Sport en Fitness op Bedrijventerreinen: Strategische Locatiekeuze en Omgevingsvergunning in de Gemeente Urk

De vestiging van commerciële sport- en fitnesscentra op bedrijventerreinen vormt een complex onderwerp binnen de ruimtelijke ordening en vergunningverlening. In de gemeente Urk is de markt voor private sport (fitness, ballet, dans) een groeimarkt die niet altijd optimaal gefaciliteerd kan worden door bestaande bestemmingsplannen. Het beleid voor het toestaan van deze functies op bedrijventerreinen vereist een genuanceerde benadering die rekening houdt met de primaire functie van het terrein, de impact op omringende woonwijken en de beschikbaarheid van geschikte locaties. Een goed begrip van de omgevingsvergunning en de specifieke bestemmingen is cruciaal voor zowel ondernemers als gemeenteplanning.

De dynamiek van de sportbranche vereist een zorgvuldige afweging tussen de behoefte aan grootschalige sportfaciliteiten en de bestaande ruimtelijke structuur. In veel gevallen zijn bestaande vestigingen van sportscholen gedoogd omdat er geen alternatieve locaties beschikbaar zijn. Om dit beleid te formaliseren en te reguleren, is het noodzakelijk om duidelijkheid te scheppen over welke functies waar toegestaan zijn, waar ze gedoogd kunnen worden en waar ze uitgesloten moeten blijven. De volgende analyse biedt een diepgaande verkenning van de regelgeving, de specifieke locaties binnen de gemeente Urk en de procedurele aspecten van de omgevingsvergunning.

De Rol van het Omgevingsplan en Bestemmingen

Het omgevingsplan fungeert als het fundamentele document dat bepaalt welke activiteiten op een bepaald stuk grond worden toegestaan. Voor de vestiging van een sportschool op een bedrijventerrein is het essentieel om de specifieke bestemming van het perceel te controleren. In de gemeente Urk zijn er verschillende categorieën van bestemmingen die relevant zijn voor sportfaciliteiten.

De functie 'Sport' staat expliciet sportscholen en fitnesscentra toe. Echter, afhankelijk van het gebied, kunnen deze functies ook toegestaan worden binnen de bestemmingen 'Maatschappelijk', 'Gemengd' en 'Bedrijventerrein - 3' (specifiek te Lemsterhoek). De begripsbepaling van 'Maatschappelijke voorzieningen/doeleinden' omvat impliciet ook sportvoorzieningen in de meeste gebieden van de gemeente. Dit betekent dat in veel wijken, zoals de Sportboulevard, sportpark De Vormt, het maatschappelijk cluster Vlaak-Richel, de Overgangszone Zeeheldenwijk en het Centrumgebied Zeeheldenwijk, de vestiging van sportscholen "bij recht" toegestaan is.

Op bedrijventerreinen is de situatie echter anders. Hier zijn de bestemmingen vaak strikt gericht op bedrijfsactiviteiten. Voor het vestigen van een sportschool op een bedrijventerrein is dus vaak een omgevingsvergunning benodigd voor het afwijken van het bestemmingsplan. Dit geldt bijvoorbeeld voor het bedrijventerrein Westgat. Op dit terrein wordt gestreefd naar meer functiemenging, maar er is geen specifieke functie 'Bedrijventerrein - 3'. De aanvraag voor een vergunning is dus noodzakelijk om de afwijking te legitimeren.

De wetgeving, zoals de Wabo (Wet algemene bestuurlijke openbare orde), biedt ruimte voor afwijkingen via artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 3. Dit artikel stelt de gemeente in staat om een besluit te nemen waarbij een aanvraag voor een sportschool wordt behandeld als een uitgebreide afwijkingsprocedure. Dit is cruciaal wanneer de huidige bestemming 'Bedrijfsdoeleinden' of 'Bedrijf' niet direct een sportschool toelaat, maar de gemeente het vestigen toch als wenselijk ziet om de markt te faciliteren.

