Het energielabel is sinds enige tijd verplicht voor de meeste woningen en utiliteitsgebouwen in Nederland. Het dient als maat voor het energiegebruik van een gebouw en wordt vaak vereist bij verkoop of verhuur. Echter, er zijn uitzonderingen voor bepaalde categorieën gebouwen, waaronder monumenten en gebouwen die onderdeel uitmaken van een beschermd stads- of dorpsgezicht. Deze uitzonderingen zijn vanwege de historische, culturele en architectonische waarde van deze gebouwen.
Vanaf mei 2026 zal de energielabelplicht ook gelden voor beschermde monumenten, zoals deze zijn gedefinieerd in de Erfgoedwet of in provinciale of gemeentelijke monumentenverordeningen. Voor gebouwen die onderdeel zijn van een beschermd stadsgezicht, maar geen monumentale status hebben, geldt de energielabelplicht al. Dit betekent dat eigenaren van dergelijke panden het energielabel moeten aanvragen bij verkoop of verhuur.
In dit artikel wordt ingegaan op de wettelijke verplichtingen, de betekenis van de energielabelplicht voor panden in een beschermd stadsgezicht, en de kansen en uitdagingen rondom het verduurzamen van dergelijke gebouwen. Daarnaast wordt bekeken hoe de aanwezigheid van een energielabel kan bijdragen aan een succesvolle verkoop of verhuur, ook wanneer het niet verplicht is.
Energielabelplicht: wanneer is het verplicht?
Het energielabel is sinds 2009 verplicht voor de meeste woningen en gebouwen in Nederland. Het dient als maat voor het energiegebruik en geeft een overzicht van het rendement van het gebouw op vlak van energie. Bij verkoop of verhuur moet het energielabel beschikbaar zijn voor kopers of huurders.
Volgens het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) zijn er echter uitzonderingen. Gebouwen die onderdeel zijn van een beschermd stads- of dorpsgezicht, maar zelf geen monumentale status hebben, zijn onderworpen aan de energielabelplicht. Dit geldt dus ook voor woningen of utiliteitsgebouwen die zich in zo’n beschermd geografisch gebied bevinden, maar geen rijks-, provinciaal of gemeentelijk beschermd monument zijn.
Energielabelplicht geldt ook voor de volgende categorieën gebouwen: - Woningbouw (woningen, appartementen) - Utiliteitsbouw (kantoren, scholen, ziekenhuizen) - Gebouwen die binnen 2 jaar zijn afgewerkte woningen of utiliteitsbouw - Gebouwen die minstens 4 maanden per jaar in gebruik zijn
Uitzonderingen op de energielabelplicht
Er zijn specifieke uitzonderingen waarbinnen het energielabel niet verplicht is. Deze zijn geregeld in het Bbl, zoals:
- Beschermden monumenten: Volgens de Erfgoedwet of monumentenverordeningen zijn deze gebouwen tot nu toe niet onderworpen aan de energielabelplicht. Echter, per 29 mei 2026 komt deze uitzondering te vervallen.
- Gebouwen voor religieuze activiteiten: Kerken, moskeeën en andere religieuze gebouwen zijn vrijgesteld.
- Kleine gebouwen: Vrijstaande gebouwen met een gebruiksoppervlakte van minder dan 50 m² vallen niet onder de energielabelplicht.
- Agrarische bedrijfspanden: Gebouwen voor opslag of bewerking zoals fabriekshallen zijn niet verplicht tot het aanvragen van een energielabel.
- Gebouwen voor tijdelijke toepassing: Bouwketens, noodwinkels en noodlokalen zijn niet onderworpen aan de energielabelplicht.
- Niet-geklimatiseerde gebouwen: Gebouwen zonder klimaatbeheer zoals schuren of garages zijn niet verplicht tot het aanvragen van een energielabel.
Verandering in de toekomst: energielabelplicht voor beschermde monumenten
Op 29 mei 2026 verandert er een belangrijk punt in de energielabelregelgeving: beschermde monumenten komen onder de energielabelplicht te vallen. Dit betekent dat ook eigenaren van rijks-, provinciaal of gemeentelijk beschermden monumenten vanaf deze datum een energielabel moeten aanvragen bij verkoop of verhuur.
