Omgevingsvergunning voor Zorgboerderijen: Juridisch Kader, Ruimtelijke Afweging en Praktische Toepassing

De vergunningsprocedure voor het vestigen of omzetten van een bestaand bedrijf tot een zorgboerderij is een complex juridisch en ruimtelijk vraagstuk dat een zorgvuldige afweging vereist tussen behoud van het agrarisch karakter en de noodzaak aan kwalitatieve zorg. In de Nederlandse ruimtelijke ordening vormen zorgboerderijen een speciaal type voorziening waarbij een agrarisch bedrijf als hoofdfunctie behouden blijft, terwijl zorg als nevenfunctie wordt toegevoegd. Deze dubbele bestemming vereist een specifiek toetsingskader dat door gemeenten zoals Westerveld en Zoeterwoude wordt ingezet om de impact van deze instellingen op de leefbaarheid en het landschap te bepalen.

De kern van het vergunningsproces ligt in het onderscheid tussen zorg als hoofdfunctie en zorg als nevenfunctie. Wanneer zorg de hoofdactiviteit wordt, is de agrarische bestemming niet langer haalbaar en moet er gekozen worden voor een maatschappelijke bestemming. Echter, bij kleinschalige zorg als nevenfunctie binnen een bestaand agrarisch bedrijf is een ontheffing of een omgevingsvergunning noodzakelijk om de wettelijke kaders te omzeilen of te benutten. Dit artikel analyseert het juridische kader, de ruimtelijke afwegingen, de maximale oppervlaktes die toegestaan zijn, en de procedurele stappen die nodig zijn voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor een zorgboerderij.

Juridisch Kader en Bestemmingsplanregeling

Het juridische fundament voor de vestiging van een zorgboerderij ligt in het bestemmingsplan. In veel gevallen is zorg niet expliciet in de bestemming "agrarisch bedrijf" opgenomen. Dit betekent dat elke aanvraag voor een zorgboerderij een afwijking of ontheffing vereist. Het kader hiervoor wordt bepaald door de zogenaamde "nota toetsingskader zorg- en opvangvoorzieningen". Dit document, zoals gehanteerd door gemeente Westerveld, definieert de voorwaarden waaronder zorg als nevenfunctie toegestaan is binnen een agrarisch bedrijf.

Het cruciale onderscheid ligt in de aard van de zorgfunctie. Als zorg een nevenfunctie is, wordt uitgegaan van een kleinschalige vorm. De richtlijnen suggereren dat dit doorgaans neerkomt op maximaal 5 dagopvangplaatsen en 5 plaatsen voor 24-uurs opvang. Dit is een harde grens die de kleinschaligheid garandeert en voorkomt dat de locatie zich ontwikkelt tot een grootschalige instelling die het karakter van het buitengebied zou kunnen verstoren.

Voor zorgboerderijen waarin zorg de hoofdfunctie is, geldt een ander regime. In deze situatie is het behoud van de agrarische bestemming niet mogelijk. Voor dergelijke instellingen is een "maatschappelijke bestemming" het meest voor de hand liggende juridische instrument. Een maatschappelijke bestemming omvat een breed spectrum aan voorzieningen, waaronder educatieve, sociale, medische en sociaal-culturele diensten voor het algemeen belang. Een voorbeeld hiervan is het Zorg- en therapiecentrum Wittelte, dat onder deze bestemming valt.

De procedure voor het verkrijgen van een ontheffing of omgevingsvergunning is strikt gereguleerd. Bij een nevenfunctie binnen een agrarisch bedrijf moet er een ontheffing worden aangevraagd. Deze ontheffing is vaak gekoppeld aan een maximum aan oppervlakte van de bebouwing die voor de zorgfunctie mag worden gebruikt. De maximale toegestane oppervlakte voor deze nevenfunctie verschilt per bestemming. Bij een agrarische bestemming bedraagt dit maximaal 350 m² aan bebouwde oppervlakte die voor zorg mag worden gebruikt. Binnen deze ontheffing kan ook kwaliteit als toetspunt worden meegenomen, hoewel een kwaliteitskeurmerk niet als strikte ontheffingsvoorwaarde wordt gehanteerd, maar wel als stimulans voor de lokale economie en leefbaarheid.

Ruimtelijke Afweging en Leefbaarheid

De ruimtelijke afweging is een essentieel onderdeel van de omgevingsvergunning. Niet alle locaties lenen zich voor de vestiging van een zorgboerderij. Bij de beoordeling van een aanvraag moet rekening worden gehouden met factoren als voldoende parkeerruimte en mogelijke hinder voor naastgelegen percelen. Deze aspecten vallen onder de brede afweging die plaatsvindt in het kader van het toetsingskader.