Strategische Locaties en Functiemenging

Niet elk bedrijventerrein is geschikt voor de vestiging van een sport- en fitnesscentrum. De keuze van de locatie hangt af van de nabijheid van woonwijken, het type verkeer dat wordt gegenereerd en de compatibiliteit met bestaande bedrijven. In de gemeente Urk zijn specifieke gebieden benoemd waar sportscholen worden toegestaan of waar de beleidsregel van toepassing is.

Op het bedrijventerrein De Oude Veiling is de private sport (fitness/ballet/dansen) toegestaan binnen de bestemming 'Bedrijfsdoeleinden'. Dit terrein grenst aan de Dorpsstraat van Zwaag en de wijken Bangert en Oosterpolder. Op het gedeelte van het bedrijventerrein Westfrisia dat eveneens aan deze wijken grenst, zijn vestigingen van sportinstituten reeds gevestigd. Omdat er een gebrek aan alternatieve locaties bestaat, worden deze vestigingen momenteel gedoogd. Dit betekent dat hoewel de bestemming niet direct toestaat, de gemeente een uitzondering maakt vanwege de specifieke behoefte van de omgeving.

Verder zijn bedrijfslocaties aan de Lageweg en de Verlengde Lageweg aangeduid als geschikte locaties. Ook gronden met de bestemming 'detailhandel – perifeer' binnen het Van Aalstweggebied vallen onder het beleid. Op dit terrein is een besluit genomen om de beleidsregel 'Vestigingsbeleid Bedrijventerreinen' aan te passen en te verduidelijken, waarbij het Van Aalstweggebied expliciet wordt toegevoegd aan de lijst van gebieden waar sport- en fitnessformules mogen vestigen.

Een andere belangrijke locatie is het bedrijventerrein Lemsterhoek. Hier geldt een functiegemengd ruimtelijk regime binnen de functie 'Bedrijventerrein - 3'. Het doel is om op langere termijn het terrein minder gericht te maken op sterk gezoneerde bedrijvigheid en de overlast voor in de buurt liggende woonwijken te verminderen. Binnen dit regime is de vestiging van een sportschool/fitnesscentrum mogelijk, omdat het terrein meer functiemenging nastreeft. Dit is een voorbeeld van hoe ruimtelijke planning kan worden aangepast om te voldoen aan de vraag naar sportfaciliteiten zonder de primaire functie van het terrein volledig te ondermijnen.

Ook het bedrijventerrein Westgat wordt onderzocht voor de ontwikkeling tot een meer functiegemengd gebied. Hoewel hier geen functie 'Bedrijventerrein - 3' geldt, is het niet per se onwenselijk om sportscholen toe te staan. Voor dit terrein kan de beleidsregel worden toegepast, mits er een omgevingsvergunning wordt aangevraagd en verkregen voor het afwijken van het omgevingsplan.

Onwenselijke Locaties en Beperkingen

Terwijl bepaalde locaties worden aangewezen als geschikt, zijn er specifieke gebieden waar de vestiging van een sportschool of fitnesscentrum onwenselijk of uitgesloten is. Het is cruciaal om te begrijpen waarom bepaalde gebieden als ongeschikt worden bestempeld. De redenen hiervoor liggen vaak in de conflicten met omringende functies, zoals wonen, of in de incompatibiliteit met bestaande bedrijfsactiviteiten.

In woonwijken kan een functiewijziging naar sportschool/fitnesscentrum leiden tot overlast. De functie 'Wonen' betreft een 'gevoelige functie'. Dit betekent dat er streng gekeken moet worden naar geluidsoverlast en verkeersveiligheid. Een sportschool genereert een specifieke vorm van verkeer, zoals fietsers met een recreatieve bestemming en hardlopers, wat niet past bij de rust en veiligheid van een woonwijk. Extra verkeer kan leiden tot een verminderde verkeersveiligheid en parkeerproblemen. Aangezien dit probleem vrijwel altijd zal optreden bij een functiewijziging van Wonen naar sportschool, is ervoor gekozen om een dergelijke wijziging uit te sluiten.

