Energielabels voor utiliteitsgebouwen: verplichtingen, uitzonderingen en praktische stappen voor eigenaren

Het energielabel voor utiliteitsgebouwen is een essentieel onderdeel van het Nederlandse energiebeleid, gericht op het verbeteren van de energieprestatie van gebouwen en het verminderen van CO₂-uitstoot. Voor eigenaren van utiliteitsgebouwen – zoals kantoren, winkels, scholen en ziekenhuizen – betekent dit dat het verstrekken van een energielabel verplicht is bij verkoop, verhuur of oplevering. Dit artikel biedt een gedetailleerde uitleg over de energielabelverplichting, uitzonderingen, het aanvraagproces en de gevolgen van het niet naleven van de regels.


Wat is een energielabel voor utiliteitsgebouwen?

Een energielabel voor utiliteitsgebouwen geeft een beeld van de energieprestatie van een gebouw. Het label klasseert de energiezuinigheid van het gebouw in een letterklasse, variërend van A tot G. Een beter label (zoals A of A++) betekent dat het gebouw minder fossiele energie gebruikt, terwijl een slechter label (zoals G) aangeeft dat het gebouw relatief veel energie verbruikt.

De energieprestatie wordt bepaald met behulp van de methode NTA 8800, die is gebaseerd op Europese CEN-normen. De berekening is gebaseerd op het primair fossiele energiegebruik, uitgedrukt in kWh/m² per jaar. Dit gegeven vormt de basis voor de labelklasse.

Het energielabel bevat bovendien aanbevelingen voor mogelijke verbetermaatregelen die het energielabel kunnen verhogen. Voorbeelden hiervan zijn het isoleren van muren, het vervangen van ramen of het installeren van energiezuinige apparatuur.


Wanneer is een energielabel verplicht?

Het energielabel is verplicht bij verkoop, verhuur of oplevering van utiliteitsgebouwen. Dit geldt voor alle gebouwen die niet bedoeld zijn voor wonen. Voorbeelden van utiliteitsgebouwen zijn:

  • Kantoren
  • Scholen en universiteiten
  • Winkels en supermarkten
  • Ziekenhuizen en verpleeghuizen
  • Hotels en pensions
  • Sporthallen en sportaccommodaties
  • Vergadercentra en recreatiegebouwen

Het energielabel is meestal maximaal 10 jaar geldig. Dit betekent dat het label na verloop van die periode weer aangevraagd moet worden. Voor de allereerste energielabels die werden uitgegeven in 2008, liep de geldigheid af in 2018.


Uitzonderingen op de energielabelverplichting

Hoewel het energielabel voor de meeste utiliteitsgebouwen verplicht is, zijn er uitzonderingen. Deze zijn onder andere:

  • Monumenten zoals bedoeld in de Monumentenwet of in de provinciale of gemeentelijke monumentenverordening.
  • Gebouwen kleiner dan 50 m² oppervlakte.
  • Tijdelijke gebouwen met een gebruiksduur van maximaal 2 jaar.
  • Gebouwen die geen verantwoordelijke gebruikersfunctie hebben, zoals ruimtes die niet bedoeld zijn om te worden verwarmd of gekoeld voor mensen.
  • Gebouwen voor religieuze of eredienstige doeleinden, zoals kerken of moskeeën.
  • Gebouwen die onteigend zijn en vervolgens worden gesloopt.

Let op: Vanaf 29 mei 2026 vervalt de uitzondering voor monumentale gebouwen. Dit betekent dat ook monumenten dan een energielabel moeten hebben als ze worden verhuurd of verkocht.


Het aanvraagproces voor een energielabel

Het aanvragen van een energielabel voor een utiliteitsgebouw is een systeematische proces die uit meerdere stappen bestaat:

  1. Zoek een gecertificeerde energieadviseur
    Alleen een vakbekwaam EP-adviseur mag het energielabel opstellen en registreren. Eigenaren kunnen vrijblijvend meerdere offertes aanvragen om het beste advies en de gunstigste prijs te vinden.

  2. Bevestiging en afspraak
    Na het ontvangen van de offerte wordt een afspraak gemaakt voor de gebouwopname. Het is belangrijk dat de eigenaar of beheerder aanwezig is tijdens deze opname, zodat eventuele vragen snel kunnen worden beantwoord.

