Bouwkosten en Constructieanalyse van het Nationaal Militair Museum Soesterberg

Het Nationaal Militair Museum, ook wel aangeduid als het Defensiemuseum, is een aanzienlijk bouwproject gelegen op de voormalige vliegbasis Soesterberg. Dit project omvat de nieuwbouw van een museumgebouw, de renovatie van bestaande gebouwen en de inrichting van een uitgestrekt buitenterrein. De realisatie van dit museum is het resultaat van een complexe samenwerking tussen diverse partijen binnen de bouw- en ingenieurssector, waarbij de focus lag op innovatie, duurzaamheid en een specifieke financiële structuur. In dit artikel wordt een gedetailleerde analyse gegeven van de bouwkosten, de constructieve uitdagingen, de duurzaamheidsdoelstellingen en de projectmanagementstrategieën zoals deze zijn vastgelegd in de beschikbare projectdocumentatie.

De locatie van het museum is strategisch gekozen op het noordelijke gedeelte van de voormalige vliegbasis Soesterberg. Het project heeft als doel de collecties van twee bestaande instituten samen te brengen. Het Legermuseum, dat tot die tijd gevestigd was in Delft, en het Militaire Luchtvaart Museum, gevestigd aan de A28 in Soesterberg, vormen samen de kern van de nieuwe collectie. Beide oorspronkelijke musea zijn gesloten om de collecties te kunnen overbrengen naar de nieuwe locatie. Naast de museale ruimten biedt het terrein ruimte voor exposities op het grote buitenterrein en is er capaciteit voor evenementen. De opening van het Nationaal Militair Museum voor het publiek was gepland in het najaar van 2014.

Financiële Structuur en Kostenopbouw

De financiële omvang van het project Nationaal Militair Museum is aanzienlijk. Volgens de aannemer Heijmans bedraagt de totale kostenpost voor het project 160 miljoen euro. Deze totale som is verdeeld over verschillende componenten van het project. Het grootste deel van deze financiering is bestemd voor de nieuwbouw van het museumgebouw zelf en voor de renovatie van een aantal bestaande gebouwen op de locatie van de voormalige vliegbasis. Daarnaast is er een specifieke begroting aanhouden voor de lange termijn exploitatie en onderhoud. Er is 70 miljoen euro bestemd voor onderhoud en facilitair beheer gedurende een periode van 25 jaar.

De realisatie van het project geschiedde via een publiek-private samenwerking (PPP). De Rijksgebouwendienst heeft Heijmans PPP aangewezen als de partij die de nieuwbouw voor zijn rekening zou nemen. Deze aanwijzing volgde op een openbare aanbesteding. In het kader van deze aanbesteding kwam Heijmans naar voren als de "economisch meest voordelige inschrijving". Het consortium Heijmans PPP realiseert niet alleen het ontwerp, de bouw, de museale inrichting en de financiering van het nieuwe gebouw, maar neemt ook de gedeeltelijke exploitatie van het museum voor zijn rekening voor een periode van 25 jaar. De totale contractwaarde voor deze DBFMO-opdracht (Design, Build, Finance, Maintain and Operate) zou ruim 100 miljoen euro bedragen. Het project begon begin 2012 met de uitschrijving van de tender door de Rijksgebouwendienst, in opdracht van het Ministerie van Defensie. In mei 2012 werd de opdracht binnengehaald.

Behalve het hoofdgebouw omvat de DBFMO-opdracht ook de herbestemming van drie bestaande gebouwen en een uitkijktoren. Een van de bestaande gebouwen gaat fungeren als museumdepot. De financieringsstructuur zorgt er voor dat de aannemer niet alleen verantwoordelijk is voor de bouw, maar ook voor de exploitatie en het onderhoud over een langere periode. Dit model vereist een hoge mate van samenwerking en planning, aangezien de kosten voor de bouw en de kosten voor de exploitatie over 25 jaar in één contract zijn vastgelegd.

Constructieve Uitdagingen en Dakontwerp

Een van de meest spectaculaire onderdelen van het museum is de constructie van het dak. Dit onderdeel beschermt niet alleen bezoekers tegen alle weersomstandigheden, maar bevat ook alle technische installaties. Het dak is 4 voetbalvelden groot en is daarmee een waar huzarenstukje. De constructie bestaat uit staal en moest voldoende stijf zijn voor de glazen gevels en ruimten tot 85 meter moest kunnen overspannen. De gevelkolommen bevinden zich aan de buitenkant van de glazen puien en zijn, net als de dakluifels rondom, aan temperatuurveranderingen onderhevig.