Op bepaalde bedrijventerreinen, specifiek de terreinen Zwolse Hoek, Kamperhoek en Port of Urk, is de vestiging van sportscholen eveneens problematisch. Hoewel sportscholen geen geluids- of geurgevoelige functie zijn in de zin van de milieuwetgeving, is het toch een verblijfsfunctie die ruimtelijk niet goed past op een terrein waar ook categorie 3-4 bedrijven zijn gevestigd. Deze bedrijven zijn vaak zwaarder belastend dan een sportschool. De sportfunctie trekt een type verkeer dat een onwenselijke toevoeging vormt op drukke bedrijventerreinen. Daarnaast is bedrijfsruimte binnen deze terreinen gewild en is deze ruimte zowel praktisch als planologisch bestemd voor bedrijfsactiviteiten. Een sportschool op deze locaties zou dus concurreren met de primaire functie van het terrein.

Ook op (voormalige) agrarische percelen, zoals aangeduid in het buitengebied, zijn sportscholen en fitnesscentra ruimtelijk minder passend. De meeste van deze percelen liggen aan een van de hoofdontsluitingswegen van Urk. Het oprichten van een sport- en fitnesscentrum op dergelijke percelen brengt een dagelijkse toestroom van verkeer met zich mee. Dit verkeer vereist een oversteek van de Staart-, Urker- of Domineesweg, wat de verkeersveiligheid op deze belangrijke verkeersassen kan verstoren. De positionering van sport- en fitnesscentra binnen de bebouwde kom biedt juist de praktische voordelen van nabijheid en kortere verkeersbewegingen, wat beter past bij de gemeentelijke plannen dan locaties in het buitengebied.

Voor de locatie 'De Plataan' in Zwaag, waar momenteel een balletschool is gehuisvest, geldt dat de school uit dit gebouw groeit door aanmeldingen uit de nieuwe woonwijken Bangert en Oosterpolder. Dit illustreert de druk op de capaciteit van bestaande sportfaciliteiten en de noodzaak voor extra ruimte.

Procedurele Aspecten van de Omgevingsvergunning

De procedure voor het verkregen van een omgevingsvergunning voor een sportschool op een bedrijventerrein is een zorgvuldig proces dat de afwijking van het bestemmingsplan vereist. Wanneer de bestemming van het terrein niet direct 'Sport' of een geschikte functie toelaat, moet er een afwijking worden aangevraagd. Dit gebeurt vaak via artikel 2.12 van de Wabo, wat de mogelijkheid biedt om een uitgebreide afwijkingsprocedure te starten.

Een concreet voorbeeld is het besluit van 20 december 2012 waarbij een omgevingsvergunning werd verleend voor het realiseren van een sportschool in een deel van het pand Dr. C.J.K. van Aalstweg 6B. Dit besluit gold als een reparatie door toepassing te geven aan de uitgebreide afwijkingsprocedure. In dit kader is ook besloten om de beleidsregel 'Vestigingsbeleid Bedrijventerreinen' aan te passen en het Van Aalstweggebied toe te voegen aan de lijst van toegestane gebieden.

Voor het bedrijventerrein Westgat is een omgevingsvergunning benodigd voor het afwijken van het omgevingsplan. Ondanks dat dit terrein momenteel geen specifieke sportfunctie bevat, is het niet per se onwenselijk om sportscholen toe te staan. De gemeente kan ervoor kiezen om een beleidsregel toe te passen die de vestiging mogelijk maakt, zolang er geen strijd bestaat met de primaire functie van het terrein en de overlast voor de omgeving wordt beperkt.

