Energieverplichtingen voor Sociale Huurwoningen: Weg naar Energielabel D of Hoger in 2030

De toekomst van woningbouw in Nederland is steeds duurzamer en energiezuiniger aan het worden. In het kader van de nationale doelstellingen voor klimaatneutraal bouwen en wonen is de regering gestart met een transformatie van het woningbestand, waarbij sociale huurwoningen een centrale rol spelen. In 2030 is een cruciale eindterm: alle huurwoningen, zowel particuliere als sociale, moeten minstens een energielabel D hebben. Voor sociale huurwoningen ligt de verwachting zelfs hoger — menijer streven naar energielabel B of hoger. Hiermee wordt geëindigd aan het verhuren van woningen met een slecht energielabel (E, F of G) en wordt een essentiële stap gezet in de richting van klimaatbestendig wonen.

In dit artikel bespreken we de huidige regelgeving, de verplichtingen voor woningcorporaties, de technische maatregelen om energielabels te verbeteren, de financiering en de verwachtingen voor de toekomst. We kijken vooral naar hoe sociale huurwoningen in het kader van het energielabel D- of B-kenmerk worden aangepakt en welke stappen nodig zijn om deze doelstellingen te bereiken.


De huidige situatie: Energielabels van sociale huurwoningen

In 2024 zijn er nog 142.900 sociale huurwoningen met een slecht energielabel (E, F of G) over. Dit is een aanzienlijke daling ten opzichte van 247.400 in 2022 en 180.700 in 2023. Dit toont aan dat woningcorporaties al actief bezig zijn met verduurzaming. Het doel is om uiterlijk in 2028 alle woningen met E, F of G te verbeteren tot minimaal D, en uiteindelijk in 2030 tot B of hoger.

De Nationale Prestatieafspraken (NPA), getekend in juni 2023, leggen het kader voor deze verduurzamingsmaatregelen vast. Daarin staat dat in vijf jaar tijd geen enkele huurwoning van corporaties meer een slecht energielabel mag hebben. Dit betekent dat woningcorporaties niet alleen bestaande woningen moeten renoveren, maar ook nieuwbouwprojecten moeten voldoen aan strengere eisen.

In 2021 zijn de BENG-normen (Bijna Energie Neutrale Gebouwen) ingevoerd voor sociale woningbouw. Deze normen stellen dat nieuwe sociale huurwoningen bijna energieneutraal moeten zijn. Voor bestaande huurwoningen geldt een verplichting om uiterlijk in 2028 een energielabel B of hoger te halen.


Verplichtingen voor woningcorporaties

Woningcorporaties zijn centraal betrokken bij de verduurzaming van het woningbestand. Aan de hand van diverse initiatieven en afspraken zoals de Nationale Prestatieafspraken zijn verplichtingen ingevoerd die hen verplichten om hun woningvoorraad te verbeteren.

Doelstellingen voor 2028 en 2030

In 2028 moet het complete woningbestand van woningcorporaties voldoen aan energielabel B of hoger. In 2030 is het wettelijke om huurwoningen met slecht energielabel te verbannen uit de verhuurmarkt. Dit geldt zowel voor sociale als particuliere huurwoningen. De verplichting is wettelijk vastgelegd en niet alleen voor corporaties, maar ook voor particuliere verhuurders.

Deze maatregelen zijn bedoeld om het woningbestand duurzamer te maken en de energiearmoede te verlagen. Zoals in het onderzoek van TNO is aangetoond, zijn circa 650.000 huishoudens in Nederland in energiearmoede. Deze huishoudens hebben een laag inkomen en hoge energiekosten. Verduurzaming helpt hierin, omdat energiezuinige woningen lagere energiekosten opleveren.

Actieve verduurzamingsinspanningen

In de afgelopen jaren hebben woningcorporaties 140.000 huurwoningen verduurzaamd. Bijna 32.000 van deze woningen zijn in een jaar tijd verlost van het slechte energielabel E, F of G. Aedes, de koepel van woningcorporaties, meldt dat in totaal bijna 1,1 miljoen sociale huurwoningen nu een zuinig energielabel hebben. Deze cijfers laten zien dat het tempo van verduurzaming is toegenomen, maar dat er nog ruimte is voor verbetering.


Technische maatregelen voor energielabelverbetering

Om energielabels te verbeteren worden een aantal technische maatregelen toegepast. Deze maatregelen zijn bedoeld om energieverbruik te verminderen, het comfort te verbeteren en de duurzaamheid van het woningbestand te verhogen.

Isolatie

Isolatie is een van de meest effectieve maatregelen om het energiegebruik te verminderen. Door het isoleren van daken, muren, kozijnen en vloeren wordt de warmtebetering van de woning verbeterd. Dit leidt tot lagere verwarmingskosten en een beter inwendig klimaat.

