Inleiding
In de complexe wereld van de bouw- en installatiesector is een gestandaardiseerde taal essentieel voor efficiënte samenwerking en nauwkeurige informatie-uitwisseling. De NL-SfB (Nederlandse Structuur voor Bouwproducten) is een classificatiemethode die al jarenlang een centrale rol speelt in de Nederlandse bouwpraktijk. Deze open standaard wordt gebruikt om bouw- en installatiedelen te coderen, waardoor een gemeenschappelijk referentiekader ontstaat voor architecten, aannemers, leveranciers en beheerders. Het doel van NL-SfB is het ordenen, filteren en uitwisselen van informatie in diverse fasen van een bouwproject, van ontwerp en realisatie tot beheer en onderhoud. De relevantie van dit systeem is de afgelopen jaren verder toegenomen met de opkomst van Building Information Modeling (BIM), waar NL-SfB een onmisbare basis vormt voor de codering van lagen en objecten in CAD- en BIM-systemen.
De ontwikkeling en het beheer van NL-SfB zijn in handen van een samenwerkingsverband van key spelers in de sector. Tot voor kort was het beheer grotendeels in handen van organisaties als BNA en STABU, maar sinds 2023 is het volledige beheer overgedragen aan Ketenstandaard Bouw en Techniek. Dit onderstreept de focus op een landelijke, ketenbrede standaardisatie. Daarnaast is er een belangrijke Vlaamse partner bijgekomen: Buildwise, het Belgische innovatiecentrum voor de bouw. Deze drie organisaties — Ketenstandaard, digiGO en Buildwise — slaan nu de handen ineen om de NL-SfB-standaard verder te ontwikkelen en te bevorderen, zowel in Nederland als in Vlaanderen. Dit artikel duikt dieper in de structuur, toepassingen en praktische aspecten van de NL-SfB-codering, gebaseerd op de beschikbare officiële informatie.
De Geschiedenis en het Belang van NL-SfB
De wortels van het huidige classificatiesysteem gaan ver terug in de tijd. De oorsprong van de SfB-codering ligt in Zweden, met de publicatie van het Zweedse SfB-systeem in 1947. Dit systeem, ontwikkeld door de "Samarbetskommittén för Byggnadsfragor" (Gezamenlijke Werkcommissie voor Bouwproblematieken), werd in Nederland geïntroduceerd als de 'Elementenmethode '91' in 1991. In de loop der jaren, gedreven door ontwikkelingen in bouwkundige technologieën en gegevensbeheer, zijn er geactualiseerde versies van de Elementenmethode ontwikkeld.
Het belang van NL-SfB in de huidige bouwpraktijk kan niet worden onderschat. Het fungeert als een "één versie van de waarheid" voor de bouw. Door de unieke codering van elk bouwdeel ontstaat er een eenduidig systeem dat door de gehele branche wordt gebruikt. Dit is van cruciaal belang voor het bepalen van hoeveelheden per groep of element, het ordenen van informatie van leveranciers, en het faciliteren van digitaal samenwerken. Het systeem maakt het mogelijk om informatie op een gestructureerde manier te filteren en te verwerken, wat de efficiency in alle fasen van een bouwproject verhoogt. Bovendien is NL-SfB een belangrijke basis voor andere normen en methodieken, zoals de NEN 2767 conditiemethode, die wordt gebruikt voor de conditiemeting van gebouwen en installaties.
De Structuur van de NL-SfB Codering
De NL-SfB codering is opgebouwd uit een logisch en hiërarchisch systeem van cijfergroepen. De standaardcode bestaat uit drie groepen van elk twee cijfers, gescheiden door een punt. In sommige gevallen kan de laatste groep vier cijfers bevatten. Deze structuur maakt het mogelijk om op verschillende niveaus specificiteit aan te brengen.
De indeling is als volgt: - Eerste twee cijfers (Hoofdstukaanduiding): Deze verwijzen naar de hoofdelementen. Dit is het meest algemene niveau van classificatie. - Tweede twee cijfers (Paragraafaanduiding): Deze geven de subhoofdelementen aan, waarmee een verdere specificatie van het hoofdelement plaatsvindt. - Derde twee of vier cijfers (Materiaalaanduiding): Deze cijfers geven de elementverbijzondering aan, oftewel het specifieke materiaal of de specifieke toepassing.
Hoewel de eerste twee cijfers (de hoofdstukaanduiding) door de meeste bedrijven in de branche consistent worden gebruikt, vertonen met name de derde groep (de materiaalaanduiding) vaak bedrijfseigen indelingen. Dit kan leiden tot variaties in de codering, hoewel er pogingen zijn om deze verwarring weg te nemen. De officiële uitgave van BNA en STABU bevat vijf tabellen van NL/SfB om een gestandaardiseerde basis te bieden. De codering is een direct gevolg van de elementenmethode en de clustering van elementen volgens de calculatienormering NEN 2634.
Voorbeeld van Codering
Hoewel de specifieke codes voor isolatie niet direct uit de bronnen zijn af te leiden, illustreert de structuur hoe een dergelijke classificatie zou werken. Een hoofdstuk kan bijvoorbeeld 'Gevel' zijn (bijv. code 08), een paragraaf kan 'Buitengevel' zijn (bijv. 08.20), en de materiaalaanduiding kan specifiek verwijzen naar het isolatiemateriaal en de afwerking. De beschikbare data bevat een lijst met codes voor indirecte projectvoorzieningen, wat aantoont dat het systeem ook breder wordt toegepast dan alleen bouwdelen. Voorbeelden hiervan zijn: - 0-.20: indirecte projectvoorzieningen; materieelvoorzieningen, transport - 0-.22: indirecte projectvoorzieningen; materieelvoorzieningen, gereedschappen - 0-.30: indirecte projectvoorzieningen; risicodekking, algemeen - 0-.41: indirecte projectvoorzieningen; projectorganisatie, administratie
Deze brede toepassing laat zien dat NL-SfB een holistische kijk op bouwprojecten mogelijk maakt, waarbij niet alleen fysieke elementen, maar ook organisatorische en materiële voorzieningen kunnen worden geclassificeerd.