Het proces omvat vaak een beoordeling van de invloeden op de omgeving, waaronder geluid, verkeer en parkeermogelijkheden. De gemeente moet waarborgen dat de primaire functie van het bedrijventerrein niet wordt onderminderd door de introductie van een sportfunctie. Dit vereist een gedetailleerde analyse van de specifieke locatie en de impact op de nabijheid van woonwijken.

Vergelijking van Locaties en Bestemmingen

Om een duidelijk beeld te krijgen van de mogelijkheden, kan een tabel worden gebruikt om de verschillen tussen de bestemmingen en locaties te visualiseren. De onderstaande tabel geeft een overzicht van de toegestane locaties, de vereiste vergunningen en de redenen voor toestaan of uitsluiting.

Locatie / Bestemming Toelaatbaarheid Sport Vereiste Procedure Reden / Context
Bedrijventerrein De Oude Veiling Toegestaan Geen specifieke afwijking nodig (indien bestemming 'Bedrijfsdoeleinden' geldig) Sport is toegestaan binnen 'Bedrijfsdoeleinden'.
Bedrijventerrein Westfrisia Gedoogd Afwijkingsprocedure nodig (indien bestemming niet direct toestaat) Vestigingen zijn gedoogd vanwege gebrek aan alternatieven; grenst aan woonwijken Bangert en Oosterpolder.
Bedrijventerrein Westgat Mogelijk via beleidsregel Omgevingsvergunning nodig (afwijking plan) Geen functie 'Bedrijventerrein - 3'; wordt onderzocht voor functiemenging.
Bedrijventerrein Lemsterhoek Toegestaan Geen afwijking (indien functie 'Bedrijventerrein - 3' geldt) Doel is functiemenging en vermindering van overlast voor wonen.
Van Aalstweggebied Toegestaan na beleidswijziging Geen specifieke afwijking (na besluit) Toegevoegd aan de lijst van gebieden waar sport mag vestigen.
Lageweg / Verlengde Lageweg Toegestaan Afhankelijk van bestemming Bedrijfslocaties die geschikt zijn voor sport.
Woonwijken Onwenselijk / Uitgesloten Niet toegestaan Gevoelige functie; risico op geluids- en verkeersoverlast.
Zwolse Hoek / Kamperhoek / Port of Urk Onwenselijk Niet toegestaan Onverenigbaar met categorie 3-4 bedrijven; verkeersdruk te hoog.
Voormalige agrarische percelen Onwenselijk Niet toegestaan Ligging aan hoofdwegen; verkeersveiligheid en oversteekproblemen.

Impact van Geluid en Verkeer op de Omgeving

Een van de belangrijkste overwegingen bij het verlenen van een omgevingsvergunning is de impact op de omgeving. Sportscholen en fitnesscentra genereren een specifiek type verkeer dat anders is dan dat van traditionele bedrijven. Fietsers met een recreatieve bestemming en hardlopers komen op de locatie aan, wat op drukke bedrijventerreinen een onwenselijke toevoeging kan zijn.

In woonwijken is de functie 'Wonen' een 'gevoelige functie'. Dit betekent dat streng gekeken moet worden naar geluidsoverlast. Een sportschool kan geluid produceren dat de rust in de woonwijk verstoort. Daarnaast kan het extra verkeer leiden tot een verminderde verkeersveiligheid en parkeerproblemen. Daarom is er voor gekozen om een functiewijziging van Wonen naar sportschool/fitnesscentrum uit te sluiten.

Op bedrijventerreinen zoals Zwolse Hoek, Kamperhoek en Port of Urk is de situatie anders. Hoewel sportscholen geen geluids- of geurgevoelige functie zijn in de zin van de milieuwetgeving, is het toch een verblijfsfunctie die ruimtelijk niet goed past op een terrein waar ook categorie 3-4 bedrijven gevestigd zijn. De combinatie met zwaardere industrieel of logistiek bedrijven creëert een onverenigbare omgeving voor een sportfaciliteit. De verkeersstroom die door de sportschool wordt gegenereerd, past niet bij de bestemming van deze specifieke terreinen.