Deze verandering is geregeld in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl), en wordt beschreven in de notitie van toelichting bij de regeling. De uitzondering voor beschermde monumenten in artikel 6.28 van het Bbl vervalt. Dit maakt duidelijk dat monumenten in de toekomst op gelijke voet staan met andere gebouwen op vlak van energieprestatie-eisen.
Een belangrijk aspect is dat het energielabel bij monumenten niet alleen een maatstaf is voor energiegebruik, maar ook een startpunt kan zijn voor verduurzamingsmaatregelen. Niet alle verduurzamingsopties zijn echter toegestaan voor monumenten, omdat dat kan leiden tot schade aan de historische waarde of aan de integriteit van het gebouw. Daarom is het belangrijk om bij verduurzaming aandacht te besteden voor de historische en architectonische kenmerken van het pand.
Energielabel en gebouwen in een beschermd stadsgezicht
Woningen of utiliteitsgebouwen die onderdeel zijn van een beschermd stadsgezicht, maar geen monumentale status hebben, vallen wel onder de energielabelplicht. Dit betekent dat de eigenaar van dergelijke gebouwen verplicht is om een energielabel aan te vragen bij verkoop of verhuur.
Het is belangrijk om te onthouden dat het beschermd stadsgezicht een bepaalde sfeer en karakter bepaalt, maar dat individuele gebouwen niet automatisch een monumentale status hebben. Daarom is de energielabelplicht voor deze gebouwen niet beperkt tot de monumentale status, maar ook afhankelijk van de functie en gebruikswijze van het pand.
De energielabelplicht geldt dus ook voor woningen en utiliteitsgebouwen in een beschermd stadsgezicht. Dit betekent dat eigenaren van dergelijke panden moeten voldoen aan de wettelijke eisen op vlak van energieprestaties. Bij verkoop of verhuur is het energielabel verplicht, net als bij andere woningen.
De rol van de gemeente
De gemeente speelt een belangrijke rol in de toepassing van de energielabelplicht en de bepaling van de monumentale status. De gemeentelijke monumentenverordening bepaalt welke panden beschermd zijn en welke niet. Daarom is het belangrijk voor eigenaren om bij de gemeente te informeren over de status van hun pand, vooral als ze overwegen om het te verkoopen of te verhuren.
Voor panden in een beschermd stadsgezicht is het verstandig om rekening te houden met de regels op vlak van energieprestaties. Het energielabel is een instrument dat niet alleen wettelijk verplicht kan zijn, maar ook een waardevolle tool kan zijn voor de verduurzaming van het gebouw.
Het belang van een energielabel bij verkoop of verhuur
Hoewel het energielabel niet verplicht is voor monumenten, kan het toch een belangrijke rol spelen bij de verkoop of verhuur. Het energielabel biedt een overzicht van het energieverbruik en de mogelijke verbeteringen. Dit kan voor potentiële kopers of huurders een waardevolle inzicht geven in de prestaties van het pand.
Ook al is het niet verplicht, het aanvragen van een energielabel kan dus een voordeel zijn voor de verkoop of verhuur. Het energielabel kan dienen als een extra argument voor de kwaliteit van het pand en kan aantonen dat het energiezuinig is of verbeterpotentie heeft.
Advies bij het aanvragen van een energielabel
Het aanvragen van een energielabel bij monumenten en panden in een beschermd stadsgezicht kan complex zijn. De historische en architectonische kenmerken van het gebouw moeten in overweging worden genomen bij de keuze van verduurzamingsmaatregelen. Daarom is het verstandig om een gespecialiseerd adviesbureau in te schakelen, zoals een DuMo-adviseur. Deze adviseurs hebben specifieke kennis over monumenten en de mogelijkheden voor verduurzaming.
Het energielabel kan worden gebruikt als startpunt voor verdere verbeteringen, zoals het installeren van isolatie of zonnepanelen. Echter, niet alle maatregelen zijn toegestaan bij monumenten. Daarom is het belangrijk om eerst advies in te winnen bij een deskundige.