De gemeente moet afwegen of de vestiging draagvlak heeft binnen de bestaande gemeenschap. Belangrijke punten voor deze afweging zijn de schaalgrootte, de locatiekeuze, de verkeersveiligheid, de kwaliteit van de zorg, het aantal reeds aanwezige instellingen in de regio en de bereidheid van de aanvrager om afspraken te maken met de gemeente. De gemeente hecht waarde aan het behoud van haar agrarische en recreatieve uitstraling. Het doel is dat de vestiging van de zorgboerderij het karakter van de gemeente niet wezenlijk aan tast.

Een specifiek voorbeeld van de ruimtelijke impact komt aan de orde bij de aanvraag van een zorgboerderij in Westerveld. De gemeente merkt op dat grote aantallen mensen naar het buitengebied kunnen komen als er een uitbreiding van 24-uursopvang wordt toegestaan. Dit creëert een risico voor de leefbaarheid. Daarom wordt bij de toetsing gekeken naar de doelgroep en de omvang. De praktijk leert dat alleen inwoners uit de directe omgeving gebruikmaken van dagopvang, terwijl 24-uursopvang vaak wordt gebruikt door mensen van elders in Nederland. Dit betekent dat 24-uursopvang een groter verkeer kan genereren dan dagopvang, wat de verkeersveiligheid en de rust in het buitengebied kan beïnvloeden.

In de kern van het dorp zijn er andere regels. In bestemmingsplannen voor de bebouwde kom (komplannen) is er geen ontheffingsmogelijkheid voor bedrijfsmatige zorg opgenomen. Een dergelijk verzoek vereist een partiële herziening van het bestemmingsplan of een buitenplanse gebruiksontheffing. Dit vereist vaak maatwerk en een uitgebreide procedure. Dit onderscheid tussen buitengebied en bebouwde kom is cruciaal voor de vergunningen.

Het Voorbeeld van Zorgboerderij Het Trekpeerd

Om de theoretische kaders te illustreren, kijken we naar het concrete voorbeeld van "Zorgboerderij Het Trekpeerd" in Geuwensbrug. Deze locatie functioneert als een boerenbedrijf met een combinatie van camping en zorgboerderij. Dit voorbeeld demonstreert hoe een nevenfunctie in de praktijk wordt geïmplementeerd.

Het Trekpeerd biedt een beperkt aantal plaatsen, wat in lijn is met de richtlijnen voor kleinschaligheid. Het streven is om per dagdeel 2 tot 3 mensen dagopvang te bieden. De capaciteit is als volgt verdeeld: - Maximaal 4 cliënten per dag voor 10 dagdelen in de week. - 4 plekken voor 24-uursopvang. - 1 plek voor crisisopvang voor maximaal 3 maanden.

De doelgroepen van deze zorgboerderij zijn divers en omvatten mensen met een verstandelijke beperking, mensen met verslavingsproblematiek, mensen met autisme en mensen met een burn-out. Dit toont aan dat het concept van de zorgboerderij flexibel is en kan inspelen op verschillende zorgbehoeften. De financiering gebeurt vooral via PGB (Persoonsgebonden Budget), maar ook zorg in natura behoort tot de mogelijkheden.

Deze praktijk laat zien dat de gemeente bij de beoordeling van een omgevingsvergunning kijkt naar de concrete invulling van de zorg. Het feit dat er sprake is van een boerenbedrijf als basis, maakt dat de agrarische bestemming behouden kan blijven, mits de zorg als nevenfunctie binnen de gestelde maximale oppervlakte van 350 m² blijft. De locatie van Het Trekpeerd, met haar combinatie van agrarisch bedrijf en zorg, illustreert hoe de gemeente probeert het lokale karakter te behouden terwijl er toch zorgvoorzieningen worden geboden.

Procedures en Vergunningsproces

Het proces voor het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor een zorgboerderij is niet altijd soepel. Een actueel voorbeeld is de omgevingsvergunning voor een locatie aan de Weipoortseweg 2A in Zoeterwoude. Dit dossier betrof het veranderen van een bestaande excursieruimte tot een zorgboerderij voor dagbesteding van cliënten. Het dossier lag reeds sinds 2020 bij de gemeente, wat aanleiding gaf tot vragen over de lange doorlooptijd.

De politieke discussie rondom deze vergunning toont de complexiteit van het proces. De VVD-stemmen benadrukken het belang van duidelijkheid bij vergunningsprocedures en vragen zich af inwoners in de naburige regio (zoals Leiderdorp of Leiden) grofvuil kunnen inleveren na het vervallen van gemeenschappelijke regelingen. Hoewel dit laatste punt over grofvuil niet direct met zorg te maken heeft, illustreert het de bredere context van gemeentelijke samenwerking en regels die van invloed kunnen zijn op de lokale voorzieningen.

In de raadsvergadering van Zoeterwoude werd geconstateerd dat de gemeente moet samenwerken met de provincie voor de verkeersveiligheid op kruispunten, aangezien de N206 een provinciale weg is. Dit onderstreept dat een omgevingsvergunning niet alleen over de bestemming gaat, maar ook over de impact op de infrastructuur en verkeersveiligheid. Het tragische ongeval waarbij een 13-jarige om het leven kwam, leidde tot een unanieme motie voor betere verkeersveiligheid, wat een directe invloed kan hebben op de toelating van nieuwe zorgvoorzieningen die extra verkeer genereren.