Voor locaties in het buitengebied, zoals voormalige agrarische percelen, is de impact op de hoofdontsluitingswegen significant. Het oprichten van een sportcentrum op deze locaties brengt een dagelijkse toestroom van verkeer met zich mee, wat een oversteek van de Staart-, Urker- of Domineesweg vereist. Dit kan de verkeersveiligheid op deze belangrijke assen ondermijnen. De gemeente geeft de voorkeur aan locaties binnen de bebouwde kom, waar kortere verkeersbewegingen en de praktische voordelen van nabijheid van voorzieningen de verkeersveiligheid en overlast beperken.

Beleidsontwikkeling en Toekomstperspectief

De ontwikkeling van het beleid rondom de vestiging van sportfaciliteiten op bedrijventerreinen is een continu proces. De gemeente moet een balans vinden tussen het faciliteren van de groeimarkt van private sport en het behoud van de primaire functie van de bedrijventerreinen. De beleidsregel 'Vestigingsbeleid Bedrijventerreinen' is hierin een centraal instrument. Deze regel is aangepast en verduidelijkt om duidelijkheid te scheppen over welke gebieden geschikt zijn.

De toekomst ligt in de functiemenging. Op terreinen als Lemsterhoek wordt actief gestreefd naar een meer functiegemengd terrein. Dit betekent dat op langere termijn het bedrijventerrein minder gericht is op sterk gezoneerde bedrijvigheid en er minder overlast ontstaat voor in de buurt liggende woonwijken. Door de toevoeging van sportfaciliteiten wordt een betere integratie bereikt.

De beleidskeuze om bepaalde terreinen (zoals Westgat) als mogelijke locaties te bestempelen, laat zien dat de gemeente bereid is om flexibel te zijn, mits er een omgevingsvergunning wordt verkregen. Dit creëert ruimte voor innovatie en nieuwe functies binnen de bestaande ruimtelijke structuur. Tegelijkertijd blijven bepaalde gebieden, zoals woonwijken en zware industrieterreinen, afgeschermd voor sportfaciliteiten om de rust en veiligheid te bewaren.

Conclusie

De vestiging van een commerciële sportschool of fitnesscentrum op een bedrijventerrein in de gemeente Urk is een proces dat diepgaande kennis vereist van de lokale regelgeving, bestemmingen en de impact op de omgeving. Er zijn specifieke locaties waar deze functies worden toegestaan, zoals het bedrijventerrein De Oude Veiling, het gedeelte van Westfrisia nabij Zwaag, en het Van Aalstweggebied. Op andere locaties, zoals woonwijken en zware industrieterreinen, is de vestiging uitgesloten vanwege geluids- en verkeersoverlast.

De sleutel tot succes ligt in het correcte gebruik van de omgevingsvergunning en het begrijpen van de specifieke bestemmingen. De gemeente heeft een duidelijk beleid ontwikkeld dat de sportbranche faciliteren kan zonder de primaire functie van de bedrijventerreinen te ondermijnen. Dit vereist een zorgvuldige beoordeling van elke aanvraag, waarbij de impact op geluid, verkeer en de leefomgeving centraal staat.

Voor ondernemers is het dus cruciaal om te weten welke locaties geschikt zijn en welke procedure moet worden gevolgd. Een goed begrip van de beleidsregels en de specifieke bestemmingen binnen het omgevingsplan is essentieel voor het slagen van een aanvraag. De gemeente Urk biedt hierin duidelijke richtlijnen en mogelijkheden, maar vereist ook een strenge toetsing van de invloeden op de omgeving.

Bronnen

  1. Lokale regelgeving: CVDR277922
  2. Lokale regelgeving: CVDR734322

Gerelateerde berichten