ABT ontwierp een driedimensionaal balkenraster, bestaande uit vakwerken in twee richtingen. Relatief lichte, stalen profielen in de 4 meter hoge, ingenieuze constructie verdelen de belastingen. Het dak is grotendeels zichtbaar en is daarmee het meest prominente onderdeel van de architectuur van het museum. De uitdaging was een zo licht mogelijk dak ontwerpen dat 72 nader te bepalen belasting- en ophangingscombinaties moest kunnen dragen. Om dit te realiseren, zijn er 150 tot 300 toetsingen nodig geweest. Conventionele rekenmethodes volstonden niet, daarom ontwikkelde ABT een Optimalisatie Toolkit. Dit is software die op basis van ingestelde randvoorwaarden de meest optimale constructie voor het dak kan berekenen.

Het resultaat is een dak dat geen 100, maar 60 kilo per vierkante meter weegt. Het is licht, duurzaam en voordelig. De gewichtsbesparing in het stalen dak en de betonnen vloer dragen sterk bij aan de duurzaamheid van het gebouw. Terwijl er nog aan de dakconstructie gewerkt werd, was ABT al bezig met het uitdenken van de ophanging. Dit heeft geresulteerd in een ingenieuze engineering van de ophangpunten, staalkabels en bevestigingspunten zodat vliegtuigen in allerlei standen konden worden gehangen. Aan hoeveelheid staal is met het parametrisch ontwerp van het dak met krachtsafdracht in twee richtingen voor ongeveer 2,5 miljoen euro bespaard.

Duurzaamheid en Energieprestaties

Duurzaamheid speelde een centrale rol in het ontwerp van het Nationaal Militair Museum. Waar het programma van eisen een EPC van hooguit 0,75 voorschreef (E/E), is uiteindelijk een energieprestatie-coëfficiënt van 0,24 gerealiseerd. De CO2-emissiereductie gedurende exploitatie is van een vergelijkbare omvang. Een van de ontwerpoplossingen die heeft bijgedragen aan deze lage energieprestatie is de optimalisatie van de daglichttoetreding in het ontwerp. Dat geldt niet alleen voor de museale ruimten, maar ook voor de kantoren die ruimschoots voorzien zijn van daklichten. De warmte- en koude-opwekking vindt plaats met een WKO-installatie.

Op het 27.500 m2 grote dak zijn 3.240 zonnepanelen inclusief omvormers aangebracht. Deze zonnepanelen hebben een jaarlijkse energie-opbrengst van 753 MWh. In nauw overleg met Heijmans bepaalde ABT de locatie en de hoek van de zonnepanelen. Buiten het feit dat zonnepanelen de nodige groene energie opleveren, heeft het economische constructie-ontwerp ook de nodige CO2-uitstoot bespaard. Uitgaande van een besparing van 40 kg per m2 dakoppervlak is er 27.500x40x0.473/1000 = 520 ton CO2-uitstoot voorkomen. Dit is berekend op basis van de Milieu Relevante Product Informatie-bladen van Bouwen met Staal.

De bijbehorende schaduwkosten (of eigenlijk preventiekosten) bedragen 27.500x40x0,0412 = 45.320 euro. De dakconstructie heeft door zijn opzet een hoge herverdelingscapaciteit en biedt daardoor een grote flexibiliteit. De mate van overlast tijdens de bouwwerkzaamheden voor mens en dier was een belangrijk aandachtspunt. Het terrein van het Nationaal Militair Museum (45 ha.) ligt in de Ecologische Hoofdstructuur (EHS). Dit betekent dat elke ingreep uiteindelijk geen nadelige effecten voor de natuur mag hebben.