De procedure voor een zorgboerderij als nevenfunctie vereist dus een ontheffing of omgevingsvergunning die gekoppeld is aan een maximale oppervlakte. Voor locaties waar zorg de hoofdfunctie is, is een partiële herziening van het bestemmingsplan of een projectbesluit nodig. Dit is vaak maatwerk. De gemeente moet beoordelen of de aanvraag past binnen de bestaande kaderregels en of er sprake is van voldoende draagvlak.

Vergelijking van Bestemmingen en Capaciteiten

Om de verschillen tussen de diverse vormen van zorg en hun juridische status te verduidelijken, is een vergelijking van de bestemmingen en hun beperkingen nuttig. De onderstaande tabel vat de kernpunten samen uit het toetsingskader.

Kenmerk Zorg als Nevenfunctie (Agarisch) Zorg als Hoofdfunctie Maatschappelijke Bestemming
Bestemming Agrarisch bedrijf Maatschappelijke doeleinden Maatschappelijke doeleinden
Maximale Capaciteit Max. 5 dagopvang, 5 x 24-uurs Geen specifieke limiet (afhankelijk van vergunning) Geen specifieke limiet
Oppervlakte Max. 350 m² voor zorggebouwd Geheel pand voor zorg Geheel pand voor zorg
Procedure Ontheffing / Omgevingsvergunning Partiële herziening bestemmingsplan Maatwerk of projectbesluit
Doelgroep Kleinschalig, lokaal en regionaal Divers, vaak grootschalig Divers, openbare dienstverlening
Voorbeeld Het Trekpeerd (Geuwensbrug) Zorg- en therapiecentrum Wittelte Zorg- en therapiecentrum Wittelte

Uit de tabel blijkt dat de gemeente Westerveld een duidelijk onderscheid maakt tussen kleinschalige zorg als nevenfunctie en grootschalige zorg als hoofdfunctie. Bij de nevenfunctie is de focus op behoud van het agrarische karakter, terwijl bij de hoofdfunctie de agrarische bestemming niet meer mogelijk is. Dit onderscheid is essentieel voor de vergunningsaanvraag.

Kwaliteit, Veiligheid en Lokale Impact

Een belangrijk toetspunt bij de omgevingsvergunning is de kwaliteit van de zorg. Hoewel een kwaliteitskeurmerk niet als ontheffingsvoorwaarde wordt gehanteerd, wil de gemeente dit stimuleren voor het behoud van de lokale economie en leefbaarheid. De gemeente wil dat grootschalige instellingen draagvlak hebben in de gemeente. Hiervoor zijn afspraken tussen de gemeente en de aanvrager noodzakelijk.

Verkeersveiligheid is een ander cruciaal aspect. Zoals geïllustreerd in de motie over de kruising Dirk van Santhorstweg – N206, moet de gemeente de impact van extra verkeer door zorgvoorzieningen afwegen. De mogelijke hinder voor naastgelegen percelen en de verkeersveiligheid zijn direct gerelateerd aan de toelating van nieuwe instellingen.

De praktijk leert dat juridisch kaderen voor het beperken van het aantal instellingen per type (bijvoorbeeld max. 10 horecabedrijven of 1 seksinrichting) goed mogelijk zijn in het bestemmingsplan. Echter, voor maatschappelijke doeleinden, waaronder zorgvoorzieningen, bestaat dit juridisch kader nog niet volledig. Dit betekent dat alles wat niet kan worden gehandhaafd vanwege het ontbreken van een juridisch kader, in de praktijk vaak toegestaan lijkt te worden. Dit creëert een gat in de regulering dat de gemeente moet overbruggen met maatwerk en afwegingen.

Conclusie

Het verkrijgen van een omgevingsvergunning voor een zorgboerderij is een proces dat vereist dat de aanvrager en de gemeente nauw samenwerken binnen het bestemmingskader. Het onderscheid tussen zorg als nevenfunctie en zorg als hoofdfunctie bepaalt de te volgen procedure: een ontheffing voor een agrarisch bedrijf met zorg als bijbaan, of een herziening van het bestemmingsplan voor een volledig zorgcentrum. De maximale oppervlakte van 350 m² en de limiet van 5 plaatsen voor dag- en 24-uursopvang vormen de randvoorwaarden voor de kleinschalige vorm. De gemeente heeft een belang bij het behoud van het agrarisch karakter, terwijl tegelijkertijd de behoefte aan zorg in het buitengebied wordt ingevuld. Het succes van de vergunningsprocedure hangt af van de afweging tussen lokale leefbaarheid, verkeersveiligheid en de kwaliteit van de zorg.

Bronnen

  1. Raadsvergadering Zoeterwoude - Nieuws VVD Zoeterwoude
  2. Nota Toetsingskader Zorg- en Opvangvoorzieningen - Lokale Regeling

Gerelateerde berichten