Toepassingen in de Praktijk
NL-SfB vindt zijn toepassing in een breed spectrum van bouwgerelateerde activiteiten.
BIM en CAD-systemen
Een van de meest prominente toepassingen is binnen BIM-omgevingen. NL-SfB wordt gebruikt om lagen en objecten in BIM- en CAD-systemen te coderen. Dit zorgt voor een gestructureerde en overzichtelijke digitale weergave van het gebouw. Door objecten te voorzien van een NL-SfB-code, kunnen verschillende disciplines (architect, constructeur, installatieadviseur) op een eenduidige manier samenwerken en informatie uitwisselen. Het systeem is ontwikkeld met het oog op digitale toepassingen en webomgevingen, hoewel er soms technische aandachtspunten zijn, zoals de notatie (NL/SfB vs. NL-SfB) die in sommige digitale omgevingen tot foutmeldingen kan leiden.
Leveranciersinformatie en Bestekken
Voor leveranciers van bouwproducten is NL-SfB een onmisbaar hulpmiddel. Ze gebruiken de codering om hun productinformatie te ordenen en aan te bieden, waardoor het voor bouwbedrijven eenvoudiger wordt om specifieke producten te vinden en te specificeren. Dit orderingssysteem maakt het mogelijk om gericht te filteren op basis van de gewenste klasse of toepassing. Ook in bestekken en calculaties speelt NL-SfB een rol, aangezien het de basis vormt voor het specificeren van hoeveelheden en materialen.
Gebouwbeheer en Onderhoud
Voor het beheer van gebouwen en installaties is NL-SfB eveneens zeer relevant. De NEN 2767 conditiemethode, die wordt gebruikt om de technische staat van bouwdelen te beoordelen, maakt gebruik van de NL-SfB-classificatie. Door bouwdelen te identificeren met een NL-SfB-code, kan de conditie per element worden vastgelegd en kan onderhoud op een gestructureerde manier worden gepland. Dit helpt facility managers en vastgoedeigenaren bij het effectief beheren van hun bezit.
Samenwerking en Beheer
De ontwikkeling van NL-SfB is een dynamisch proces dat wordt gedragen door een brede commissie van experts uit de sector. De NL-SfB-commissie bestaat uit leden van verschillende organisaties, waaronder: - Erik van ’t Hof (Voorzitter en interim programma-manager NL-SfB) - Alexander Hoos namens Techniek Nederland (Hanab) - Arisca Droog namens opdrachtgevers (Schiphol) - Daniel Delfin Goncalves namens NBVK (Bremen Bouwadviseurs) - Sebastiaan Prenen namens BNA (Klous + Brandjes Bouwadvies) - Henk Hutink namens DigiGO - Jan van Ravenswaaij namens NL-SfB Expertcommissie en Techniek Nederland
Deze samenstelling garandeert dat de standaard aansluit bij de behoeften van opdrachtgevers, adviesbureaus, aannemers en technische installateurs.
De Rol van BIMloket en STABU
Voor een betere integratie van gebouwinstallaties in de NL-SfB is BIMloket actief. Samen met STABU werkt BIMloket aan een geschikte indeling voor digitale toepassingen, conform NEN 2699. Na een marktconsultatie in 2018 werd uitgekeken naar de uitkomsten van deze inspanningen. STABU hanteert de notatie NL/SfB, terwijl GB Techniek-Beheer de voorkeur geeft aan NL-SfB vanwege de stabiliteit in digitale toepassingen.
Toegankelijkheid
Om de standaard breed toegankelijk te maken, is NL-SfB beschikbaar als een database. Deze database is te raadplegen via een viewer op https://nlsfb.ketenstandaard.nl/. Gebruikers kunnen inloggen met een Google- of Microsoft-account, of een account aanmaken via de website van Ketenstandaard. Dit maakt het eenvoudig om de juiste codes op te zoeken en toe te passen in projecten.
Voor specifieke vragen over NL-SfB in Nederland kan contact worden opgenomen met Radboud Baayen, productmanager NL-SfB, via [email protected] of het algemene nummer van digiGO: 085-1603340. Voor Vlaanderen is Buildwise het aanspreekpunt, te bereiken op 02 716 42 11 of via hun contactformulier.
Conclusie
De NL-SfB is een fundament van de moderne Nederlandse bouwpraktijk. Van oorsprong een Zweeds systeem, is het uitgegroeid tot een onmisbare standaard voor de classificatie van bouw- en installatiedelen. De logische structuur van drie cijfergroepen maakt het mogelijk om op een gedetailleerd niveau specificaties vast te leggen, terwijl de brede adoptie zorgt voor een eenduidige taal in de gehele keten. De overdracht van het beheer naar Ketenstandaard en de samenwerking met Buildwise en digiGO garandeert een toekomstbestendige en internationaal georiënteerde ontwikkeling van de standaard.
Of het nu gaat om het ontwerpen van complexe BIM-modellen, het specificeren van materialen via leveranciersinformatie, of het plannen van onderhoud met behulp van conditiemetingen, NL-SfB biedt de nodige structuur en duidelijkheid. De beschikbaarheid van de database via een online viewer maakt het systeem toegankelijk voor professionals en helpt bij het realiseren van efficiënte en gestandaardiseerde processen in de bouw- en installatiesector.