en isolatie in de context van infectieziekten verschillende betekenissen. Dit onderscheid is niet alleen semantisch, maar heeft ook implicaties voor de zwaarte van de maatregel.

  • Quarantaine: Dit is bedoeld voor personen die (mogelijk) zijn blootgesteld aan een besmettelijke ziekte, maar nog niet ziek zijn of geen klachten hebben. Het doel is om te voorkomen dat zij, mochten ze besmettelijk zijn, het virus verspreiden.
  • Isolatie: Dit is bedoeld voor personen die daadwerkelijk besmet zijn en ziek (klachten hebben). Het doel is om hen volledig af te schermen van niet-geïnfecteerde personen.

In de praktijk kunnen de omstandigheden, zoals het verblijf op een cel, voor beide maatregelen hetzelfde zijn. Er is kritiek geuit op het gebruik van de term 'quarantaine' in plaats van 'isolatie' in detentiecontexten, omdat hiermee de ernst en zwaarte van de maatregel (23 uur opsluiting op een cel) zou worden gerelativeerd.

De Juridische Grondslag: De Wet Publieke Gezondheid (Wpg)

Voorheen was de regelgeving rond infectieziekten verspreid over drie wetten. Sinds 2008 is dit ondergebracht in de Wet publieke gezondheid (Wpg), mede als gevolg van de Internationale Gezondheidsregeling. De Wpg vormt de juridische basis voor het opleggen van gedwongen maatregelen zoals isolatie en quarantaine.

De procedure voor gedwongen maatregelen begint doorgaans met een melding van besmetting aan de GGD in de woonplaats van de betrokkene. Echter, het juridische kader is complexer als het gaat om aansprakelijkheid en strafrechtelijke vervolging van personen die weten dat ze besmettelijk zijn en desondanks de maatregelen overtreden.

Bewijsproblematiek en Aansprakelijkheid bij Besmetting

Een centraal probleem bij het strafrechtelijk of civielrechtelijk vervolgen van een 'besmetter' is de bewijsbaarheid. Het is vaak zeer lastig om buiten twijfel vast te stellen dat een specifieke persoon de bron is van de besmetting bij een slachtoffer. Factoren als de incubatietijd en het feit dat de meeste mensen meerdere contacten hebben, maken het moeilijk om de besmetting met zekerheid toe te wijzen aan één specifieke persoon.

Civielrechtelijke Aansprakelijkheid

In civielrechtelijke zin kan de vraag spelen of een dader kan worden verplicht om mee te werken aan een coronatest om zekerheid te verkrijgen over een besmetting. Hoewel een strafrechtelijk gedwongen test momenteel alleen mogelijk is voor HIV, hepatitis B of hepatitis C, is het de vraag of dit voor corona wenselijk is.

Indien uit een test blijkt dat de dader niet besmet is, vervalt de noodzaak voor het slachtoffer om in isolatie te gaan. Is de test positief, dan biedt dit bewijsvoordelen volgens artikel 6:99 BW. Dit artikel regelt de causale samenloop: als vaststaat dat de dader de gehele schade heeft veroorzaakt, hoeft het slachtoffer niet precies te bewijzen wie nog meer tot de groep aansprakelijke personen behoort. De dader moet dan aantonen dat hij niet de bron was; lukt dat niet, dan kan hij niet aan aansprakelijkheid ontkomen.

Strafrechtelijke Aansprakelijkheid

Voor strafrechtelijke aansprakelijkheid is op dit moment een wetswijziging nodig om gedwongen testen voor corona mogelijk te maken. Zonder zo'n wijziging blijft de bewijslast complex.

De Praktijk: Isolatie in Detentie en de Algemene Bevolking

De toepassing van isolatie en quarantaine verschilde sterk tussen de algemene bevolking en gesloten instellingen zoals gevangenissen.

Situatie in Vreemdelingendetentie

Tijdens de coronacrisis werden nieuw binnenkomende vreemdelingen vaak veertien dagen in quarantaine geplaatst. Dit betekende dat zij 23 uur per dag op hun cel werden ingesloten, met slechts een uur luchten met een kleine groep anderen. Onder normale omstandigheden (voor corona) werd 23 uur opsluiting alleen toegepast als disciplinaire straf of ordemaatregel, en werd dit 'isolatie' genoemd. De vergelijking met 'thuisquarantaine' werd door instanties als de Dienst Justitiële Inrichtingen en het Ministerie van Justitie wel gemaakt, maar door belangenorganisaties werd dit betwist als onderschatting van de zwaarte van detentiemaatregelen.

Beleid voor de Algemene Bevolking

Het beleid is in de loop der tijd sterk versoepeld. Aanvankelijk gold dat een persoon met COVID-19 na 24 uur volledig symptoomvrij te zijn en ten minste 7 dagen na de eerste ziektedag niet meer geïsoleerd hoefde te worden. Later werd dit ingekort tot 5 dagen met de voorwaarde van 24 uur klachtenvrij.

Per 10 maart 2023 zijn de landelijke corona-adviezen, waaronder het test- en isolatieadvies, vervallen. De reden hiervoor is dat de afweer in Nederland hoog is en de huidige virusvarianten (zoals Omikron) minder ziekmakend zijn. Voor de algemene bevolking is verplichte isolatie bij respiratoire symptomen of een positieve test niet langer van toepassing. Wel wordt geadviseerd om rekening te houden met kwetsbare mensen en bij klachten fysiek contact met hen te vermijden.

Boetes en Handhaving

Ondanks het vervallen van de verplichte isolatie, kan er nog steeds sprake zijn van handhaving. Indien een veiligheidsregio een quarantaine verplicht oplegt (bijvoorbeeld bij een nieuwe uitbraak), kan het niet naleven hiervan leiden tot een fikse boete.

Conclusie

De juridische en praktische aanpak van isolatie en quarantaine in Nederland is sterk afhankelijk van de fase van de pandemie en de specifieke context. Hoewel de algemene verplichting tot isolatie per maart 2023 is vervallen, blijven de juridische principes rond aansprakelijkheid relevant.

De bewijslast voor het aantonen van een besmetting door een specifieke persoon blijft een hindernis, maar de mogelijkheid van civielrechtelijke aansprakelijkheid onder artikel 6:99 BW biedt een juridisch kader voor slachtoffers, mits besmetting kan worden aangetoond. Tegelijkertijd blijft de discussie over de proportionaliteit van maatregelen, zoals gezien in detentieomgevingen, een aandachtspunt voor de mensenrechten en de waardering van het leed dat gevangenen ondergaan.

Bronnen

  1. Holla Advocaten
  2. GGD Zuid-Holland Zuid
  3. Meldpunt Vreemdelingendetentie
  4. Team Advocaten
  5. Richtlijnendatabase
  6. Webwoordenboek

Gerelateerde berichten