Isolatie is in de afgelopen jaren al verantwoordelijk voor de verbetering van 70.000 huurwoningen naar label B of hoger. Het gehele woningbestand moet uiteindelijk geïsoleerd worden, en gemeenten spelen daarbij een steeds grotere rol. Lokale isolatieaanpakken ondersteunen bewoners met advies, financiering en subsidies.

Zonnepanelen

Zonnepanelen zijn een veelgebruikte maatregel voor energielabelverbetering. Ze genereren duurzame elektriciteit en helpen bij het verlagen van de energierekening. In sociale huurwoningen wordt vaak geopteerd voor het plaatsen van zonnepanelen om het energielabel te verbeteren. Deze maatregel helpt vooral bij het verbeteren van het elektriciteitsgebruik.

Verduurzame verwarmingsinstallaties

De overstap naar verduurzame verwarmingsinstallaties is verplicht voor woningen die geschikt zijn voor een hybride warmtepomp. Vanaf 2026 is de hybride warmtepomp de nieuwe standaard. Deze installaties gebruiken zowel elektriciteit als gas, maar zijn aardgaszuinig. Ze vormen een transitie richting volledig elektrische verwarmingssystemen, die in de toekomst verplicht kunnen worden.

Efficiënte installaties en elektrische keukens

Nieuwe, efficiënte installaties zoals laag-energieverbruikselektrische apparaten, LED-verlichting en slimme meters helpen het energielabel te verbeteren. Ook elektrisch koken wordt steeds meer aanbevolen. In sommige gevallen zijn subsidies beschikbaar voor deze maatregelen.


Financiering en subsidies

De financiering van verduurzamingsmaatregelen is een belangrijk aspect van het verduurzamingsbeleid. Het doel is dat verduurzaming voor iedereen betaalbaar is, ongeacht inkomensniveau.

Subsidies en leningen

Subsidies zijn verhoogd en kunnen nu ook worden aangevraagd voor enkele isolatiemaatregelen. Voor mensen met een laag inkomen is het mogelijk om te lenen tegen een 0%-rentetarief. Dit maakt het mogelijk om verduurzamingsprojecten te starten zonder directe financiële druk.

Daarnaast zijn er specifieke subsidiepotten voor kleine particuliere verhuurders. Dit is bedoeld om de verduurzaming van kleineres ondernemers in de huursector te ondersteunen.

Isolatie via lokale aanpakken

Gemeenten spelen een steeds grotere rol in de financiering en uitvoering van isolatiemaatregelen. Lokale isolatieaanpakken worden opgezet om bewoners actief te ondersteunen. In 2025 zijn al 20.000 woningen geïsoleerd via deze aanpakken, waarvan 1600 zelfs via do-e-het-zelf-isolatie.


Tegenhangers en uitdagingen

Hoewel de verduurzamingsmaatregelen veelbelovend zijn, zijn er ook uitdagingen. Eén van de grootste is de tijd die nodig is om het hele woningbestand te verduurzamen. Aedes stelt dat het huidige verduurzamingspercentage van 35.000 woningen per jaar onvoldoende is om de doelen te halen. De lat is hoger gekomen door de veranderde methode van het bepalen van energielabels, wat betekent dat het aantal verduurzaamde woningen per jaar moet stijgen.

Daarnaast is er de vraag naar hoe je verduurzamingsmaatregelen combineert met betaalbaarheidsdoelen. Woningcorporaties isoleren huurwoningen zonder daarvoor huurverhogingen te vragen. Dit is een belangrijk maatregel om energiearmoede te verminderen. Het verduurzamings- en betaalbaarheidsbeleid moet daarom nauwkeurig worden afgestemd.


Conclusie

De verduurzaming van sociale huurwoningen is een essentieel onderdeel van het nationale beleid voor klimaatbestendig wonen. In 2030 moet het complete woningbestand voldoen aan energielabel D of hoger, en voor sociale huurwoningen is een doel van energielabel B of hoger gesteld. Woningcorporaties zijn actief aan de slag met isolatie, zonnepanelen, efficiënte installaties en elektrisch koken. Het tempo van verduurzaming moet echter verder stijgen om de doelen te halen.

Financiering speelt een belangrijke rol. Subsidies, leningen en lokale isolatieaanpakken helpen bij het maken van verduurzaming betaalbaar. De samenwerking tussen overheid, woningcorporaties, architecten en bewoners is essentieel om het doel van 750.000 geïsoleerde woningen in 2030 te bereiken. Alleen zo is het mogelijk om de energiearmoede te verlagen en een duurzaam woningbestand te creëren.


Bronnen

  1. Wat is het minimale energielabel voor een huurwoning?
  2. Vanaf 2030 geen huurwoningen met een slecht energielabel
  3. Minder huurwoningen met slecht energielabel, maar tempo verduurzaming moet omhoog
  4. Verduurzaming sociale huurwoningen tegen energiearmoede en hittestress
  5. Welke energienormen gelden voor sociale woningbouw?
  6. Aan de slag met betaalbare, energiezuinige woningen en gebouwen

Gerelateerde berichten