Verduurzamen van monumenten en panden in een beschermd stadsgezicht
Hoewel het energielabel niet verplicht is voor monumenten, is het verduurzamen van dergelijke gebouwen van belang. Het kan leiden tot lagere energierekeningen, een betere (werk)omgeving en een bijdrage aan de klimaatdoelen van het land. Verduurzamen is echter niet zonder uitdagingen, vooral als het gaat om monumenten.
Mogelijke verduurzamingsmaatregelen
Er zijn verschillende maatregelen die in overweging kunnen worden genomen bij het verduurzamen van monumenten en panden in een beschermd stadsgezicht. Enkele voorbeelden zijn:
- Zonnepanelen: Het plaatsen van zonnepanelen op het dak of op een aparte constructie is vaak mogelijk. Dit kan het energieverbruik verminderen en het gebruik van duurzame energie vergroten.
- Efficiënte verwarmingssystemen: Het vervangen van verouderde verwarmingssystemen door efficiëntere alternatieven kan leiden tot aanzienlijke energiebesparing.
- Isolatie: Het isoleren van muren, daken en vloeren kan het comfort vergroten en het energieverbruik verlagen. Echter, bij monumenten moet rekening worden gehouden met de historische waarde en de toegestane maatregelen.
- Energieprestatiecontracten: Eigenaren kunnen overwegen om een energieprestatiecontract af te sluiten met energiebedrijven of adviesbureaus. Dit kan leiden tot verduurzamingsmaatregelen op maat.
Uitdagingen bij het verduurzamen van monumenten
Niet alle verduurzamingsmaatregelen zijn toegestaan bij monumenten. Het is belangrijk om rekening te houden met de historische en architectonische waarde van het gebouw. Daarom zijn er bepaalde uitsluitingen, zoals het aanbrengen van moderne materialen of systemen die niet aansluiten bij de historische context van het pand.
Daarnaast zijn er regelgeving en bepalingen op vlak van de monumentenzorg. De Rijksdienst voor Cultureel Erfgoed of de gemeente kan bepalen of een bepaalde maatregel toegestaan is. Het is daarom verstandig om vroegtijdig contact op te nemen met een deskundige om te weten welke maatregelen mogelijk zijn.
De rol van het energielabel in de toekomst
Het energielabel speelt een steeds grotere rol in de bouw- en renovatiesector. Het is niet alleen een wettelijke vereiste, maar ook een instrument om gebouwen efficiënter en duurzamer te maken. Bij monumenten en panden in een beschermd stadsgezicht is het energielabel bovendien een waardevolle tool voor verduurzaming, zolang het aangepast is aan de specifieke kenmerken van het gebouw.
Met de komst van de energielabelplicht voor beschermde monumenten in 2026 is het duidelijk dat ook deze gebouwen op gelijke voet komen te staan met andere woningen en utiliteitsgebouwen. Dit betekent dat eigenaren van dergelijke panden meer aandacht moeten besteden aan energieprestaties en verduurzamingsmaatregelen.
Het energielabel kan dienen als startpunt voor verdere verbeteringen en kan helpen bij het bereiken van hogere energieprestaties. Het is echter belangrijk om rekening te houden met de historische waarde van het gebouw en de toegestane maatregelen.
Conclusie
Het energielabel is een belangrijk instrument in de bouw- en renovatiesector. Het geeft inzicht in het energieverbruik van een gebouw en kan dienen als basis voor verduurzamingsmaatregelen. Voor panden in een beschermd stadsgezicht is het energielabel verplicht, ook als het pand zelf geen monumentale status heeft. Vanaf 2026 komt de energielabelplicht ook voor beschermde monumenten te gelden.
Hoewel het energielabel niet verplicht is voor alle monumenten, kan het toch een waardevolle tool zijn bij verkoop of verhuur. Het energielabel kan dienen als argument voor de kwaliteit en de verduurzamingsmogelijkheden van het pand. Bovendien kan het een startpunt zijn voor verdere verbeteringen.
Het verduurzamen van monumenten en panden in een beschermd stadsgezicht is van belang, niet alleen voor het milieu, maar ook voor de instandhouding van het gebouw. Het is echter belangrijk om rekening te houden met de historische en architectonische waarde van het pand en de toegestane maatregelen. Het is daarom verstandig om bij verduurzaming raad in te winnen bij een gespecialiseerd adviesbureau of DuMo-adviseur.