  3. Gebouwopname
    Tijdens de opname inspecteert de energieadviseur het gebouw en verzamelt hij relevante informatie. Dit omvat bouwtekeningen, documentatie van eerdere renovaties, facturen van verbetermaatregelen en energieverbruikscijfers.

  4. Energieprestatie berekenen en registreren
    Op basis van de verzamelde gegevens berekent de energieadviseur de energieprestatie van het gebouw en registreert hij het energielabel in het EP-Online register.

  5. Afschrift ontvangen
    De eigenaar ontvangt een kopie van het energielabel. Bij verkoop of verhuur moet deze worden overgedragen aan de koper of huurder.


Energielabel en commerciële advertenties

Bij het aanbieden van utiliteitsgebouwen in commerciële media – zoals kranten, websites of makelaarsportalen – is het verplicht om de energieprestatieindicator (de labelklasse) van het energielabel zichtbaar weer te geven. Dit geldt ook voor advertenties in kranten, online, op sociale media of via directe contacten.

Het energielabel moet op zichtbare plaats worden aangebracht in het gebouw, bijvoorbeeld bij de ingang of bij de receptie. Dit geldt voor alle utiliteitsgebouwen met een geldig energielabel.


Verplichting voor kantoren

Vanaf 2023 geldt een extra eis voor kantoren. Kantoren groter dan 100 m² moeten minimaal een energielabel C hebben. Kantoren met een slechter label (D t/m G) mogen dan niet meer gebruikt worden.

Deze verplichting geldt niet voor kantoren kleiner dan 100 m² en voor monumentale panden. Eigenaren van kantoren groter dan 100 m² hebben dus tot 2023 de tijd om hun gebouw te verbeteren of de energieprestatie te bepalen.


Toezicht en boetes

De Inspectie voor Leefomgeving en Transport (ILT) is verantwoordelijk voor het toezicht op energielabelverplichtingen. Als een energielabel ontbreekt bij verkoop of verhuur, kan een boete worden opgelegd. De hoogte van de boete hangt af van de situatie en wordt terug te vinden op de website van de ILT.

Boetes kunnen ook worden opgelegd als het energielabel niet op zichtbare plaats is aangebracht of als het label niet geregistreerd is in het EP-Online register. Daarnaast kan een last onder dwangsom worden opgelegd bij herhaalde overtredingen.


Waar vindt men energielabels terug?

Alle geregistreerde energielabels voor utiliteitsgebouwen en woningen staan beschikbaar in het EP-Online register. Dit register is toegankelijk via de officiële website en biedt informatie op adresniveau. Het is dus mogelijk om via dit register het energielabel van een gebouw op te vragen.


Vragen en hulp bij energielabels

Voor eigenaren die hulp nodig hebben met het aanvragen van een energielabel of die vragen hebben over de verplichting, is het mogelijk om contact op te nemen via het vragenformulier van de ILT. Daarnaast bieden gecertificeerde EP-adviseurs maatwerkadviezen en ondersteuning bij het verbeteren van de energieprestatie van een gebouw.


Conclusie

Het energielabel voor utiliteitsgebouwen speelt een cruciale rol in de Nederlandse inspanningen om het energieverbruik te verlagen en de duurzaamheid van gebouwen te vergroten. Voor eigenaren is het belangrijk om zich bewust te zijn van de verplichtingen, uitzonderingen en praktische stappen die nodig zijn bij het aanvragen van een energielabel.

Door het energielabel te verstrekken en eventuele verbetermaatregelen toe te passen, kunnen eigenaren niet alleen in lijn blijven met de wetgeving, maar ook het energieverbruik van hun gebouw verlagen. Dit leidt tot lagere energiekosten, een betere woon- of werkomgeving en een positievere impact op de omgeving.


Bronnen

  1. Energielabel utiliteitsgebouwen – RVO
  2. Energielabel utiliteitsgebouwen – Rijksoverheid.nl
  3. EPA-U energielabel – Greenwise Holland
  4. Veelgestelde vragen – RVO
  5. Energielabel utiliteitsgebouwen – ILT

Gerelateerde berichten