Het energielabel is in de huidige context van klimaatverandering en duurzaam bouwen steeds belangrijker geworden, ook voor utiliteitsgebouwen zoals scholen. Sinds 2019 geldt voor scholen in Nederland een informatieplicht bij renovatie, verkoop of verhuur, en sinds 2023 is er zelfs een verplicht minimumlabel (C). Voor schoolgebouwen zijn niet alleen juridische verplichtingen van belang, maar ook de financiële en functionele voordelen van een efficiënter gebouw. In deze artikel bespreken we de verplichtingen rondom energielabels voor scholen, wie verantwoordelijk is, hoe het proces werkt, wat de kosten zijn en welke maatregelen scholen kunnen nemen om hun energielabel te verbeteren.
Wat is een energielabel voor schoolgebouwen?
Een energielabel is een document dat aangeeft hoe energiezuinig een gebouw is. Het label geeft een visuele weergave van de energieprestatie, waarbij een label A (zeer efficiënt) staat voor een zeer laag energieverbruik en een label G (minst efficiënt) voor een hoog verbruik. Voor schoolgebouwen geldt sinds 2019 dat het energielabel verplicht is bij verkoop, verhuur of oplevering. Sinds 1 januari 2023 moet het energielabel ook minimaal C zijn voor schoolgebouwen die na 1 januari 2008 zijn opgeleverd of (gedeeltelijk) verhuurd of verkocht worden.
Het energielabel is niet alleen een juridische vereiste, maar ook een waardevolle tool voor scholen om inzicht te krijgen in hun energieverbruik en mogelijke verbeteringen. Het label bevat een gedetailleerde omschrijving van de energieprestatie van het gebouw, inclusief aanbevelingen voor energiebesparende maatregelen. Het label is maximaal 10 jaar geldig, wat betekent dat scholen regelmatig een nieuwe inspectie nodig hebben om aan de wettelijke eisen te blijven voldoen.
Wie is verantwoordelijk voor het energielabel?
De verantwoordelijkheid voor het energielabel ligt bij de eigenaar van het gebouw. Dit geldt ook voor scholen. Is de gemeente eigenaar van het schoolgebouw, dan is zij verantwoordelijk voor het aanvragen en opstellen van het energielabel. Wordt het schoolgebouw verhuurd, dan is de verhuurder verantwoordelijk voor het nakomen van de energielabelverplichting.
Het niet nakomen van deze verplichting kan leiden tot boetes. De exacte hoogte van de boete is afhankelijk van de omstandigheden, maar boetes kunnen boven de €20.000 komen. Dit maakt duidelijk dat het energielabel niet alleen een administratieve formaliteit is, maar ook een juridisch bindende verplichting.
Hoe werkt het proces van het verkrijgen van een energielabel?
Het energielabel voor schoolgebouwen wordt opgesteld door een erkende energieadviseur. Deze adviseur bezoekt het gebouw en voert een inspectie uit waarbij hij of zij aandacht besteedt aan de constructieve en installatietechnische eigenschappen van het schoolgebouw. Tijdens de inspectie worden meerdere factoren meegenomen in overweging, zoals:
- De isolatie van muren, daken en vloeren
- De warmtepomp of verwarmingsinstallatie
- De energieprestatie van ramen en deuren
- De energiebronnen (zoals gas, elektriciteit, duurzame energie)
- De ventilatie en luchtkwaliteit
- De zonwering en lichtinstallaties
De adviseur gebruikt deze informatie om een energie-index te berekenen, die uiteindelijk leidt tot het energielabel. De gegevens worden verwerkt in een rapport dat het energielabel bevat en aanbevelingen voor eventuele verbetermaatregelen.
Kosten van het verkrijgen van een energielabel
De kosten voor het aanvragen van een energielabel voor een schoolgebouw kunnen sterk variëren. Dit komt doordat de prijs afhankelijk is van het aantal vierkante meters dat het pand betreft. Voor schoolgebouwen, die vaak relatief groot zijn, kunnen de kosten aanzienlijk zijn. Een standaard prijs is gebaseerd op het aantal m² dat wordt opgenomen in het energielabel. Voor een vrijblijvende offerte kunnen scholen contact opnemen met erkende adviseurs zoals Advies in Energie of Pantrec, die energielabels leveren in West- en Midden-Nederland.
Daarnaast is het ook mogelijk om een uitgebreider advies te ontvangen, genaamd een energieprestatiemaatwerk advies (EPA-advies). In dit advies worden energiebesparende maatregelen bepaald die specifiek zijn afgestemd op het schoolgebouw en het gebruik ervan. Voor zo’n uitgebreid advies moeten meer kenmerken van het gebouw en het gebruik ervan worden opgenomen.
Welke maatregelen zijn mogelijk om het energielabel te verbeteren?
Er zijn veel maatregelen die scholen kunnen nemen om hun energielabel te verbeteren. Deze maatregelen zijn vaak gericht op het verbeteren van de isolatie, het gebruik van duurzame energiebronnen en het optimaliseren van het verbruik. Een aantal voorbeelden van energiebesparende maatregelen zijn:
- Het installeren van dubbel- of driedubbel glas
- Het verbeteren van de isolatie van muren, daken en vloeren
- Het installeren van een warmtepomp of zonneboiler
- Het opnemen van zonnepanelen
- Het installeren van energiezuinige lichtsystemen
- Het optimaliseren van het ventilatiesysteem
- Het verbeteren van de luchtdichtheid van het gebouw
- Het installeren van slimme meters of sturingssystemen
Door deze maatregelen te implementeren, kunnen scholen hun energieverbruik aanzienlijk verlagen, wat resulteert in lagere energiekosten en een beter energielabel. Daarnaast draagt het bij aan een gezonder en comfortabeler binnenklimaat voor leerlingen en personeel.