In het geval van het NMM wordt gedurende de 25-jarige contractperiode een grote natuurwinst geboekt. Dit wordt gerealiseerd door herinrichting en gerichte doorontwikkeling maar ook door een slimme zonering. In het museumterrein is allereerst veel bebouwing en verharding geamoveerd. Dit heeft plaats gemaakt voor vele hectares nieuw bos en een mozaïek van zogenaamd heide-schraalgrasland. Bestaand bos wordt daarbij in de komende jaren gericht doorontwikkeld tot bos met hogere natuurwaarden. Reeds waardevol bestaand bos en heide-schraalgrasland is gehandhaafd. Waar dit niet kon is heide-schraalgrasland ‘getransplanteerd’. De derde pijler betreft een slimme zonering van het terrein. De plek van het nieuwe museum is bewust gekozen, ook met het oog op de natuurwaarden.

Projectmanagement en Consortium Samenstelling

Voor de veelomvattende uitdaging van het project smeedde Heijmans een brede coalitie. Het consortium bestond uit Claus en Kaan Architecten, H+N+S Landschapsarchitecten, Kossmann.dejong, ABT, Deerns, Burgers Ergon, AAFM Facility Management en Vermaat Horeca Exploitatie Holding. Deze samenwerking was noodzakelijk om de DBFMO-opdracht te kunnen vervullen. Behalve het museum omvat de DBFMO-opdracht ook de herbestemming van drie bestaande gebouwen en een uitkijktoren. Verder is voorzien in de transformatie van het uitgestrekte terrein van de basis (zo’n 1.000 voetbalvelden groot) tot stiltegebied.

De jury van de Dutch Design Awards heeft Heijmans uitgeroepen tot ‘Beste Opdrachtgever 2013’. De winst zit ‘m vooral in de integrale aanpak – onder aanvoering van de aannemer – van het Nationaal Militair Museum. In de herfst van 2014 gaat het nieuwe museum open voor het publiek. In november vorig jaar zijn de eerste museumstukken, waaronder een rupsvoertuig en een Leopard-tank, al naar hun nieuwe onderkomen overgebracht. De oplevering is eind 2014.

Erkenning en Prijzen

De staalconstructie van het dak ontving een nominatie voor de Vernufteling 2013. In de categorie Utiliteitsbouw ontving het Nationaal Militair Museum de Nationale Staalprijs 2016. Deze erkenning onderstreept de technische complexiteit en de innovatieve aanpak die is gehanteerd bij de constructie van het museumgebouw. De nominatie voor de Vernufteling en de winst van de Nationale Staalprijs zijn indicatoren voor de kwaliteit van de engineering en de constructieve oplossingen die zijn gevonden voor de overspanningen en de gewichtsreductie van het dak.

De erkenning voor Heijmans als 'Beste Opdrachtgever 2013' door de Dutch Design Awards benadrukt ook het belang van de projectmanagementstrategie. De integrale aanpak, waarbij de aannemer de leiding nam over ontwerp, bouw, financiering en exploitatie, bleek succesvol. Dit model zorgt voor een betere aansluiting tussen de bouwkosten en de exploitatiekosten, aangezien dezelfde partij verantwoordelijk is voor de levensduur van het gebouw.

Conclusie

Het Nationaal Militair Museum in Soesterberg is een voorbeeldproject op het gebied van grote bouwwerken binnen de publiek-private samenwerking. De totale kosten van 160 miljoen euro, inclusief 70 miljoen euro voor onderhoud gedurende 25 jaar, illustreren de omvang van de investering. De constructieve uitdagingen, met name het lichtgewicht stalen dak dat 85 meter overspant, hebben geleid tot innovatieve oplossingen zoals de Optimalisatie Toolkit en een gewicht van 60 kilo per vierkante meter.

De duurzaamheidscriteria zijn ruimschoots gehaald, met een EPC van 0,24 in plaats van de voorgeschreven 0,75, en een aanzienlijke reductie van CO2-uitstoot door zowel constructieve optima als zonnepanelen. De integratie van het museum in de Ecologische Hoofdstructuur heeft geleid tot natuurwinsten door herinrichting en zonering. De samenwerking binnen het consortium en de DBFMO-structuur hebben bijgedragen aan de erkenning door de Dutch Design Awards en de Nationale Staalprijs.

Bronnen

  1. Defensiemuseum kost 160 miljoen
  2. Heijmans mag Nationaal Militair Museum bouwen
  3. Nationaal Militair Museum - Nationale Staalprijs
  4. Nationaal Militair Museum - ABT
  5. Nationaal Militair Museum Soesterberg - Staalmakers

Gerelateerde berichten