Het programma Frisse Scholen
Een extra initiatief dat relevant is voor schoolgebouwen is het programma Frisse Scholen. Dit programma richt zich op schoolgebouwen met een laag energieverbruik en een gezond binnenmilieu. In een Frisse School is er aandacht voor energie, luchtkwaliteit, temperatuur, licht en geluid. Het doel is om scholen comfortabeler en duurzamer te maken.
Het Programma van Eisen (PvE) Frisse Scholen 2025 helpt schoolbesturen en gemeenten bij het bepalen van eisen voor verbouw of nieuwbouw. Door eisen vroegtijdig vast te leggen, kunnen bouw- en ontwerpkosten worden bespaard. Dit programma is onderdeel van de bredere inspanningen om maatschappelijk vastgoed duurzaam te maken.
Wanneer is een energielabel verplicht voor schoolgebouwen?
Het energielabel is verplicht bij de verkoop, verhuur en oplevering van schoolgebouwen. Deze verplichting geldt voor schoolgebouwen die na 1 januari 2008 zijn opgeleverd, schoolgebouwen die (gedeeltelijk) worden verhuurd of verkocht en gebouwen waar een school onderdeel van is. Het energielabel is niet verplicht voor alle schoolgebouwen, maar wel voor de meeste die voldoen aan deze criteria.
Bij het verkopen of verhuren van een schoolgebouw is het energielabel verplicht sinds 2019. Sinds 2023 geldt bovendien een verplicht minimumlabel (C) voor schoolgebouwen die na 2008 zijn opgeleverd. Dit betekent dat scholen verplicht zijn om minimaal een energielabel C te hebben.
Hoe controleer je of je school het juiste energielabel heeft?
Scholen die niet zeker weten of hun school het juiste energielabel heeft of überhaupt een energielabel heeft, kunnen dit eenvoudig controleren via EP-Online. Dit is een online platform waarop energielabels van woningen en gebouwen worden opgeslagen. Als het energielabel lager is dan C of ontbreekt, is het verstandig om contact op te nemen met een erkende energieadviseur of een verduurzamingsbedrijf zoals Label-up of Advies in Energie.
De rol van erkende energieadviseurs
Erkende energieadviseurs spelen een cruciale rol bij het verkrijgen van een energielabel. Deze adviseurs zijn gecertificeerd en hebben het benodigde kennis en ervaring om een energielabel voor schoolgebouwen op te stellen. Ze voeren een inspectie uit en gebruiken meetinstrumenten en software om de energieprestatie van het gebouw te bepalen.
Het energielabel dat opgesteld wordt, is niet alleen een juridisch verplicht document, maar ook een waardevolle tool voor scholen om inzicht te krijgen in hun energieverbruik en mogelijke verbeteringen. Het label geeft aanbevelingen voor energiebesparende maatregelen en helpt scholen om hun energiekosten te verlagen.
De toekomst van energielabels voor scholen
De toekomstige richting van energielabels voor scholen is duidelijk: duurzamer en efficiënter. De verplichting van een minimumlabel C is slechts een eerste stap in de richting van een duurzamere schoolbouw. In de komende jaren is het mogelijk dat ook hogere eisen gaan gelden, aangezien de regering en gemeenten zich richten op het verlagen van CO₂-uitstoot en het verhogen van de energiezuinigheid.
Daarnaast is het belang van het energielabel voor scholen niet alleen juridisch, maar ook financieel en functioneel. Een efficiënter gebouw betekent lagere energiekosten, een comfortabeler binnenklimaat en een lagere CO₂-uitstoot. Dit maakt het energielabel een waardevolle tool voor scholen om hun gebouwen te verbeteren en hun missie van onderwijs en duurzaamheid verder te versterken.
Conclusie
Het energielabel is een verplicht en belangrijk document voor schoolgebouwen in Nederland. Sinds 2019 is het label verplicht bij verkoop, verhuur of oplevering en sinds 2023 moet het minimaal een label C zijn voor schoolgebouwen die na 2008 zijn opgeleverd. Het energielabel is niet alleen een juridische formaliteit, maar ook een waardevolle tool voor scholen om inzicht te krijgen in hun energieverbruik en mogelijke verbeteringen.
De verantwoordelijkheid voor het energielabel ligt bij de eigenaar van het gebouw. Het proces van het verkrijgen van een energielabel wordt uitgevoerd door een erkende energieadviseur, die een inspectie uitvoert en een energie-index rapport opstelt. De kosten voor het energielabel variëren afhankelijk van het aantal vierkante meters dat wordt opgenomen in het label.
Er zijn veel maatregelen die scholen kunnen nemen om hun energielabel te verbeteren, zoals het verbeteren van de isolatie, het installeren van zonnepanelen en het optimaliseren van het verbruik. Daarnaast zijn programma’s zoals Frisse Scholen en initiatieven zoals het Programma van Eisen Frisse Scholen 2025 van groot belang bij het verbeteren van het energieverbruik en het binnenklimaat van schoolgebouwen.